economie

Internetbedrijven miljarden waard? Ja, door koehandel en poppenkast

Door Michiel Dijkstra - 23 maart 2015

Economieredacteur Michiel Dijkstra verwondert zich over de bedrijven in Silicon Valley die miljardenwaarderingen worden toegedicht.

Als je internetbedrijven volgt, vliegen de miljarden je om de oren. Vorige week nog werd sociaal netwerk Pinterest een waarde van 11 miljard dollar toegekend (10 miljard euro). Cloudopslagdienst Dropbox zou 10,4 miljard dollar waard zijn, fotodeel-app Snapchat zelfs 15 miljard dollar.

Enkele jaren geleden werden jonge technologiebedrijven met een waarde van 1 miljard dollar of meer unicorns (eenhoorns) genoemd. Omdat ze zo zeldzaam waren. Inmiddels zijn er tientallen. Wil je nu meetellen in Silicon Valley, dan moet je een decacorn hebben, een bedrijf dat 10 miljard dollar of meer waard is.

Poppenkast

Zulke getallen zijn, voor alle duidelijkheid, compleet verzonnen. Een bedrijf als Snapchat, dat nauwelijks omzet maakt, is echt niet meer waard dan KPN (marktwaarde: 13 miljard euro). Maar de ondernemers en investeerders die geld in dit soort bedrijven stoppen, doen alsof.

Financieel persbureau Bloomberg legde vorige week uit hoe dat werkt. KPN verkoopt dingen aan klanten. Bedrijven die niets verkopen, zijn onmogelijk te waarderen. Maar Snapchat en Pinterest en Dropbox hebben wel heel veel gebruikers, en dat moet toch iets waard zijn.

Echte waarde

De waardering is uiteindelijk de uitkomst van een koehandel tussen ondernemer en investeerder. De eerste wil dat zijn bedrijf meer waard is dan dat van zijn buurman. De laatste is bang de nieuwe Facebook te missen. FOMO heet dat in het Engels, Fear of Missing Out.

Dus zijn investeerders bereid om een hoge waardering toe te kennen. In ruil voor die poppenkast bedingen ze extra’s. Zoals het recht om bij faillissement als eerste hun geld terug te krijgen.

Of het recht om automatisch meer aandelen te krijgen als het bedrijf minder waard wordt. De echte waarde kan volgens Bloomberg zo 30 of 50 procent lager liggen.

Elsevier 13, 28 maart 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.