ECB

Zoveel ‘kostte’ het redden van de euro

Door Bauke Schram - 31 juli 2017

Vijf jaar geleden, toen de eurocrisis op het hoogtepunt was, deed Mario Draghi, president van de Europese Centrale Bank, een bijzondere belofte. ‘Koste wat het kost’ moest de euro worden gered. Nu is bekend hoe hoog die kosten precies waren.

‘Geloof me, het zal genoeg zijn,’ zei Draghi in 2012 (ironisch genoeg tijdens een toespraak in Londen). Toen beloofde hij dat de Europese Centrale Bank (ECB) de euro zou redden. Wat volgde was onder meer een opkoopprogramma van ongekende proporties dat sinds 2014 loopt. Aanvankelijk kocht de ECB 80 miljard euro per maand aan obligaties op, sinds april gaat het om 60 miljard euro per maand.

Muntunie zonder noodventiel: zoveel kost de euro

Voorlopig blijft het programma intact. Dit zogeheten kwantitatieve verruimingsprogramma loopt eind dit jaar af, maar wordt mogelijk verlengd.

1,2 biljoen

Analisten van Deutsche Bank berekenden hoeveel de maatregelen van de ECB om de euro te redden, waaronder het kwantitatieve verruimingsprogramma, hebben gekost: 1.200 miljard euro.

Dit is de totale waarde van al het schuldpapier dat de ECB in zijn bezit heeft, het resultaat van jarenlang op grote schaal opkopen op de financiële markten. De ECB creëerde het geld voor deze aankopen uit het niets: een uniek voorrecht van centrale banken. In die zin heeft het belastingbetalers in de eurozone tot op heden niets gekost.

Het kan geld kosten als landen die het schuldpapier hebben uitgegeven, failliet gaan. Maar de kans daarop is, mede door de aantrekkende Europese economie, veel kleiner dan een paar jaar geleden.

Da Vinci Code

Op termijn kunnen de aankopen leiden tot geldontwaarding. Dat zouden burgers van de eurozone wel in de portemonnee voelen. Maar van snel stijgende inflatie is tot dusver geen sprake.

Opvallend is dat het bruto nationaal product (het bedrag dat burgers en bedrijven samen verdienen) van de eurozone ook met 1,2 biljoen euro is gegroeid de afgelopen vijf jaar. Omgerekend is ook de balans van de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve, er met dat bedrag op vooruitgegaan, en groeide de marktwaarde van de ‘FANG’-techbedrijven (Facebook, Amazon, Netflix en Alphabet, het bedrijf achter Google) de afgelopen vijf jaar met 1,2 biljoen euro. Volgens de Deutsche Bank-analisten moet er niet te veel worden gezocht achter het ‘Da Vinci Code-achtige’ bedrag.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.