economie

Schiphol-CEO Nijhuis: ‘Natuurlijk maak ik me zorgen over KLM’

Door Ron Kosterman - 09 april 2015

Jos Nijhuis (57) is CEO van Schiphol. Zijn voornaamste taak is ervoor zorgen dat daarvandaan op vele bestemmingen kan worden gevlogen. Daar is KLM hard bij nodig.

Met wat fantasie zeg je: Jos Nijhuis is burgemeester. Topman zijn van Schiphol gaat overal over en de luchthaven heeft met al die internationale reizigers trekjes van een metropool. Nijhuis heeft te maken met economie, politiek, duurzaamheid, kantoren, winkels, horeca, hotels en veiligheid. Hij heeft zelfs een brandweerkorps tot zijn beschikking. Lachend: ‘Met mooiere spullen dan de korpsen van de meeste echte burgemeesters.’

Observeren

Daar, ergens in zijn ‘stad’, zit hij graag op een bankje. ‘Als het heel druk is op de luchthaven, ga ik altijd kijken hoe we dat managen. We zijn continu aan het verbouwen; ik wil zien wat de impact is op passagiers. Kopje koffie, zitten en observeren.

‘Hiervoor was ik CEO van PricewaterhouseCoopers. Geweldige tijd gehad, maar ik was wel op een relatief smal vakgebied gericht. ’s Ochtends heb ik een idee van wat mijn agenda is, maar dat kan zo veranderen. Ik begin met het lezen van het verslag van de vorige dag. Hoe ging de bagageafhandeling, wat was de punctualiteit, waren er incidenten? Het kan dat ik de rest van de dag met een van die punten bezig ben.’

Nijhuis begon in 2009 als baas van de Schiphol Group, die naast de mainport in Amsterdam de regionale luchthavens bij Rotterdam en Lelystad uitbaat en een meerderheidsbelang heeft in die bij Eindhoven.  Verder heeft de groep belangen in het buitenland, onder meer in New York en Parijs. In 2014 presteerde het bedrijf (goed voor ruim tweeduizend voltijdsbanen) prima. De omzet steeg met 8,1 procent naar 1,47 miljard euro, de nettowinst met 19,5 procent naar 272 miljoen. De groep telde 60,6 miljoen passagiers, van wie 55 miljoen in Amsterdam.

Goodwill

Amsterdam Airport Schiphol is daarmee de vijfde luchthaven van Europa – na Heathrow, Charles de Gaulle, Frankfurt Airport en Atatürk Airport in Istanbul, die voor het eerst meer passagiers had: 57 miljoen. Nijhuis zit er niet mee. Hij wil vooral dat Schiphol Europa’s ‘preferred airport’ blijft – met lagere tarieven dan de West-Europese concurrentie en veel goodwill bij maatschappijen en hun klanten.

Schiphol is een hub, zo’n luchthaven die veelal wordt gebruikt om over te stappen. Circa 40 procent van de passagiers op Schiphol is transferpassagier. Daarvan levert KLM met haar partners in de SkyTeam-alliantie 90 procent. Die voorname inwoner moet ‘burgemeester’ Nijhuis tevreden houden, ook voor het grotere doel.

‘Mijn belangrijkste taak is de connectiviteit van Nederland mogelijk maken en, liever nog, uitbreiden.’ Dat gaat over het aantal bestemmingen waarheen vanaf Schiphol wordt gevlogen. ‘Dat is cruciaal voor onze economie.’ Dat bepaalt immers hoe aantrekkelijk Nederland is als vestigingsland voor buitenlandse bedrijven.

Nu zijn dat 319 bestemmingen. ‘KLM en partners zijn goed voor tweederde daarvan. Wij zijn samen verantwoordelijk voor die connectiviteit. Natuurlijk maak ik me zorgen over KLM en de perikelen bij Air France-KLM. Dat doet iedereen.’ Normaal gaat een CEO van een bedrijf op zoek naar alternatieven om de afhankelijkheid van zo’n klant te verminderen. ‘Dat doe ik juist niet. Wij kunnen niet zonder KLM. Zonder KLM loopt onze maatschappelijke functie averij op. En om het plat te zeggen: Schiphol is conform de specificaties van KLM ontworpen.’

Hardlopen

Nijhuis maakte sinds 2009 drie KLM-CEO’s mee: Peter Hartman, Camiel Eurlings en Pieter Elbers. Met de eerste boterde het niet. ‘Ach, ook Hartman en ik vonden elkaar op het moment dat het nodig was. Dat is geen grap!’ Met Elbers, die eind vorig jaar Eurlings opvolgde, klikt het beter. ‘Pieter is een rationele man en spreekt de taal die ik ook spreek. Wij gaan uitstekend. We komen niet op elkaars verjaardagen, maar misschien moeten we eens een rondje hardlopen. Kan heel nuttig zijn.’

De komende jaren staan voor Nijhuis in het teken van de verdere ontwikkeling van mainport Schiphol en van de luchthaven bij Lelystad. Daar moeten vanaf 2018 de toeristen landen en vertrekken om zo in Amsterdam ruim baan te maken voor onder anderen de zakelijke (transfer)passagier. Schiphol investeert 90 miljoen euro in Lelystad Airport. Maatschappijen die voor verhuizing in aanmerking kunnen komen zijn Transavia, ArkeFly en Corendon. Die staan om verschillende redenen niet te springen.

Slotrechten

‘Ze kunnen meedenken over hoe we Lelystad gaan bouwen. Als ze dat niet doen, moeten ze later niet klagen. We kunnen maatschappijen niet wegsturen uit Amsterdam, want ze hebben slotrechten. We moeten ze dus verleiden. We bouwen een luchthaven die goed bereikbaar is en waar ze de helft van de tarieven betalen. Dit gaat lukken. Daar zet ik een kist heel dure wijn op.’

De registeraccountant ‘met weinig geduld’ was zelf ook wat verbaasd, toen hij voor Schiphol werd gevraagd. ‘Mijn moeder verwondert zich nog steeds.’ De politieke dimensie en de slepende discussies met omwonenden vindt hij het lastigst. ‘Die dynamiek kende ik niet. Maar ik heb me ontwikkeld. Ik weet de weg te vinden op de ministeries, in de gemeenten en provincies. Deze baan boeit. Dit gaat ergens over. Ik heb het echt enorm naar mijn zin.’

Elsevier nummer 16, 18 april 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.