economie

Wacht Argentinië een economische crisis zoals in 2001-2002?

Door Anna Vossers - 28 januari 2014

De Argentijnse peso maakte vorige week een vrije val: in een week verloor de munt 13 procent van zijn waarde ten opzichte van de dollar. Koerst Argentinië af op een crisis zoals in 2001-2002? Vijf vragen en antwoorden.

1. Wat gebeurde er ook al weer tijdens de crisis van 2001-2002?

Argentinië, in de negentiende eeuw nog een zeer welvarend land dat wel de ‘graanschuur van de wereld’ werd genoemd, belandde aan het begin van deze eeuw in een ernstige economische crisis.

In 2001 liep de werkloosheid in kort tijd op tot 20 procent, de prijzen van eerste levensbehoeften stegen razendsnel. De Argentijnse peso, die lange tijd aan de Amerikaanse dollar was gekoppeld, verloor in korte tijd 40 procent van zijn waarde, tot woede van vooral de Argentijnse middenklasse die zijn spaargeld zag verdampen, boodschappen niet meer kon betalen, supermarkten leegroofde en het vertrek van president Fernando de la Rua eiste. Veel rijken kozen eieren voor hun geld en vluchtten naar het buitenland.

De la Rua werd eind december 2001 onder luid protest met een helikopter uit het presidentiële Casa Rosada in Buenos Aires geëscorteerd – het begin van een roerige periode waarin het land in twee weken vijf verschillende presidenten had. Het land stopte met het afbetalen van zijn torenhoge buitenlandse schulden, waardoor vervolgens niemand meer geld wilde uitlenen aan het Zuid-Amerikaanse land.

2. Hoe stond de Argentijnse peso er tot vorige week voor?

Onder president Néstor Kirchner, de inmiddels overleden echtgenoot van de huidige president Cristina Fernández de Kirchner (59), krabbelde Argentinië op, werd er weer belasting geheven en kwamen buitenlandse investeerders terug. Maar het beleid van de Kirchners is grillig. Zo nationaliseerde Cristina tot woede van Spanje ineens YPF, een dochteronderneming van het Spaanse oliebedrijf Repsol.

De peso lijdt aan torenhoge inflatie en wie wil sparen, probeert alsnog op de zwarte markt aan dollars te komen, omdat die veel waardevaster zijn dan peso’s. Maar in november 2011 heeft Kirchner beperkingen gesteld aan het wisselen van Amerikaanse dollars. Het gevolg is dat er twee wisselkoersen zijn: de officiële, en die van de zwarthandelaars, die populair zijn onder toeristen omdat ze tot anderhalf keer meer peso’s voor een dollar betalen dan legale wisselkantoren.

3. Wat gebeurde er vorige week?

De peso maakte een vrije val. Hoewel de Argentijnse regering officieel ontkent de peso te devalueren, is dat de facto wel aan de hand. In een paar dagen tijd verloor de peso ruim 13 procent van zijn waarde ten opzichte van de dollar, de sterkste daling sinds de crisis van 2001-2002.

De Argentijnse centrale bank probeert een verdere val te voorkomen door op grote schaal dollars in te kopen en daarmee de waarde van de peso zo stabiel mogelijk te houden. Alleen maandag al kocht de centrale bank 135 miljoen dollar. De reserves van de bank daalden de afgelopen twee jaar tot 29 miljard dollar, bijna een halvering.

Vrijdag besloot de regering-Kirchner om de beperkingen op het gebruik van dollars op te heffen. Vanaf maandag mochten Argentijnen hun spaargeld inwisselen voor dollars. Kort nadat de versoepeling bekend werd, werden er voorwaarden aan de inkoop gesteld: maximaal eenvijfde van het maandsalaris mag per maand worden gewisseld.

4. Waar zijn de Argentijnen bang voor?

Argentijnen vrezen een herhaling van het rampscenario van 2001-2002. Ook nu halen sommige winkeliers de prijskaartjes uit de etalage, om snel op prijsschommelingen te kunnen reageren. Eigenaren van elektronica-winkels zeggen zo min mogelijk te willen verkopen, omdat hun laptops en smartphones uit Azië veel waardevaster zijn dan de peso, en ze meer hebben aan de spullen dan aan een kassalade vol peso’s.

Het officiële inflatiecijfer wordt al lang door niemand meer geloofd, tijdschrift The Economist weigert het cijfer al twee jaar te publiceren.

Kredietbeoordelaar Moody’s vreest een inflatie van 30 procent voor 2014 en een devaluatie van 50 procent ten opzichte van de dollar. Dat zijn cijfers die zorgwekkend veel lijken op die van de vorige crisis. Het bureau wijst met de beschuldigende vinger naar de regering-Kirchner, die totaal onvoorspelbaar reageert en geen enkele duidelijkheid geeft voor de lange termijn.

5. Wat doet Kirchner?

Kirchner laat het economisch beleid sinds haar hersenoperatie van oktober vorig jaar, vanwege een bloedpropje, grotendeels over aan haar minister van Economische Zaken, Axel Kicillof (42), een Keynesiaan. Die probeert andere landen te vriend te houden met beloftes over het afbetalen van de Argentijnse schulden – maar wat die beloftes waard zijn met de snel slinkende staatskas is de vraag.

Een voormalig president van de centrale bank, Alfonso Prat-Gay, noemt Kicillofs politieke manoeuvres schandalig en vindt dat hij moet werken aan een volwaardig economisch programma in plaats van de peso te devalueren.

Kirchner zelf is op staatsbezoek in het bevriende, communistische Cuba op een regionale top. Terwijl haar land afglijdt, luncht zij met oud-president Fidel Castro. Bij de presidentsverkiezingen van 2015 kan zij niet meer worden herkozen, omdat zij er twee termijnen op heeft zitten.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.