economie

Elsevier Uw geld: als flexwerker bent u straks beter beschermd

Door Heidi Klijsen - 27 juni 2014

Werkgevers kunnen flexwerkers niet meer zomaar wegsturen. Bij arbeidsovereenkomsten van zes maanden of langer geldt straks een aanzegtermijn van een maand

Tijdelijke werknemers moeten zo veel mogelijk hetzelfde worden behandeld als vaste medewerkers, vindt het kabinet. Als het wetsvoorstel Werk en Zekerheid dezer dagen door de Eerste Kamer komt, kunnen ze vanaf 1 juli iets minder makkelijk aan de dijk worden gezet.

Proeftijd

Bij arbeidsovereenkomsten van zes maanden of langer geldt dan een aanzegtermijn van een maand. Dit betekent dat de werkgever uiterlijk een maand voor de afloop van het contract moet aangeven of hij de werknemer houdt of niet. Doet hij dit niet, dan moet hij een maand salaris extra doorbetalen. Of, als hij te laat is, een evenredig deel daarvan.

In een contract van minder dan een half jaar mag voortaan geen proeftijd meer staan. Ook mag de werkgever in principe geen concurrentiebeding meer opnemen in tijdelijke contracten. Alleen bij ‘zwaarwichtige bedrijfs- of dienstbelangen’ is dit nog toegestaan.

Kennis

Het gaat dan bijvoorbeeld om zeer specifieke kennis die is opgedaan tijdens het werk, en waarvan de werkgever niet wil dat deze terechtkomt bij de concurrentie. Dit moet de werkgever zeer goed kunnen onderbouwen.

Ook het werken met oproepcontracten wordt aan banden gelegd. Alleen in de eerste zes maanden van een arbeidscontract mag een werkgever daarvan nog gebruik maken, mits het om werk gaat zonder vaste omvang. Daarna is een oproepcontract alleen nog mogelijk als dat in de betreffende cao is vastgelegd.

Er zit wel een addertje onder het gras: de nieuwe regels gelden alleen voor tijdelijke contracten die op of na 1 juli 2014 zijn afgesloten.

Draaideur

De wetswijziging pakt ook draaideurconstructies harder aan. Nu komen werkgevers er nog mee weg om werknemers drie keer een jaarcontract aan te bieden, hen vervolgens drie maanden naar huis te sturen en dan weer in dienst te nemen.

Zo houden zij werknemers tot in lengte van dagen aan het werk met flexcontracten. Als de wetswijziging doorgaat, kan dat vanaf 1 juli 2015 – een jaar later dan de andere maatregelen – niet meer. Werknemers maken dan na twee jaar aanspraak op een vast contract. En de eerdergenoemde pauze tussen contracten wordt verlengd van drie naar zes maanden.

Eenvoudiger

Het kabinet hoopt dat werknemers hierdoor minder lang tegen hun zin blijven hangen in de ‘flexibele schil’, wat de afgelopen jaren steeds vaker gebeurt. Ze missen zo bescherming tegen ontslag en liggen er bij omzetproblemen als eersten uit.

Voor werkgevers wordt het er door al die nieuwe regels niet makkelijker op om arbeidskrachten in te huren. Daar staat tegenover dat het ontslaan van werknemers straks gemakkelijker gaat.

De procedure daarvoor wordt eenvoudiger. Als de Eerste Kamer het wetsvoorstel aanneemt, wordt ook de maximale ontslagvergoeding aan banden gelegd.

Dit artikel verscheen op 14 juni van dit jaar in weekblad Elsevier.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.