economie

Aanpak scheefwoner is hoofdpijndossier

Door Jean Dohmen - 19 oktober 2016

De aanpak van scheefwoners, huurders met een te hoog inkomen voor een sociale huurwoning, ontwikkelt zich tot een hoofdpijndossier voor het kabinet. De Woonbond, die opkomt voor de belangen van huurders, begint een rechtszaak om zo’n 365 miljoen euro aan wellicht onterecht betaalde huurverhoging terug te eisen.

Het kabinet wil scheefwonen aanpakken. Huurders die meer dan een modaal inkomen verdienen, konden sinds 2013 een extra, inkomensafhankelijke huurverhoging krijgen. Bij honderdduizenden huurders is dat ook gebeurd.

Daarmee wilde het kabinet bereiken dat deze huurders plaatsmaken voor lagere inkomens. De rijkere huurders moesten een duurder huis in de vrije sector huren of een huis kopen. Het kabinet vindt dat scheefwoners niet in een goedkope sociale huurwoning moeten wonen.

Bij een bruto huishoudinkomen van meer dan 43.786 euro per jaar mocht de huur per 1 juli 2015 volgens het kabinet met maximaal 5 procent stijgen. Bij inkomens tussen 34.229 en 43.786 euro mocht de huur 3 procent omhoog, bij lagere inkomens niet meer dan 2,5 procent.

Geen bedragen, maar lettercodes

Woningcorporaties konden bij de Belastingdienst informatie opvragen over het inkomen van huurders, en deden dat massaal. De fiscus gaf geen bedragen door, maar lettercodes. De letter N staat voor lagere inkomens die geen extra huurverhoging krijgen, de letter J voor inkomens die de maximale huurverhoging kunnen krijgen.

De hoogste bestuursrechter, de Raad van State, oordeelde begin dit jaar echter dat de fiscus die gegevens niet mocht verstrekken aan de verhuurders. Volgens de rechter ontbrak daarvoor de wettelijke basis.

VVD-minister Stef Blok (Wonen) en VVD-staatssecretaris Eric Wiebes (Financiën) hebben vervolgens getracht dat gat in de wet te dichten, waardoor de inkomensverklaringen wel verstrekt kunnen worden. De Woonbond is echter van mening dat het nog steeds illegaal is.

Rekening doorschuiven naar kabinet

De directeur van de Woonbond, Ronald Paping,  meldt in een persbericht dat ‘bij huurders vanaf een bescheiden middeninkomen jaar op jaar de privacy is geschonden zodat verhuurders enorme huurverhogingen konden eisen.’

Als de rechter inderdaad zou beslissen dat huurders onterecht huurverhogingen moesten betalen, is dat een flinke financiële tegenvaller voor de verhuurders.

Niet uitgesloten is dat zij in dat geval de rekening proberen door te schuiven naar het kabinet. De verhuurders betalen op hun beurt namelijk een ‘verhuurdersheffing’, die volgens het kabinet oploopt tot 1,7 miljard euro in 2017.

‘Bij invoering is er rekening mee gehouden dat verhuurders de heffing kunnen betalen uit de inkomensafhankelijke huurverhoging. Die werd drie jaar geleden mogelijk gemaakt om het scheefwonen aan te pakken,’ aldus het kabinet deze zomer in een evaluatie.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.