Carla Joosten

Terwijl Europa zeurt, legt Amerika Europees falen bloot

Door Carla Joosten - 06 oktober 2015

Uit het TTIP-debat stijgt een ergerlijk soort anti-amerikanisme op. Hoe absurd die paranoïde houding is, blijkt wel uit ‘Dieselgate’.

Zaterdag 10 oktober maken linkse Europese demonstranten een vuist tegen het vrijhandelsverdrag waarover de Verenigde Staten en de Europese Unie al sinds 2013 onderhandelen.

Vakbonden, milieubeweging, antiglobalisten en clubs uit de ontwikkelingshulpindustrie zullen in onder meer Amsterdam en Berlijn protesteren tegen dit Transatlantic Trade and Investment Partnership (TTIP).

En dan te bedenken dat dit verdrag de handel en dus de welvaart tussen beide blokken moet vergroten. Iets waarvan al die linkse organisaties volop kunnen meeprofiteren.

Nu al vormen Amerika en de Europese Unie een markt van ruim 800 miljoen consumenten. Voor de Unie is de Amerikaanse markt de grootste afnemer, en omgekeerd. Maar voordat de handel de oceaan over kan, moet een onderneming heel wat obstakels overwinnen.

Die variëren van importtarieven en quota tot eisen aan producten, zoals veiligheidsnormen en verpakkingsinformatie. Het vrijhandelsverdrag moet die barrières slechten door regels en normen gelijk te schakelen en zo de handel te vergemakkelijken.

Werd in het verleden amper iets over handelsverdragen vernomen, het Amerikaans-Europese vrijhandelsverdrag is inmiddels ronduit omstreden. Europese normen voor veiligheid, arbeidsrechten, milieu- en consumentenbescherming zouden worden ingeruild voor Amerikaanse regels die volgens de critici veel slapper zouden zijn.

Claim

De grootste weerstand treft het zogeheten Investor-State Dispute Settlement dat bedrijven in staat stelt buiten de reguliere rechtspraak om een claim tegen landen in te dienen.

Het is een zegen dat een belangrijk Europees thema een maatschappelijk debat losmaakt, want het ontbreken daarvan leidde in het verleden tot ondoordachte besluiten zonder draagvlak in de samenleving. Ergerlijk is wel het anti-amerikanisme dat uit het debat opstijgt.

Dat Europa straks te maken krijgt met slappere regels – gesymboliseerd door de verafschuwde chloorkip die de Amerikanen ons door de strot zouden duwen – is onzin. Er is geen sprake van het afschaffen van bescherming, maar van het elimineren van dubbele regulering.

Wrange grap

Hoe absurd het paranoïde anti-amerikanisme is, maakt ‘Dieselgate‘ duidelijk. Het Duitse Volkswagenconcern manipuleerde tests met software om dieselauto’s schoner te laten lijken dan ze zijn. En wie legde dit bedrog bloot? Juist ja: het Amerikaanse Environmental Protection Agency. Er moesten Amerikanen aan te pas komen om het Duitse bedrog te onthullen.

De zorg over slappere regels is gezien de Amerikaanse reputatie bijna een wrange grap. Zou het anders zijn met consumentenbescherming? De Amerikaanse claimcultuur leidt waarschijnlijk tot meer veiligheid dan de berg Europese ­regels die amper te handhaven zijn.

Intussen zijn de Verenigde Staten en elf landen rond de Stille Oceaan, waaronder Japan, het afgelopen week eens geworden over een handelsakkoord. Nog iets langer dralen in Europa en Amerika is straks ook met China rond. Dan hebben Azië en Amerika de standaarden voor de wereld gezet en heeft Europa het nakijken.

Met alle nadelige gevolgen voor de Europese export van dien.

Elsevier nummer 41, 10 oktober 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.