Jean Dohmen

Goed dat slechte belastingplan van tafel is, maar wat nu?

Door Jean Dohmen - 01 juli 2015

Het belastingplan van het kabinet bleek, toen het er eindelijk was, weinig om het lijf te hebben. De kans dat er deze kabinetsperiode alsnog een serieuze belastingherziening komt, lijkt verkeken.

Het duurde al een eeuwigheid voor het kabinet met een eigen belastingplan kwam, en toen dat plan eindelijk op tafel lag, bleek het weinig om het lijf te hebben. Van een grondige herziening van het in 2001 door het tweede paarse kabinet (1998-2002) ingevoerde stelsel was geen sprake.

Traan

Niemand zal er daarom een traan om laten dat dit plan, na de weigering van oppositiepartij D66 om erover door te praten, nu al van tafel is. Zonder de steun van de oppositie is er in de Eerste Kamer geen meerderheid voor.

Het kabinet beperkt zich nu zo goed als zeker tot het uitdelen van 5 miljard euro aan lastenverlichting, vooral aan werkenden. Die belastingverlaging is welkom. Maar een bredere visie zit er niet achter. Ja, werken moet meer lonen, maar dat is een wat gratuite boodschap nadat de lasten in de afgelopen jaren met een slordige 20 miljard euro zijn verhoogd – ook voor werkenden.

Fraudegevoelig

De gang van zaken is gênant. Herziening van het verouderde belastingstelsel is dringend nodig. De huidige regels zijn vreselijk gedetailleerd en bovendien fraudegevoelig.

Belangrijk is ook dat er wat gebeurt aan het inefficiënte rondpompen van geld – een vorm van werkverschaffing voor ambtenaren. Belastingtarieven zijn onnodig hoog, omdat de overheid met de ene hand geld int dat ze met de andere hand teruggeeft in de vorm van aftrekposten, heffingskortingen en toeslagen. Opeenvolgende commissies hebben daarover, op verzoek van opeenvolgende kabinetten, lijvige rapporten vol geschreven.

Politici schuiven die klus al jaren voor zich uit. De kans dat er deze kabinetsperiode – in 2017 zijn er alweer verkiezingen – alsnog een serieuze belastingherziening komt, lijkt verkeken. Een gemiste kans.

Elsevier nummer 27, 4 juli 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.