Vestigingsklimaat

Unilever vertrekt: ‘Dividendbelasting speelde niet mee’

11 juni 2020

Het Brits-Nederlandse Unilever fuseert tot één Brits bedrijf. Hoe Nederlands is Unilever eigenlijk nog? En welke rol speelde de dividendbelasting in het besluit? Elsevier Weekblad sprak Unilever-topman Alan Jope.

Wat heeft Unilever precies besloten?

Unilever wordt een geheel Brits bedrijf. Tot nu toe had Unilever twee hoofdkantoren, één in Londen en één in Rotterdam. En officieel ook twee ‘moederbedrijven’, een Nederlandse NV en een Britse ‘PLC’. Die Nederlandse aandelen (55 procent van het totaal) worden nu omgezet in Britse, waardoor er één Brits bedrijf ontstaat. Unilever is in omzet het vierde bedrijf van Nederland, na Shell, Vitol en Ahold Delhaize.

Het voedings- en schoonheidsproductenbedrijf wilde al een tijd af van de ‘duale’ structuur en kiezen voor óf Nederland óf het Verenigd Koninkrijk. Twee jaar geleden besloot het nog Nederlands te worden, maar daar zag het vanaf onder druk van aandeelhouders in het Britse moederbedrijf.

Volgens Jope is het handig om één soort aandeel te hebben als je een overname of fusie wilt doen en die niet met schulden wilt betalen maar door nieuwe aandelen uit te geven. Dat deed het Nederlandse Just Eat Takeaway (moederbedrijf van Thuisbezorgd) donderdag bijvoorbeeld. Zij nemen de Amerikaanse concurrent Grubhub over. Aandeelhouders in Grubhub krijgen in ruil daarvoor 30 procent van alle aandelen in Just Eat Takeaway.

Hoe Nederlands is Unilever nog?

‘Unilever blijft een bedrijf met Brits-Nederlandse wortels,’ zegt topman Alan Jope. ‘Een sterk Unilever is ook goed voor Nederland.’ Hij benadrukt dat er voor Nederland weinig verandert. Hij heeft aan minister van Economische Zaken Eric Wiebes (VVD) beloofd dat alle banen hier behouden blijven. De voedingstak van het bedrijf wordt blijvend vanuit Rotterdam aangestuurd. En ook de onderzoeksafdeling in Wageningen blijft. Unilever heeft eveneens beloofd dat als Unilever ooit wordt opgesplitst, het voedingsmiddelenbedrijf Nederlands wordt en hier naar de beurs gaat. Mits Nederland een aantrekkelijk land blijft.

Maar het vernislaagje ‘oranje’ van Unilever was voordat dit besluit werd genomen, al erg dun geworden. De margarinedivisie, waarmee het in Nederland allemaal begon, was al afgestoten. En ook de Unox-worstenfabriek werd verkocht. Al met al werken er nog maar 2.500 mensen voor Unilever in Nederland. Bij Shell bijvoorbeeld zijn dat er 10.000, bij ASML ruim 12.000.

Hoe zat het ook alweer met de afschaffing van de dividendbelasting? Speelde dat mee?

Het kabinet-Rutte III nam zich in zijn Regeerakkoord voor om de dividendbelasting af te schaffen. Daarover ontstond veel commotie. Het zou een cadeautje zijn voor multinationals, waarvan vooral Shell en Unilever profiteerden. Rutte verdedigde de afschaffing fel, maar gooide de handdoek in de ring nadat Unilever het plan introk om Nederlands te worden. Vooral toenmalig Unilever-topman Paul Polman werd een kop van jut. Tegen het AD zei hij terugblikkend op de dividendbelastingrel: ‘Als je ooit wilt dat Unilever met zijn hoofdkantoor naar Nederland komt, kan dat nooit gebeuren met dividendbelasting.’

Tegen Elsevier Weekblad zegt Polmans opvolger Jope nu gedecideerd dat de dividendbelasting ‘niets’ te maken heeft met het besluit om een Brits bedrijf te worden. ‘Ik wou dat ik een smeuïger verhaal voor je had.’ Waarom Unilever dan wel 180 graden is gedraaid en niet koos voor een Nederlandse identiteit, maar voor een Britse? Dat heeft volgens Jope puur te maken met opname in de Britse beursindex FTSE 100.

Minder belastinginkomsten Nederland

Nadat Unilever er eerder voor koos om Nederlands te worden, bleek dat het dan uit de Britse aandelenindex zou verdwijnen. Daardoor zou het aandeel veel minder aantrekkelijk worden voor beleggers. Vandaar dat de aandeelhouders dwarslagen. De Nederlandse AEX-index doet veel minder moeilijk over opname van buitenlandse bedrijven. Dus een Brits Unilever blijft waarschijnlijk gewoon aan de Nederlandse beurs verhandelbaar.

Doordat Unilever Brits wordt, loopt Nederland wel flink wat dividendbelasting mis. Unilever keerde vorig jaar zo’n 2,4 miljard euro aan dividend uit op de Nederlandse aandelen. Daarop werd 15 procent dividendbelasting ingehouden, 350 miljoen euro dus. Een deel daarvan kan weer worden verrekend met andere belastingen, maar al met al scheelt het de Nederlandse fiscus toch flink wat geld.

Blijft het hierbij, of volgen andere bedrijven?

Dat is de vraag. Shell en Unilever stonden altijd al met één been in Londen en met één in Nederland. Nederland had jarenlang een gunstig belastingklimaat voor multinationals en trok buitenlandse hoofdkantoren aan. Maar experts waarschuwen dat Nederland nu een middenmoter is geworden en op sommige terreinen zelfs strenger of duurder dreigt te worden dan belangrijke concurrenten.

Een hoofdkantoor wordt natuurlijk niet zomaar verplaatst als de belasting omhoog gaat. Maar een economische crisis zorgt vaak voor een fusie- en overnamegolf. En als twee bedrijven samengaan, moet er ook worden gekozen: waar gaan we zitten, welk hoofdkantoor sluiten we? Zeker het Verenigd Koninkrijk is een geduchte concurrent voor Nederland geworden, met een gunstig belastingklimaat voor multinationals. Een truc die ze van Nederland hebben afgekeken. En die ze nog verder kunnen doorvoeren als het tot een harde Brexit zou komen en ze niet meer aan Europese belastingregels zijn gebonden.

Het is dus allesbehalve zeker dat alle hoofdkantoren die nu nog in Nederland zijn gevestigd, dat over een paar jaar nog steeds zijn.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren
Bij het plaatsen van een reactie geldt een aantal voorwaarden. Klik hier voor de voorwaarden.