economie

Waarom opvolging zo’n heikel punt is bij familiebedrijven

Door Ron Kosterman - 22 juni 2015

Ron Kosterman weet dat de opvolging van toplieden niet altijd soepel verloopt, zeker niet bij familie­bedrijven.

Deze week, op woensdag 24 juni, is de ­Familiebedrijven Award 2015 uitgereikt. IJs en weder dienende was koningin Máxima erbij, en ik ook. Vijf genomineerden waren er. Een van de criteria voor hun uitverkiezing was de kwaliteit van de governance bij hun onderneming.

Dat gaat onder meer over hoe het bestuur en de opvolging zijn geregeld. Zit er familie in de directie, en zo ja: houdt dan een

bloedverwant toezicht? Hoe worden volgende generaties klaargestoomd? Die governance is niet altijd je van het. Dat werd een week voor de uitreiking van de award opnieuw pijnlijk duidelijk.

Wijsheid

Roland Palmer vertrok bij een van de allergrootste familiebedrijven: Blokker. Palmer is de neef van de in 2011 overleden Jaap Blokker. Die had veel verstand van retail, maar minder van opvolging. In 2009 haalde hij zijn neef binnen. Twee jaar later werd die topman. Palmer bleek niet goed genoeg.

Opvolging is een heikel punt. Een wijsheid luidt: de eerste generatie bouwt op, de tweede bouwt uit, de derde breekt af. Families houden het graag in de familie. Als je de 67-jarige Wim van der Leegte, baas van de industriële VDL Groep, vraagt wanneer hij wil overdragen, dan zwijgt hij. Zijn pretoogjes zeggen: als mijn kroost klaar is.

Naast een gewone directie kent zijn bedrijf een familiedirectie met daarin drie kinderen – een uniek staaltje governance.

Het kan goed werken. Alle vijf genomineerden voor de award worden  nog altijd door familieleden geleid. Dat zijn distilleerderij Nolet, zaadveredelaar Enza, industrieel bedrijf Walraven, graszaadfabrikant Barenbrug en veevoerproducent De Heus.

Bij de laatste delen de broers Co en Koen het CEO-schap, terwijl pa Henk president-commissaris is. Doe dat nou niet, denk je, dat gaat niet goed. Bij de familie De Heus gniffelen ze erom.

Elsevier nummer 26, 27 juni 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.