economie

Een beursgang is het moment om oude affaires op te rakelen

Door Ron Kosterman - 29 september 2015

Ron Kosterman, economieredacteur van Elsevier, denkt dat er vele ‘gedupeerden’ zijn die een slaatje willen slaan uit de beursgang van ABN AMRO.

Was ik een jurist met financiële kennis en een rellerige aard, dan zag ik kansen. Zoals u weet, gaat ABN AMRO naar de beurs. De bank werd in 2008 genationaliseerd. Dat kostte de belastingbetaler al met al zo’n 30 miljard euro en beleggers moeten ervoor zorgen dat er van dat bedrag iets (de helft misschien) terugvloeit in de staatskas.

Als een bedrijf naar de beurs gaat, dan is dat het moment om oude akkefietjes en affaires op te rakelen. Daar hebben de onderneming, haar juristen en de banken die de beursgang begeleiden, een gloeiende hekel aan. Het bedrijf moet ‘schoon’ zijn, met beperkte, in te schatten risico’s en ­zeker geen verborgen gebreken.

Megaclaim

Ooit een waardeloze hypotheek gekocht bij ABN AMRO? Meegedaan met een beleggingsfonds dat kenmerken had van een bodemloze put? Uw winkel failliet omdat ABN AMRO naar deed? Ik had u mijn diensten aangeboden, uw claims verzameld, daar één grote megaclaim van gemaakt en die ‘Boter bij de Zalm’ genoemd.

Door te dreigen met een rechtszaak en CEO Gerrit Zalm aan te spreken, zou ik voor een fikse schadevergoeding gaan, op basis van no cure no pay. Zou u niets krijgen, dan ik ook niet. Van uw winst zou ik 15 procent pakken.

Mijn voorbeeld zou woningbouwcorporatie Vestia zijn. Die huisjesmelker bereidt ook een claim voor tegen ABN AMRO. Vestia kreeg ooit rentederivaten aangesmeerd, verloor daar flink op en wil de schade op de bank verhalen. De Tweede Kamer maakt zich er druk over. Zo’n claim drukt de opbrengst.

Er zijn kennelijk veel meer van zulke kapers op de kust. ABN AMRO gaf zelfs een persbericht uit, waarin staat dat de bank ‘veel in het nieuws is en wordt genoemd in relatie tot diverse (mogelijke en lopende) claims en rechtszaken’. Waarschijnlijk was ik dus al te laat.

Elsevier nummer 40, 3 oktober 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.