economie

Subsidies: hoe de overheid met geld strooit

Door Fleuriëtte van de Velde - 18 maart 2015

Elk jaar deelt de overheid miljarden euro’s uit aan organisaties en bedrijven. Allemaal belastinggeld dat lang niet altijd zinvol wordt besteed. En de controle op al die geldstromen schiet ernstig tekort.

Je kunt het zo gek niet verzinnen of er is in Nederland subsidie voor te krijgen. Neem de Stichting Zeldzame Huisdierrassen, voor het behoud van ‘authentieke’ dieren. Het Rijk stopte de stichting in 2014 120.000 euro toe om Drentse hoenen, Groninger blaarkoppen, Zeeuwse trekpaarden en nog een paar dozijn rassen weer ‘een wezenlijk onderdeel van de samenleving’ te laten zijn.

Voor de Stichting Epafras, die pastorale zorg geeft aan Nederlanders in buitenlandse gevangenissen, stond 100.000 euro klaar bij het ministerie van Justitie en nog eens 600.000 euro bij Buitenlandse Zaken. Ook ondernemers profiteren van subsidie.

Een consultant uit Haarlem die vorig jaar voor 100.000 euro een nieuwe Tesla kocht, betaalde iets meer dan de helft van de elektrische auto zelf. De rest kreeg hij cadeau van de belastingbetaler via verschillende fiscale aftrekposten. En vergeet ook de investeerders in windmolenparken niet, die zonder subsidie geen fatsoenlijk rendement zouden opleveren.

Belastinggeld

Welkom in het subsidieparadijs! Ondanks bezuinigingen geeft de overheid nog steeds miljarden euro’s belastinggeld weg aan bedrijven, culturele instellingen en stichtingen die zich bezighouden met ‘goede doelen’, variërend van groene energie, integratie en cultuur tot een gezondere leefstijl, innovatie en hulp aan ontwikkelingslanden. Het is een van de redenen waarom de belastingdruk zo hoog is, en de overheid van elke euro die in Nederland wordt verdiend meer dan de helft uitgeeft.

De lijst met subsidies is lang. Staatssecretaris Wilma Mansveld (PvdA) van Infrastructuur en Milieu geeft ondernemers 500 tot 2.200 euro als ze een nieuwe, schone bestelwagen aanschaffen. Het geld gaat naar ondernemers rond steden die milieuzones hebben ingevoerd – zoals Utrecht, waar stinkende auto’s worden geweerd. In totaal is er 4 miljoen euro voor beschikbaar.

Hoeveel subsidie kunt u krijgen? Een paar voorbeelden

Volgens het lijvige Subsidieoverzicht Rijk, dat het ministerie van Financiën vorig jaar online zette, verstrekte de rijksoverheid in 2013 voor 5,8 miljard euro aan subsidies aan bedrijven en andere instellingen. De lijst subsidieontvangers telt duizenden namen.In dit bedrag zitten niet eens alle subsidies.

Fiscale subsidies – belastingvoordelen die burgers krijgen omdat ze een eigen huis hebben of kinderen, en bedrijven omdat ze bijvoorbeeld arbeidsgehandicapten in dienst nemen – zijn niet meegerekend. Ook omvangrijke subsidies aan een aantal grote kennisinstituten, zoals TNO, zijn niet meegeteld, net als provinciale en Europese subsidies. Volgens de Nationale Rekeningen van het Centraal Bureau voor de Statistiek toucheerden alleen al Nederlandse bedrijven in 2013 bijna 7,9 miljard euro aan subsidies van het Rijk, provincies en Brussel.

Lobby

De effectiviteit van al die subsidies wordt nauwelijks geëvalueerd. Controle of het geld op de goede plaats terechtkomt, is er vaak niet. De Algemene Rekenkamer klaagt daar geregeld over. ‘Soms zijn subsidies wel zinnig, maar vaak zijn ze het gevolg van een lobby. Zulke subsidies moet je niet willen,’ zegt hoogleraar economie Sweder van Wijnbergen (63). Het gaat dan naar doelen die het eigenlijk niet nodig hebben.

De lijst met subsidies die vragen oproepen, is lang. In veel gevallen is er alleen nog een historische verklaring voor een subsidieregeling te verzinnen. Eigenaren van woonboten kregen in 2013 maximaal 2.000 euro subsidie als ze hun woonboot lieten aansluiten op het riool. Je kunt je afvragen waarom, als wildplassers tegenwoordig een boete krijgen van 130 euro.

Het tuchtrecht voor advocaten kreeg in 2013 nog bijna 200.000 euro per jaar subsidie van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Konden advocaten, die niet behoren tot het meest armlastige deel van de beroepsbevolking, dat niet zelf betalen?

Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) subsidieerde in 2013 ‘humanistisch vormend en godsdienstonderwijs’ voor 10 miljoen euro. Inmiddels is hiervoor structureel 10 miljoen euro opgenomen in de begroting van OCW. Economische Zaken subsidieerde dan weer de digitalisering van de regionale radio met 1,7 miljoen per jaar, terwijl de provincies zelf bulken van het geld.

Ook patiëntenorganisaties worden niet vergeten. Er zijn er tientallen van, die allemaal een andere kwaal bedienen. Er is, onvermijdelijk, een aparte subsidieregeling voor: het Fonds PGO. De koepel van de patiëntenorganisaties, de Nederlandse Patiënten en Consumenten Federatie, kreeg in 2013 niet alleen 1,2 miljoen aan ‘vaste instellingssubsidies’, maar ook ruim 5 miljoen aan projectsubsidies, onder meer vanuit het Fonds PGO en het ministerie van Volksgezondheid. Enzovoort en zo verder.

Het bevorderen van groene energie scoort hoog op de lijsten met subsidies. Jaarlijks is er 1,1 miljard euro voor beschikbaar. Behalve om de bouw van windmolens gaat het om tal van kleine projecten. Zo subsidieerde het ministerie van Economische Zaken de aanschaf van zonnepanelen door particulieren in 2013 met 30 miljoen euro.

Boerinnen

Het Rijk stimuleert verder allerlei milieuvriendelijke initiatieven (zoals de ‘realisatie van een gezonde en duurzame leeromgeving’ op scholen) via zogeheten green deals met 7,8 miljoen subsidie.

Geld voor ‘multiculturele vraagstukken’ is er ook. Maar de subsidiëring van de in opspraak geraakte Stichting Forum, bijna 6 miljoen, is per 1 januari dit jaar stopgezet.

De Derde Wereld was in 2013 goed voor 453 miljoen euro aan directe subsidies. Let op: het bedrag dat aan ontwikkelingshulp wordt gegeven, is veel hoger, maar lang niet alles wordt gegeven als subsidie.

Een greep uit de subsidiedoelen: tot 2016 besteedt de overheid bijna 30 miljoen euro aan de financiering van vakbonden in ontwikkelingslanden, ‘ter bestrijding van structurele armoede’. Ex-managers met een goed pensioen die uit idealistische overwegingen naar ontwikkelingslanden gaan om bedrijven met hun kennis bij te staan, zijn via het PUM Netherlands Senior Experts goed voor bijna 11 miljoen euro subsidie.

Ontwikkelingshulporganisatie SNV, die bijvoorbeeld boerinnen in Kenia helpt, kreeg in 2014 55 miljoen euro. In 2011 was er kritiek. De toenmalige directeur lag onder vuur wegens zijn salaris van 182.000 euro.

Ook op gemeentelijk niveau wordt heel wat geld uitgedeeld, blijkt uit de openbare subsidieregisters die zeventig gemeenten hebben ingesteld. Die registers hebben ‘een signalerend effect,’ zegt Paul de Beer (36), fractievoorzitter van D66 in Breda. Hij zorgde er drie jaar geleden voor dat zijn gemeente als eerste een openbaar subsidieregister instelde waar alle subsidies die Breda verstrekt te zien zijn.

‘Daarvoor was het een complete black box. Ik vind dat burgers en de gemeenteraad recht hebben om te weten waar het geld heen gaat, ook de relatief kleine bedragen van een paar duizend euro.’ De transparantie kan nog beter, maar De Beer ziet al verschil: ‘Vanzelfsprekendheden zijn ter discussie komen te staan.’

Industrie

Het zal niemand verbazen dat zich een heuse industrie van subsidieadviseurs heeft ontwikkeld. Subsidieadviesbureaus schatten dat zij bemiddelen bij circa driekwart van alle subsidieaanvragen. Bij complexe aanvragen declareren de grote bureaus via uurtarieven. De rekening kan dan oplopen tot 10 of 15 procent van de subsidieopbrengst.

Kleinere bureaus zijn vaak goedkoper, maar doen meestal alleen eenvoudige zaken. Gevestigde marktpartijen, zoals marktleider PNO Consultants (180 subsidiespecialisten), signaleren dat er steeds meer ‘eenpitters’ op de markt verschijnen, die op no-cure-no-paybasis werken.

Het zou een bovenmenselijke inspanning vergen om te controleren of alle subsidieontvangers recht hadden op toegekende subsidies, en of ze het geld volgens de regels hebben besteed. Elke subsidieverstrekking controleren leidt volgens hoogleraar Van Wijnbergen tot hoge administratieve lasten. En dus gebeurt het nauwelijks, met alle frauderisico’s vandien. Voor het hekje van de rechter belanden fraudeurs echter zelden.

‘Ik zie in de rechtspraak niet veel gevallen van echte fraude. Wel wordt geregeld vastgesteld dat de controle niet scherp genoeg is, zowel door de Europese als door de Nederlandse Rekenkamer,’ zegt de Leidse hoogleraar staats- en bestuursrecht Willemien den Ouden (43).

Zonder effectieve controle ging het in het verleden makkelijk mis. Berucht zijn de verhalen over fraude en onregelmatigheden met Europese subsidies in de periode 1994 tot 2006, waarbij honderden bedrijven betrokken waren. Nederland moest volgens Den Ouden over de periode 1994-1996 meer dan 157 miljoen euro terugbetalen aan Brussel. Over de periode daarna heeft Nederland een nooit gepubliceerde schikking getroffen. Politicoloog Rob Krug repte vorig jaar in zijn dissertatie over een totale schade voor het Rijk van ‘ongeveer 800 miljoen euro’.

Nederlandse bedrijven en instellingen laven zich graag aan Europees geld. Tussen 2007 en 2013 kreeg Nederland 1,7 miljard euro uit Brusselse structuurfondsen. Dat geld lokt ook malafide ondernemers. In november 2014 lichtte de recherche twee ondernemers van hun bed, die ervan worden verdacht 7 miljoen aan subsidie uit het Europees Sociaal Fonds te hebben getrokken, terwijl zij daarop geen recht hadden.

Terreur

Niet alleen de Europese subsidielokketten worden benaderd door malafide subsidiejagers. Onderzoeksbureau Graydon trok vorig jaar de antecedenten na van ruim vijfduizend bedrijven en instellingen die in 2010 rijkssubsidies hadden opgestreken.

Met ruim 3,5 procent, ofwel 183 ontvangers, bleek iets mis. De bedrijven bestonden alleen op papier, hadden bestuurders met een strafblad, waren betrokken bij fraude of pleegden andere economische delicten, zoals het niet deponeren van hun jaarrekening bij de Kamer van Koophandel.

Graydon meldt op zijn website: ‘Zo ontving een stichting die volgens de AIVD betrokken zou zijn bij terreur een subsidie van ruim 10.000 euro, nota bene op basis van een regeling voor bedrijven die zich willen beschermen tegen criminelen.’

Hoeveel precies wordt gefraudeerd met subsidies, weet niemand. De overheid niet, het Openbaar Ministerie (OM) niet, en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, die een groot deel van de rijkssubsidies verstrekt, ook niet. Subsidiefraude is ‘een witte vlek’, zo staat in een recente risicoanalyse van het Functioneel Parket van het OM.

Controle vooraf op subsidieverstrekking is volgens het OM ‘vaak minimaal’. Controle achteraf ook. De overheid gaat uit van ‘eigen verantwoordelijkheid van burgers en ondernemingen en een handhavingsmodel dat gebaseerd is op vertrouwen’.

Accountantsfirma PricewaterhouseCoopers schat dat de overheid jaarlijks voor circa 7,3 miljard euro door allerlei vormen van fraude wordt benadeeld, maar kan de omvang van subsidiefraude niet taxeren.

Sjoemelen

De Rekenkamer rapporteert de Tweede Kamer geregeld over de gebrekkige controle op de subsidieverstrekking, maar die rapporten worden kennelijk slecht gelezen.

‘Het beleid om misbruik en oneigenlijk gebruik van subsidies te voorkomen, is nog niet afdoende,’ meldt de Rekenkamer vrijwel jaarlijks. Wettelijk verplichte risicoanalyses ontbreken geregeld. De controleurs die er wel zijn, werken langs elkaar heen, en wisselen geen informatie uit. Zo kunnen sjoemelende bedrijven ongestoord subsidies blijven opstrijken.

Niet alleen bedrijven sjoemelen met subsidieaanvragen, ook onderwijsinstellingen. Zij krijgen subsidies voor onderwijs aan leerlingen in een achterstandsituatie. Scholen rommelen op grote schaal met subsidieaanvragen, constateerde de Onderwijsinspectie na steekproeven. Daardoor streken scholen in 2012 en 2013 onrechtmatig bijna 150 miljoen euro subsidie op.

Het kabinet-Rutte tracht intussen sommige subsidiekranen minder hard te laten stromen. Vooral de cultuursector heeft dat gemerkt. Sinds 2013 krijgen 137 culturele instellingen niet langer subsidie. Helemaal dicht ging de kraan niet: de overheid maakt dit jaar nog 734 miljoen euro over naar 225 verschillende theatergezelschappen, orkesten en musea.

Het goede nieuws: van de 137 die geen geld meer kregen, hebben er twee jaar later maar 23 hun activiteiten gestaakt. De overige 114 niet. Kennelijk redden die het ook zonder subsidie.

Fleuriëtte van de Velde schreef dit artikel samen met Remko Nods

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.