economie

Profiteert Nederland echt al van Oekraïne-verdrag?

Door Bauke Schram - 23 november 2016

Handel tussen landen van de Europese Unie (EU) en Oekraïne, neemt behoorlijk toe. Een van de redenen dat ook de Nederlandse export naar het Oost-Europese land stijgt, is het effect van de voorlopige inwerkingtreding van het associatieverdrag.

In de eerste drie kwartaal van 2016 is het handelsvolume tussen Nederland en Oekraïne met 3,7 procent gestegen, meldt het dagblad Trouw op basis van cijfers van de Europese Commissie. Het handelsvolume is toegenomen tot 1,17 miljard euro en vooral Nederland profiteert van een sterk toegenomen export.

carla-76x76Carla Joosten: Rutte, doe niet zo moeilijk. Ratificeer Oekraïne-verdrag nou niet

DCFTA

De EU heeft ervoor gezorgd dat specifieke Oekraïense importtarieven al behoorlijk zijn verlaagd. Op 1 januari werd de Deep and Comprehensive Free Trade Area (DCFTA) in het leven geroepen, het economische deel van het associatieverdrag. Dit betekent dat Oekraïne onder bepaalde voorwaarden en regels deel uitmaakt van een vrijhandelszone met de Europese Unie.

In hoeverre de DCFTA bijdraagt aan de handelsgroei en de toenemende export naar Oekraïne, is nog niet bewezen. De afgelopen jaren stond Oekraïne vooral in het teken van het conflict met pro-Russische rebellen, dus dat handelsactiviteiten nu weer opkrabbelen, is niet verbazend. Zo was het handelsvolume tussen Nederland en Oekraïne in 2013 nog 2 miljard euro. Juist Nederland heeft de andere ‘delen’ van het verdrag nog niet geratificeerd, omdat een meerderheid van de kiezers ‘nee’ stemde tijdens het referendum in april.

Op 16 november werd de Tweede Kamer nog overvallen door het nieuws van minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken, PvdA) over een voorstel van de Europese Commissie om de handel tussen de EU en Oekraïne te vergemakkelijken en te bevorderen.

Industrieproducten

Vrijwel uit het niets werd het voorstel naar voren gebracht door de Commissie, en Koenders heeft aangegeven dat Nederland nogal verbaasd was over de plotselinge ontwikkelingen. Ook zou een ruime meerderheid van de lidstaten moeite hebben met de verlaging van invoeringstarieven op landbouw- en industrieproducten.

Het zijn vooral de invoertarieven op industriële producten die worden verlaagd. Nederland profiteert van die liberalisering: eenderde van het exportvolume komt uit de verkoop van industriële goederen als landbouwmachines en grote voertuigen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.