cultuur

‘Museum Boijmans van Beuningen moet kunst teruggeven’

Door Tom Reijner - 26 november 2013

Een groep erfgenamen van de Duits-Nederlandse kunstverzamelaar Frans Wilhelm Koenigs (1881-1941) wil dat museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam duizenden tekeningen en schilderijen teruggeeft. Familieleden van Koenigs beginnen daartoe een civiele procedure.

Dat is de strekking van een brief die de Rotterdamse gemeenteraad vorige week dinsdag heeft ontvangen van de erfgenamen onder leiding van kleindochter Christine Koenigs. De collectie, zo’n vijfendertig werken, is de meest waardevolle van het museum.

De familie wil dat werken van onder anderen Rembrandt, Rubens en Dürer worden ondergebracht in Amsterdamse musea. ‘In elk geval moeten ze weg uit Rotterdam,’ zegt Christine Koenigs dinsdag tegen website Dichtbij.nl.

Crisis

Kunstverzamelaar Koenigs was voor de Grote Depressie in het begin van de jaren dertig van de vorige eeuw een rijk bankier en groot kunstverzamelaar.

Door de financiële crisis kwam hij echter in financiële problemen, waardoor hij zich genoodzaakt zag geld te lenen bij de Lisser & Rosenkranz-bank.

Zijn omvangrijke kunstcollectie diende als onderpand voor dat geleende geld en werd in bruikleen gegeven aan het toenmalige museum Boymans (tegenwoordig Museum Boijmans Van Beuningen).

Schenking

Toen de bank besloot de collectie-Koenigs te verkopen, kwam Rotterdams ondernemer Daniël George van Beuningen in beeld. Hij kocht de collectie, waarna een groot deel aan het Museum Boymans werd geschonken. Ook Koenigs zelf was daar gelukkig mee: zijn collectie bleef in Nederland.

Maar die vreugde verdween toen bleek dat Van Beuningen andere werken aan de nazi’s had verkocht. Die werken kwamen later via het Rode Leger in Rusland en Oekraïne terecht. Over het Russische deel wordt al jaren onderhandeld.

Rechtmatig

De erfgenamen vinden dat zij de rechtmatige eigenaren zijn van de collectie in het Rotterdamse museum, tekeningen die overigens voor het grootste deel alleen op verzoek te bekijken zijn, omdat zij vanwege hun kwetsbaarheid zijn opgeslagen in zwarte dozen.

Een eerdere claim van Christine Koenigs werd in 1997 door de Nederlandse staat afgewezen. Onderzoek wees uit dat er na Franz Koenigs twee eigenaren zijn geweest van de collectie en dat Koenigs zelf op een bepaald moment geen eigenaar meer was.

Koenigs erfgenamen hadden als gevolg daarvan geen recht meer op de tekeningen en schilderijen, zo oordeelde de Staat destijds.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.