Fred Sengers

China is machtig genoeg om zich niks van het Westen aan te trekken

Door Fred Sengers - 09 juli 2015

China werkt stap voor stap aan een netwerk van internationale organisaties die een alternatief vormen voor de instituties van het Westen. Er is bij veel regeringen in de wereld animo voor.

Deze week is de Russische president Vladimir Poetin gastheer van twee internationale topconferenties. Woensdag en donderdag ontvangt hij de regeringsleiders van de Brics-landen. En donderdag en vrijdag verwelkomt hij de Sjanghai Samenwerkingsorganisatie in Ufa – ik heb het even opgezocht: een grote industriestad in de Oeral.

Nog niet zo lang geleden vormden de vijf opkomende economieën die met hun beginletters het acroniem Brics vormen, een economisch dream team.

Machtsblok

Maar de slepende crisis in hun afzetmarkten en lage grondstofprijzen hebben de opmars van Brazilië, Zuid-Afrika en Rusland voorlopig doen staken. In het laatste land hebben westerse sancties de malaise verergerd. Eigenlijk liggen alleen India en China nog op koers.

Daarmee lijkt het enige wat de vijf landen bindt – hun economische groei – verdwenen. Verder zijn ze in veel opzichten elkaars concurrenten. Toch is het niet moeilijk om te zien dat ze samen een potentieel machtsblok in de wereld vormen.

Terreurbestrijding

De Brics-landen zijn samen goed voor 46 procent van de wereldbevolking, ongeveer 20 procent van de wereldeconomie en de helft van de wereldwijde economische groei in de afgelopen tien jaar. Gecombineerd waren de Brics vorig jaar ongeveer even groot als het Amerikaanse bnp.

Anders dan bij de Brics ligt bij de Sjanghai Samenwerkingsorganisatie SSO de nadruk op veiligheidsbeleid. Die bestaat momenteel nog uit zes landen: China, Rusland, Kazachstan, Kirgizië, Tadzjikistan en Oezbekistan.

Op de agenda in Ufa: de opkomst van IS, het stabiliseren van Afghanistan en grensoverschrijdende terreurbestrijding.

Slagkracht

De SSO-landen zullen ook een besluit nemen over de uitbreiding met ten minste twee lidstaten: India en Pakistan. Mogelijk wordt ook kandidaat-lidstaat Iran toegelaten. Met die uitbreiding neemt de internationale relevantie van de SSO aanzienlijk toe.

Donderdag vergaderen de vijf regeringsleiders van de Brics-landen anderhalf uur met hun ambtgenoten van de SSO. Het is geen toeval dat de twee conferenties gedeeltelijk samenvallen. Peking en Moskou willen dat beide organisaties samen optrekken om zo hun diplomatieke en economische slagkracht te bundelen.

Militaire vriend

Voor Rusland zijn beide toppen belangrijk om de wereld te laten zien dat Moskou nog steeds vrienden heeft. Het heeft dringend andere handelspartners nodig, nu het Westen probeert Poetin wegens het Russische optreden in Oekraïne met economische sancties op de knieën te krijgen.

Voor China spelen naast economische belangen vooral geopolitieke motieven. China kan Rusland goed gebruiken in het spel van afstoten en aantrekken dat het speelt met de Verenigde Staten. Het kan zeker een militaire vriend gebruiken aan zijn zeezijde, waar China is ingesloten door bondgenoten van de Verenigde Staten.

Bovendien heeft president Xi Jinping de hulp van Moskou nodig bij het realiseren van zijn ambitieuze plannen voor een nieuwe Zijderoute, dwars door Ruslands invloedsgebied in Centraal-Azië.

Geïsoleerd

Nog belangrijker is dat China stapsgewijs bouwt aan een netwerk van nieuwe internationale organisaties die een alternatief vormen voor de instituties van het Westen. Die organisaties zijn nu nog niet heel omvangrijk of machtig. Maar er is bij veel regeringen animo voor.

Westerse analisten denken vaak dat China en Rusland geïsoleerd zijn en dat het merendeel van de wereld vriendjes met het Westen wil zijn. Dat is een misvatting. In grote delen van de wereld vinden ze Amerika en de EU-lidstaten maar arrogant en zelfzuchtig.

Een groot deel van de wereldbevolking zal er geen traan om laten als we een toontje lager moeten zingen.

Eigen spelregels

Tot voor kort hadden die landen geen alternatief voor de economische aantrekkingskracht van het Westen en moesten ze zich schikken naar onze regels. Dat is de afgelopen jaren door de opkomst van China aan het veranderen.

Er is een nieuwe wereldspeler opgestaan die groot en machtig genoeg is om zijn eigen spelregels te maken.

De internationale belangstelling om zich aan te sluiten bij het Chinese initiatief voor een Aziatische Infrastructuur Investeringsbank AIIB is een omineus teken. Heel langzaam zijn we getuige van een verschuiving van een Washington-consensus, een internationale gemeenschap ingericht naar westerse maatstaven, naar een Peking-consensus.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.