Jean Dohmen

Grenzeloze bemoeizucht Kamerleden is oorzaak van veel affaires

Door Jean Dohmen - 27 mei 2015

Burgers betalen de prijs voor een bemoeizuchtige overheid. Dit is eenvoudig te voorkomen: politici moeten zich beperken tot de hoofdlijnen.

Voor de fiscus is het te hopen dat zijn zoveelste megaproject niet opnieuw op een mislukking uitdraait. Wat VVD-staatssecretaris van Financiën Eric Wiebes betreft, worden vijfduizend van de twintigduizend (!) belastingambtenaren snel overbodig. Nieuwe computersystemen blijken een stuk efficiënter in het controleren van fiscale gegevens dan ambtenaren.

Als alles goed gaat – geen overbodig voorbehoud als het gaat om de combinatie overheid en grote projecten – stijgen de belastinginkomsten door betere controles met honderden miljoenen en misschien zelfs met een paar miljard euro.Het zou niet de eerste keer zijn dat ambities van de fiscus in het water van de Haagse Hofvijver vallen.

De Belastingdienst heeft bijzonder moeilijke jaren achter de rug, waardoor het imago van de organisatie flinke butsen heeft opgelopen. De invoering van een nieuw ICT-systeem liep de laatste jaren uit op een drama en kostte handenvol geld. Een deel van de computersystemen waarmee de fiscus werkt – nodig om geld te innen van burgers – stamt nog uit 1968, één jaar voordat de eerste mens voet op de maan zette.

Belastinggeld

De introductie van de Toeslagen in 2006, waardoor de Belastingdienst naast tollenaar ook uitkeringsinstantie werd, ging gepaard met allerlei kinderziekten en zette bovendien de deur wagenwijd open voor fraude. Behendige Bulgaren, en zij niet alleen, gingen aan de haal met Nederlands belastinggeld.

Dat de Belastingdienst daarmee werd opgezadeld, is te wijten aan politici – Kamerleden voorop. Zij lijken er een sport van te hebben gemaakt om steeds nieuwe, gedetailleerde regels in te voeren, zonder oog te hebben voor de uitvoerbaarheid. Het zorgwekkendste is dat het er niet op lijkt dat politici daar lering uit trekken.

Een ezel stoot zich in het algemeen niet twee keer aan dezelfde steen, maar de overheid blijkt hardleers. Op veel plaatsen bij de Rijksoverheid is sprake van ‘fricties tussen politieke ambities aan de ene kant en beschikbare tijd, mensen en middelen aan de andere kant’, schreef de Algemene Rekenkamer vorige week in een kritisch rapport. Goed gezegd.

In hun nivelleringszucht besloten politici op de valreep van 2013 enkele fiscale voordelen die voor alle burgers gelijk waren, zoals de algemene heffingskorting, inkomensafhankelijk te maken. Chaos en ergerlijke naheffingen waren het gevolg.

Onverantwoord

Die onbezonnen aanpak blijft niet beperkt tot het fiscale domein. De problemen met de uitbetaling van het persoonsgebonden budget (pgb) in de zorg vertoont parallellen met de gebeurtenissen bij de Belastingdienst.

Het ministerie van Volksgezondheid hevelde de uitkering van dit geld over naar de Sociale Verzekeringsbank (SVB). De bedoelingen leken goed: het geld moet niet meer op de bankrekening van de rechthebbende belanden, wat de kans op fraude vergroot, maar rechtstreeks door de SVB aan de zorgverlener worden uitbetaald. Er was echter te weinig tijd uitgetrokken om die operatie goed voor te bereiden. De Algemene Rekenkamer vindt dat onverantwoord.

Het is de prijs die we betalen voor een bemoeizuchtige overheid. Al deze problemen komen voort uit de wens van politici om het leven van de burgers tot in de kleinste details te regelen én de ernstige misvatting dat ambtenaren alles vervolgens snel en foutloos kunnen uitvoeren.

Hoofdlijnen

Kan dit worden voorkomen? Natuurlijk. Politici moeten zich beperken tot hoofdlijnen. Minder regels betekent ook dat minder problemen bij de uitvoering van die regels. En als er minder regels zijn, zijn er vanzelf minder ambtenaren nodig om de resterende regels uit te voeren en toezicht te houden.

Nieuwe computersystemen kunnen daarbij behulpzaam zijn. Maar zonder het mes in de regels zelf te zetten, worden de problemen niet opgelost.

Elsevier nummer 22, 30 mei 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.