economie

Angst dat studeren onbetaalbaar wordt, is nergens op gebaseerd

Door Ruud Deijkers - 09 maart 2015

Het verdwijnen van de basisbeurs leidde tot een golf van protest. Studeren zou onbetaalbaar worden. Dat is onzin. Elsevier legt uit waarom studeren straks helemaal niet duur is.

Na 29 jaar heeft de politiek een streep gezet door de basisbeurs. Generaties studenten groeiden op in de wetenschap dat ze elke maand een vast bedrag van de overheid kregen. Wie op tijd afstudeerde, hoefde dat geld niet terug te betalen.

Dat cadeautje – 286 euro per maand voor wie op kamers woont en 103 euro voor wie thuis blijft – verdwijnt met ingang van komend studiejaar. De angst dat studeren zo onbetaalbaar wordt, is nergens op gebaseerd. Ja, de meeste studenten krijgen geen geld meer cadeau, maar de voorwaarden waartegen de staat dat geld uitleent, zijn soepel.

Het terugbetalen blijft in de meeste gevallen beperkt tot een paar tientjes per maand, en wie aan het eind van zijn loopbaan nog steeds in het krijt staat, krijgt zijn schuld kwijtgescholden.

Kinderen van ouders die per jaar minder dan 46.000 euro bruto verdienen, zijn onder dit sociaal leenstelsel nog beter af. Of ze later nou medisch specialist of beroepswerkloze worden, ze krijgen straks maximaal 378 euro per maand cadeau.

Bang zijn voor een studieschuld is niet nodig. De lening is een investering in de eigen toekomst. En wie het slim aanpakt, kan de schuld bovendien flink beperken. Elsevier zet twaalf cruciale tips voor studenten op een rij.

1 Wees niet bang om te lenen voor de studie

De gemiddelde studieschuld is nu ongeveer 15.000 euro. Het Centraal Planbureau verwacht dat de gemiddelde schuld van studenten toeneemt tot 24.000 euro, zeg maar de prijs van een Volkswagen Golf.

Dat is veel geld, maar geen reden tot paniek. Afgestudeerden krijgen 42 jaar de tijd om af te lossen, inclusief twee aanloopjaren (de eerste twee jaar na het afstuderen) en vijf jokerjaren (voor magere tijden) waarin ze niets hoeven af te lossen. Daarna wordt de rest van de schuld kwijtgescholden.

Van elke euro die een afgestudeerde meer verdient dan het minimumloon, lost hij straks hooguit 4 cent af. Voorbeeld: een pas afgestudeerde met een brutoloon (inclusief vakantiegeld) van 2.500 euro per maand trekt daar het wettelijke minimumloon af – dit jaar 1.622 euro.

Over de resterende 878 euro betaalt hij maximaal 4 procent per maand. Dat is 35 euro. Dat is zo ­weinig, dat veel afgestudeerden hun studieschuld in de praktijk niet geheel aflossen.

2. De maximale lening bedraagt 100.000 euro

Studenten kunnen vanaf 1 september maximaal 1.178 euro per maand lenen bij uitvoeringsinstantie DUO. Wie vier jaar studeert, leent dan 56.544 euro. Studenten die langer doen over hun opleiding kunnen drie jaar extra bijlenen, tot een maximum van bijna 100.000 euro.

Lenen is niet verplicht: eenderde van de huidige studenten heeft helemaal geen schuld. Zij kunnen nu toe met de basisbeurs van gemiddeld 9.000 euro (5.000 euro voor thuis- en 13.000 voor uitwonende studenten) voor hun hele studietijd.

Vermoedelijk hoeven net zo veel aankomende studenten dan ook niet meer dan dat bedrag te lenen.

Uit het onderzoek Beste banen van Elsevier en SEO Economisch Onderzoek blijkt dat er typische ‘leenstudenten’ zijn. Zo lenen hbo’ers die een kunst- of cultuurstudie doen gemiddeld flink bij. Denk aan een conservatoriumstudent die een viool of piano nodig heeft. Zuur, want juist zij hebben na hun afstuderen een kleine kans op werk.

De balans is doorgaans redelijk in evenwicht. Zo lenen geneeskundestudenten veel, maar zij verdienen later meestal ook meer.

3. Kies goed, een tweede studie is duur

Spijt krijgen van een verkeerde keuze is kostbaar. Op de website bestestudies.elsevier.nl staan nuttige handvatten voor het kiezen van een passende opleiding.

Studenten betalen jaarlijks 1.951 euro collegegeld. Ook de overheid legt bij: gemiddeld 6.600 euro per student per jaar. Studenten die na hun afstuderen nog een tweede bachelor- of masteropleiding willen volgen, krijgen geen bijdrage meer van het Rijk en betalen de kostprijs van een opleiding. Die loopt sterk uiteen.

Zo rekent de Rijksuniversiteit Groningen voor bedrijfskunde in dat geval 7.800 euro, de Vrije Universiteit Amsterdam 5.500 euro. Een schijntje vergeleken met tandheelkunde: het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam rekent per collegejaar 25.000 euro. Aan de Radboud Universiteit kost dat ‘slechts’ 17.500 euro.

4. Kijk ouders en grootouders met geld lief aan

Ouders kunnen kinderen jaarlijks 5.277 euro belastingvrij schenken. Zij mogen ook eenmalig 25.322 euro overmaken. Voor zeer dure opleidingen (meer dan 20.000 euro per jaar) mogen ze eenmalig 52.752 euro schenken. Denk aan een pilotenopleiding.

Grootouders mogen per jaar 2.111 euro belastingvrij geven, maar een tas met boodschappen zo nu en dan ziet de fiscus natuurlijk niet.

Fiscaal jurist Marcel van Kooten adviseert ouders die hun kinderen financieel willen steunen maandelijks geld aan hun kinderen te lenen, zodat die niet bij DUO in het krijt komen te staan. Noem het een prestatielening, bijvoorbeeld met de afspraak dat de helft van de schuld wordt kwijtgescholden als het kind binnen vijf jaar afstudeert.

Ouders moeten wel een marktconforme rente van 6 procent per jaar rekenen om problemen met de fiscus te voorkomen. Maar ouders kunnen die rente, binnen de schenkingsvrijstelling, teruggeven.

Ouders en grootouders die geld opzij willen leggen voor de studie van hun (klein)kinderen, kunnen bij Regiobank en SNS een Zilvervloot Sparen-rekening openen waarop ze aan het eind maximaal 10 procent bonus krijgen als het kind achttien wordt. Dat levert al gauw een kapitaal op van meer dan 10.000 euro.

5. Bekijk de voorwaarden voor een aanvullende beurs

Vanaf komend collegejaar stijgt de aanvullende beurs naar maximaal 378 euro per maand. Dat blijft een gift, mits studenten binnen tien jaar afstuderen.

Hoe hoog de beurs is, hangt af van het inkomen van de ouders. Verdienen zij minder dan 46.000 euro bruto per jaar, dan hebben de studenten er recht op. De beurs stijgt naarmate de ouders minder verdienen. Ook als ze meer verdienen, bestaat er mogelijk recht op de beurs, bijvoorbeeld als broers of zussen ook studeren.

Op de site van DUO is vanaf 7 april te berekenen of iemand een aanvullende beurs krijgt, en hoe hoog die is. Let op: om te bepalen of iemand recht heeft op de aanvullende beurs, wordt gekeken naar het inkomen van twee jaar geleden. Wie deze zomer een beurs aanvraagt, moet uitgaan van het inkomen van zijn ouders in 2013.

6. Een studieschuld is nadelig voor de hypotheek

Banken verstrekken in principe minder ­hypotheek aan mensen met een studieschuld. Zij rekenen 0,45 procent van de studieschuld als ‘maandlast’.

Voorbeeld: een stel met een brutojaarinkomen van 60.000 euro mag, tegen een hypotheekrente van 3 procent, zo’n 260.000 euro lenen. Hebben ze samen een studieschuld van 48.000 euro, dan gaat de bank ervan uit dat ze daarvan maandelijks 216 euro aflossen.

Dat drukt hun besteedbaar inkomen, waardoor ze een hypotheek krijgen van zo’n 220.000 euro – 40.000 euro minder dan zonder schuld.

Interessant genoeg wil de regering studieschulden niet laten registreren bij het Bureau Krediet Registratie in Tiel, omdat het geen ‘normale schuld’ is zoals een krediet voor een nieuwe auto. De banken kunnen naar de studieschuld vragen, maar uit onderzoek uit 2013 blijkt dat 39 procent die schuld niet opbiecht.

Dat is niet zonder risico: wie schulden verzwijgt, hoeft niet op coulance van de bank te rekenen als hij betalingsproblemen krijgt.

7. Informeer naar bijzondere studiebeurzen

Studenten met hoge cijfers – minimaal een 7,5 gemiddeld – maken dikwijls kans op particuliere studiebeurzen. Zo biedt de Technology Scholarship van chipmachinemaker ASML studenten beurzen van maximaal 10.000 euro voor technische masteropleidingen.

Studenten uit Friesland maken kans op een beurs uit de dr. L.A. Buma Stichting, en Rotterdammers kunnen zich aanmelden voor de Lodewijk Pincoff-beurs.

Vrouwen die informatica willen studeren, kunnen meedingen naar een Anita Borg Memorial Scholarship van zoekgigant Google ter waarde van 7.000 euro. Een overzicht van beurzen staat op scholarshipportal.eu.

8. Ga goedkoop naar het buitenland

Ook studenten die elders in Europa willen studeren of stage willen lopen, maken aanspraak op allerlei beurzen. De bekendste is de Erasmusbeurs van de Europese Unie, die tot 270 euro per maand uitkeert.

Hoge cijfers zijn voor die beurs niet relevant.

Zulke eisen worden soms wel gesteld aan de zogeheten cultureel verdragbeurzen die Nederland met veel landen heeft gesloten, waardoor studenten met internationale aspiraties goedkoop naar bijvoorbeeld Duitsland of Polen kunnen. Wie een bestemming buiten Europa kiest, kan naast de culturele beurzen ook in aanmerking komen voor 1.250 euro van het Holland Scholarship van het ministerie van Onderwijs.

9. Neem een (relevante) bijbaan

Het geld van een bijbaantje weegt niet altijd op tegen de kosten van de studievertraging die studenten erdoor kunnen oplopen. Wie tijd over heeft, kiest een baantje dat aansluit bij de studie. Dat staat later goed op het cv.

Een relevante baan verdient ook beter: studentassistenten krijgen per uur tussen de 11 tot 14 euro bruto, postbezorgers bij PostNL 4 tot 8 euro. Ondernemende studenten kunnen ook een eigen bedrijfje beginnen. Pieter Zwart begon zijn online-webwinkelconglomeraat Coolblue vanaf zijn studentenkamer, Mark Zuckerberg knutselde daar Facebook in elkaar.

10. Vraag geld terug bij de Belastingdienst

Studenten met een bijbaan betalen vaak te veel belasting, omdat de fiscus er bij voorbaat van uitgaat dat zij voltijds werken. Studenten betalen daardoor volgens de fiscus 250 euro tot 850 euro per jaar te veel. Vergeet dus niet belastingaangifte te doen en geld terug te vragen.

Studenten kunnen dan meteen hun studiekosten opvoeren. Collegegeld, studieboeken, maar ook bijvoorbeeld de kosten van speciale software of de vleugel van een conservatoriumstudent zijn aftrekbaar. Bewaar bonnetjes, maar let op: alleen kosten die studenten zelf maken, zijn op te voeren.

Ouders die hun kinderen financieel willen bijstaan, doen dat fiscaal slim door geld te geven in plaats van boeken cadeau te doen.
Studenten die weinig te besteden hebben, maken aanspraak op (gedeeltelijke) kwijtschelding van lokale belastingen, zoals riool- en afvalstoffenheffing. Voor gemeenten staan de armlastige studenten op hetzelfde niveau als bijstandsmoeders.

11. Vergeet de toeslagen voor huur en zorg niet

De meeste studenten zijn alert op het aanvragen van huurtoeslag, maar volgens budgetvoorlichter Nibud vergeet één op de vijf studenten de zorgtoeslag aan te vragen.

Zonde, want die is dit jaar maximaal 936 euro per jaar. Huur- en zorgtoeslag kunnen studenten aanvragen op toeslagen.nl.

12. Plan doordacht

Kostbare vertraging lopen studenten op in de eerste maanden van hun studie. Verlies geen tijd, zoek op tijd een kamer en leer de weg kennen. Stage, commissiewerk en een bestuursjaar vergroten de kans op de arbeidsmarkt, blijkt uit het onderzoek Beste banen van Elsevier.

Deze activiteiten kosten tijd. Kijk bijvoorbeeld in welk semester er meer tijd voor is en maak gebruik van online-studiemogelijkheden. Plan vooruit. Als alles goed gaat, is er dan ook meer dan voldoende tijd om een biertje te drinken.

Auteurs: Ruud Deijkers, Zeping Oerlemans en Nic Vrieselaar

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.