Ron Kosterman

Terechte kritiek op crisistax: overheid toont zich weinig betrouwbaar

Door Ron Kosterman - 05 april 2013

Werkgevers moeten 16 procent extra belasting betalen over inkomens boven anderhalve ton. Voetbalbond KNVB en de clubs stappen naar de rechter. Laat die inderdaad maar eens kijken.

Wie weleens Eredivisievoetbal ziet, vraagt zich af waarom al die spelers zo enorm veel verdienen. Menige matige linksback of rechtermiddenvelder gaat met enkele eurotonnen naar huis.

De soms exorbitante spelerssalarissen vormen de veruit grootste kostenpost van de clubs uit het betaald voetbal.

‘Eenmalig’

Niet verwonderlijk dus dat zij en hun bond, de KNVB, moord en brand schreeuwen over de crisisheffing die vorig jaar, als onderdeel van het Kunduz-akkoord, werd ingevoerd. Werkgevers moeten 16 procent extra belasting betalen over inkomens boven 150.000 euro.

Die heffing was ‘eenmalig’ en betrof de salarissen over 2012. Het tweede kabinet-Rutte wil de maatregel handhaven. De KNVB en de clubs beginnen daarom een fiscale procedure tegen de aanslagen over 2012.

500 miljoen euro

De clubs zouden, claimen ze, evenveel kwijt zijn aan de heffing als de vijftig grootste beursgenoteerde bedrijven – oftewel zeker 14 miljoen euro. Het kleine beursfonds Ajax is naar eigen zeggen in zijn eentje al 3,6 miljoen kwijt.

Dat hakt er fors in. Ook grote bedrijven hebben er last van. De CEO van een multinational ontvangt jaarlijks al gauw enkele miljoenen. De jaarlijkse opbrengst van de heffing schat het kabinet op 500 miljoen euro.

Russische toestanden

Of de KNVB en de clubs veel kans maken met hun procedure, valt te bezien. Die heffing is er met goedkeuring van de Tweede Kamer gekomen.

Het gaat ze vooral om het voorkomen dat de maatregel wordt verlengd. Echt betrouwbaar toont de overheid zich hier inderdaad niet. De heffing werd eerst met terugwerkende kracht ingevoerd (‘Russische toestanden’), en ‘eenmalig’ blijkt ook een rekbaar begrip.

Daar mag een rechter zich best eens over buigen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.