kennis

‘Hackers kunnen controle over auto’s zomaar overnemen’

Door Tom Reijner - 09 februari 2015

Draadloze technologie in Amerikaanse voertuigen is vaak nauwelijks beveiligd tegen hackers. Autofabrikanten hebben onvoldoende maatregelen genomen tegen cyberaanvallen.

Dat zijn de waarschuwende woorden van de Amerikaanse Democratische senator Edward Markey in een rapport dat maandag wordt gepubliceerd, schrijft The New York Times.

Gebrek

De politicus zegt dat er een duidelijk ‘gebrek aan veiligheidsmaatregelen’ is om bestuurders, die volgens hem afhankelijk zijn van nieuwe technologieën, te beschermen tegen hackers.

Die zouden met hun praktijken de controle over een voertuig over kunnen nemen. De Democraat concludeert, op basis van de informatie die hij opvroeg bij zestien autoproducenten, dat autofabrikanten onvoldoende maatregelen hebben genomen tegen aanvallen van hackers en andere kwaadwillenden. Ook zou er niet veel zijn gedaan om de draadloze technologie weerbaar te maken tegen diefstal van gegevens.

Privacy

Volgens Markey is er ook een probleem met de privacy: een aantal voertuigen blijkt informatie van ritten op te slaan. Mensen die een auto kopen en daar vervolgens in gaan rijden, weten vaak niet dat gegevens worden verzameld en wat ermee wordt gedaan.

In een reactie melden autofabrikanten dat hen geen blaam treft. We weten heus wel dat privacybescherming en voldoende veiligheidsmaatregelen nodig zijn om het vertrouwen van klanten niet te verliezen, zegt een woordvoerder van een van de fabrikanten.

Razendsnel

De nieuwste auto’s bevatten veelal computergestuurde technologie. Ze zijn vaak verbonden met een draadloos netwerk. Technologische vernieuwingen gaan razendsnel. Sommige voertuigen worden beschermd door radars, lasers en camera’s, bijvoorbeeld als een auto moet remmen.

In de toekomst, is de verwachting, kunnen auto’s met elkaar corresponderen en informatie met elkaar delen. Draadloze technologie kan het aantal botsingen voorkomen, schreef The Washington Post in oktober vorig jaar.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.