Fred Sengers

Obsessieve internetcensuur staat haaks op de ambities van China

Door Fred Sengers - 05 februari 2015

Kritiek op de mensenrechtensituatie wordt door de Chinese leiders niet gewaardeerd. Maar als premier Mark Rutte volgende maand naar China reist, moet hij toch overwegen de internetcensuur op de agenda te zetten.

Minister-president Mark Rutte (VVD) vertrekt eind maart voor een officieel bezoek naar China. Het is de tweede maal dat de premier naar dat land reist, hij deed dat eerder in november 2013.

Anderhalf jaar geleden stuurde het kabinet de beleidsnotitie Investeren in Waarden en Zaken naar de Tweede Kamer. Daarin werd een ‘strategisch bezoekenprogramma’ aangekondigd: Nederland zou zwaar moeten inzetten op handelsmissies naar en vanuit China.

Groot succes

Anderhalf jaar later lijkt het kabinet werk te maken van het verstevigen van de banden met de tweede economie ter wereld. Verschillende ministers leidden een handelsmissie naar China; afgelopen maand nog minister Henk Kamp (VVD) van Economische Zaken.

In maart vorig jaar werd een groot succes geboekt toen president Xi Jinping Nederland aandeed. Dat was voor een belangrijk deel te danken aan de Nuclear Security Summit, waarvoor verschillende wereldleiders naar Den Haag kwamen.

Het was voor eerst dat een Chinese president ons land bezocht. Er zit ook nog een staatsbezoek van koning Willem-Alexander en koningin Máxima in de pijpleiding, maar daarover horen we later dit jaar meer.

Premier Rutte zal op het Zuid-Chinese schiereiland Hainan het Boao Forum for Asia bijwonen. Deze jaarlijkse conferentie wordt ook wel het World Economic Forum van Azië genoemd. Een uitstekende keuze, want daar kan hij politici en vertegenwoordigers uit bedrijfsleven, wetenschap en media uit heel Zuidoost-Azië ontmoeten.

De les lezen

Onvermijdelijk zal voorafgaand aan Ruttes bezoek ook de discussie over de mensenrechten weer oplaaien. Er valt een hoop aan te merken op de mensenrechtensituatie in China, maar de kans is klein dat Rutte daarin een verschil kan maken.

Niet voor niets staat in de eerdergenoemde notitie over het Chinabeleid dat Nederland op ‘gepaste wijze’ aandacht voor de mensenrechten moet blijven vragen. Het constateert ook dat een zelfbewuster China niet graag ‘de les wordt gelezen’ en daar soms op reageert met het bekoelen van economische betrekkingen.

Het is verleidelijk om verbetering van de mensenrechten boven economische motieven te plaatsen. Ook ik gun iedereen in de wereld de vrijheid die wij in Nederland genieten. Maar het is naïef om te veronderstellen dat we dat kunnen afdwingen. Als we geen zaken meer doen met landen waarvan het beleid ons niet bevalt, blijven er weinig handelspartners over.

Andersom is het ook een aardig gedachtenexperiment om eens te veronderstellen wat er zou gebeuren als alle landen die aanstoot nemen aan delen van het Nederlandse beleid (drugs, euthanasie, integratie, et cetera) niets meer met ons te maken zouden willen hebben.

Principes zijn mooi, maar komen met een prijs. En ik ken geen landen die deze prijs willen betalen.

Onwelgevallige informatie

Dat wil niet zeggen dat we er helemaal het zwijgen moeten toedoen. Er is een punt waar mensenrechten en economische belangen gelijk oplopen, en dat is het Chinese internetbeleid. De Chinese leiders zijn geobsedeerd door het beheersen van de publieke opinie en hebben daarom de controle van het internet de afgelopen jaren steeds verder geïntensiveerd.

Niet alleen worden Chinese sites, fora en sociale media gecensureerd, ook worden buitenlandse sites met onwelgevallige informatie geblokkeerd. Sinds vorige maand is ook door China de vluchtweg afgesneden van zogenoemde VPN-diensten, waarmee vanuit de Volksrepubliek toch geblokkeerde websites konden worden bezocht.

Dit tot grote frustratie van Chinese wetenschappers, zakenlui en buitenlandse ondernemers in China die niet meer bij de informatie kunnen die zij voor hun dagelijkse werk nodig hebben.

Obsessie

Rutte zou er goed aan doen dit onderwerp in China aan de orde te stellen. Hoe kan China een geschikte vestigingsplaats zijn voor onderzoekslaboratoria, de financiële sector en internationale instituten als hun werknemers niet over vrij internet kunnen beschikken?

De Chinese leiders moeten op enig moment toch inzien dat ze met hun obsessieve controledrift een achterhoedegevecht voeren, omdat tientallen miljoenen Chinezen in het buitenland studeren, werken en op vakantie gaan en daar alles kunnen lezen over de drie T’s: Tiananmen, Tibet en Taiwan.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.