Michiel Dijkstra

Terecht dat investeerder moet bloeden bij faillissement bank

Door Michiel Dijkstra - 27 juni 2013

Het is volstrekt logisch dat bank-investeerders hun geld kwijt zijn op het moment dat de bank failliet gaat. Wie de lusten van een hoger rendement wil, moet ook de lasten dragen.

Eigenlijk is het te gek voor woorden, dat in Europees verband moet worden afgesproken dat investeerders verlies lijden als hun bank failliet gaat.

Dat zou logisch moeten zijn: als een bakker failliet gaat, moet de kredietverstrekker zijn verlies nemen. Waarom zou dat in het geval van banken anders zijn?

Nieuwe regels

Toch legden de ministers van Financiën van EU-lidstaten woensdagavond vast dat wanneer een Europese bank failliet gaat, schuldeisers hun geld niet terug krijgen.

Daaronder vallen niet alleen bezitters van obligaties, maar ook bedrijven en particulieren met meer dan 100.000 euro op de bankrekening. Dat is het maximum dat het depositogarantiestelsel garandeert.

Overheid betaalt wel

Voorheen gingen obligatiehouders en spaarders vrijuit: de overheid – lees: de belastingbetaler – betaalde wel als een grote bank failliet dreigde te gaan. Dat is nu gelukkig niet meer zo.

Het nieuwe regime heeft duidelijke spelregels: wie geld aan een bank uitleent, weet wat het risico is. Investeerders zullen van banken eisen dat ze veel minder riskant worden. Dat betekent dat banken hun kapitaalbuffers flink zullen moeten opschroeven: zo kunnen ze meer verliezen opvangen voor het faillissement in zicht komt.

Redden is goedkoper

Helaas blijft de kans aanwezig dat overheden moeten betalen om banken te redden. Als het erop aankomt, is een bank redden vaak voordeliger dan om hem failliet te laten gaan.

Wel hoeft de overheid dan veel minder te betalen omdat schuldeisers ook flink bloeden.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.