economie

Topman Panamese belastingfirma zag de bui al hangen

Door Bauke Schram - 05 april 2016

De oprichters van Mossack Fonseca, het juridisch advieskantoor in Panama dat honderden rijken hielp belasting te ontwijken, voorzagen al enige tijd dat informatie over hun klanten aan het licht zou komen.

De juridische topmannen Jürgen Mossack en Ramón Fonseca, wier bedrijf wereldwijd bekend werd door publicatie van de Panama Papers, waren al een tijdje van plan om hun bedrijf te verkleinen. Dat blijkt uit een interview dat persbureau Bloomberg afnam met de advocaten voordat de gegevens naar buiten kwamen.

Lees ook: Wie staan er in de Panama Papers? En vier andere vragen. Meer >

Kleiner

‘We gaan ervoor zorgen dat we de juiste maat zijn, namelijk kleiner dan nu,’ zei Jürgen Mossack op 29 maart. De opmerking van de Duitser toont aan dat de oprichters van plan waren voorzichtiger te zijn met hun zaken.

Het bedrijf van Mossack fuseerde in 1986 met het juridisch bureau van de Panamees Fonseca. Beide mannen hadden veel internationale ervaring – Mossack in Londen en Fonseca in Genève voor de Verenigde Naties. Volgens Bloomberg wilde Fonseca zijn beroep beter te gelde maken. In een interview in 2008 zei hij dat het familieleven en de behoefte aan een rustig leven hem materialistischer maakten.

Gelekt

Ruim vierhonderd journalisten van het Internationaal Consortium voor Onderzoeksjournalisten kregen toegang tot elf miljoen documenten die wezen op wereldwijde belastingontwijking met behulp van zogenoemde offshore-bedrijven, opgezet door Mossack Fonseca. De verontwaardiging door de Panama Papers is groot, al is nog geen bewijs geleverd van illegale praktijken.

Het lek kreeg vooral internationale aandacht omdat veel namen uit de politieke elite connecties bleken te hebben met deze offshore-bedrijven. Onder anderen de Russische president Vladimir Poetin en zijn Syrische collega Bashar al-Assad worden genoemd in het onderzoek.

‘De aap is nu uit de mouw,’ zei Mossack tegen Bloomberg na de publicatie van de Panama Papers.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.