Roberta N. Haar

Wordt Amerika steeds ondemocratischer?

Door Roberta N. Haar - 13 november 2018

Na de midterms lijkt Amerika politiek gezien steeds meer verdeeld te raken. Het is belangrijk om deze verdeeldheid niet uit te buiten, maar te overbruggen, stelt Roberta Haar.

(lees hier deze tekst in het Engels)

Amerika stemde bijzonder verdeeld tijdens de midterm-verkiezingen vorige week. De hoge opkomst was een nieuw signaal dat president Donald Trump zowel enthousiasme als weerstand bij kiezers oproept. Sommige politicologen stelden dat Amerika ondemocratischer wordt, omdat het platteland de winnaar is.

Vijf mensen en twee bizons

De dag na de verkiezingen keek ik naar het programma Beyond 100 Days, waarin David Frum, hoofdredacteur van The Atlantic, werd geïnterviewd. Frum herhaalde het bekende argument dat het Amerikaanse politieke systeem oneerlijk is. Dit zou komen omdat de kusten minder meetellen dan de staten ertussen, het platteland meer meetelt dan de steden en blanke stemmers meer meetellen dan zwarte of bruine. Volgens Frum bevindt de Amerikaanse democratie zich daarmee in een heuse existentiële crisis. Presentatrice Katty Kay was het hiermee eens. Kay beargumenteerde dat de machtsverdeling onevenredig is omdat North Dakota, waar ‘vijf mensen en twee bizons wonen’, evenveel Senatoren heeft als New York.

Geen blauwe tsunami

Het onevenredige resultaat van verkiezingen waarover Kay sprak, leidde ertoe dat de Republikeinen hun meerderheid in het Senaat hebben vergroot, dankzij blanke stemmers op het platteland. De macht in het Huis van Afgevaardigden, waar vertegenwoordiging proportioneel naar bevolking is verdeeld, werd in de voorsteden bepaald. Hier botsen de landelijke stemmers met de stedelijke. In de steden is er veel ontevredenheid over Trump en stemden de kiezers in meerderheid op de Democraten. Dit betekent dat als alle politieke macht in Amerika proportioneel naar bevolking was, de Democraten wellicht hun ‘blauwe golf’ hadden kunnen waarmaken.

Kay en Frum zeggen dat dit niet is gelukt omdat het systeem in het voordeel van de Republikeinen is, aangezien hun stemmers in dunbevolkte gebieden wonen. Trump onderstreepte dit toen hij de dag na de verkiezingen tweette over een ‘grote overwinning’. Tijdens een persconferentie zij hij dat de resultaten van de verkiezingen goed waren. Trump stelde dat aangezien de Democraten het niet zo goed deden als verwacht, het resultaat een overwinning voor hem was. Zo wuifde hij de ‘blauwe golf’ weg.

De kracht van diversiteit

Wat beide partijen niet willen of kunnen begrijpen, is dat diversiteit Amerika sterk maakt. Dat er grote verdeeldheid is, is niets nieuws. De Verenigde Staten hebben een federaal systeem omdat de samenleving vanaf het begin verdeeld was.

Het lijkt alsof Democraten en Republikeinen vergeten dat de boodschap van een kandidaat voor het hele land aantrekkelijk moet zijn. Beide partijen vergeten dat presidentskandidaten grote verschillen moeten overbruggen om eendracht te creëren. Hillary Clinton deed dit niet toen ze het platteland verwaarloosde in haar campagne. Ook Obama liet een gebrek aan inlevingsvermogen zien toen hij zei dat het platteland ‘vasthoudt aan geweren en geloof’. Noch Clinton, noch Obama vond de plattelandsstemmers belangrijk genoeg om naar ze te luisteren.

Zoals ik in eerdere columns schreef, leed landelijk Amerika hieronder. Totdat Trump het voor ze opnam. Ironisch genoeg krijgen de gebieden waar Trump de meeste stemmen kreeg de meeste financiële steun van de overheid. Dit doet denken aan het Verenigd Koninkrijk, waar de meeste Brexit-stemmers wonen in plaatsen waar de meeste EU-steun naartoe gaat. Kiezers in uitzichtloze, landelijke gebieden willen geen liefdadigheid, maar waardigheid.

Een paarse golf

Gelukkig zijn er nog Republikeinen en Democraten die wél begrijpen dat luisteren naar stemmers leidt tot succes bij de midterms. Het lukte een aantal Democratische kandidaten om gouverneur te worden in Republikeinse staten als Wisconsin, Michigan en Kansas.

Niet iedere kandidaat die voor alle stemmers wilde opkomen won, maar er is toch succes geboekt. Het lukte ze om meer stemmers te registreren, partijleden te stimuleren, nieuwe infrastructuren te bouwen in de partij en meer naar hun kiesdistricten te luisteren. Zo bezocht Texaans Senaatskandidaat Beto O’Rourke elke county (de bestuurlijke eenheid waarin elke staat behalve Louisiana en Alaska is onderverdeeld) en haalde hij een record aan donaties op in de laatste dagen voor de verkiezingen.

In mijn geboortestaat South Dakota (waar slechts 850.000 inwoners en inderdaad veel bizons wonen), lukte het Billy Sutton bijna om de eerste Democratische gouverneur in veertig jaar te worden. Zijn verkiezingssucces leunde op een strategie waarin centristische politieke standpunten en betrokkenheid met de burgers voorop stonden. South Dakota was vroeger een ‘paarse staat’, een staat waar de inwoners hun stemmen meestal verdeelden tussen de twee partijen. Er was een voorkeur om te stemmen op een individu, niet op partij. Suttons ‘luistertour’ zorgt er misschien weer voor dat de staat paars wordt.

Een paars Amerika, verenigd door diversiteit, is een veel beter land dan wanneer het verdeeld is in blauwe stedelijke enclaves en rode landelijke gebieden.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.