kennis

Ouders, laat die kinderen met rust en neem tijd voor uzelf

Door Hidde Boersma - 24 juli 2015

Westerse ouders brengen steeds meer tijd door met hun kin­deren. Maar uit nieuw onderzoek blijkt dat een onsje minder goed uitpakt.

Wat worden ze verwend, die kinderen van tegenwoordig. Besteedden moeders in 1970 nog negen uur per week aan hun kinderen, tegenwoordig is dat gemiddeld veertien uur.

En ook vaders zijn zorgzamer geworden. Hun aandeel steeg van een schamele drie uur per week in 1970 naar zes nu. In totaal mogen kinderen zich nu verheugen op bijna twee keer zoveel aandacht als vroeger.

Dat mag verrassend heten, want moeders zijn in diezelfde periode een stuk meer gaan werken. Ouders hebben dus niet opeens veel meer tijd ter beschikking gekregen. Uit het onderzoek van de Canadese socioloog Melissa Milkie van de Universiteit van To­ronto bleek zelfs dat werkende moeders nu net zoveel tijd aan hun kinderen besteden als thuisblijvende moeder in de jaren zeventig. Waarom doen ze dat?

Een van de redenen van deze toenemende aandacht voor kinderen is de veranderde kijk op wat goed ouderschap, vooral goed moederschap, behelst. Tegenwoordig zijn kinderen heilig en geldt de tijd die ouders doorbrengen met hun kinderen als ‘on­vervangbaar’.

Er is een enorme culturele tendens naar ‘intensief ouderschap’, stelt Milkie in een interview met The Wall Street Journal. Daardoor hebben ouders het idee dat ze een groot deel van hun vrije tijd moeten doorbrengen met hun kinderen.
Daar komt nog eens bij dat de maatschappij een stuk risicomijdender is geworden.

De Amerikaanse geograaf Roger Hart observeerde kinderen in de jaren zeventig en nu, en het viel hem op dat ouders hen tegenwoordig veel minder vaak alleen laten tijdens hun spel, om maar te voorkomen dat hun iets overkomt.

Tijd

Ouders verwachten dat hun kinderen door al deze aandacht opgroeien tot gelukkige, zelfverzekerde en maximaal ontplooide volwassenen. Maar is dat wel zo? Een onderzoek van Milkie en haar collega’s lijkt dit idee te logenstraffen.

Ze onderzochten in 1997 de opvoedstijl van verschillende moeders met kinderen tussen de 3 en 11 jaar, en turfden de tijd die ze doorbrachten met hun kinderen. In 2002 kwamen ze terug om te kijken wat er van de kinderen was terechtgekomen.

Wat bleek: de hoeveelheid tijd die de moeders aan hun kroost hadden besteed, had nauwelijks tot geen invloed op het levenspad van de kinderen.

De enige periode waarin de kwantiteit iets uitmaakte, was tijdens de adolescentie. Hoe meer tijd tieners tijd doorbrachten met hun ouders, hoe minder vaak ze problemen kregen met drank en drugs en hoe minder vaak ze crimineel gedrag vertoonden.

Gedurende de rest van het leven had het aantal uren gezamenlijk doorgebrachte tijd geen invloed op het sociale en cognitieve functioneren van het kind op latere leeftijd.

Betekent dit dat kinderen dan maar aan hun lot moeten worden overgelaten? Nee, dat niet, want wat wel bleek uit te maken, was de kwaliteit van de gespendeerde tijd. Betrokken ouders leveren wel betere kinderen af. Activiteiten als voorlezen en samen eten bijvoorbeeld bevorderen het welzijn van de jongeren. Deze quality time hoeft alleen niet non-stop beschikbaar te zijn. Een uurtje of zes per week met het gezin is afdoende om goede resultaten te bereiken.

Milkie ontdekte zelfs dat de trend van langdurig aandacht geven nadelen kan hebben. Het viel haar op dat – om aan het beeld van goed ouderschap te voldoen – veel moeders slaap tekort komen of gestresst raken doordat ze geen balans kunnen vinden tussen werk en thuis. De kinderen krijgen daardoor eerder emotionele moeilijkheden of gedragsproblemen.

Helikopterouders

Dergelijke problemen spelen vooral bij lageropgeleide moeders. Ook zij voelen de sociale druk om veel tijd met hun kinderen door te brengen, maar hebben tegelijkertijd veel meer dagelijkse (financiële) sores, die het nog lastiger combineren maakt.

Uit een ander onderzoek, van de Universiteit van Tennessee uit 2011 bleek bovendien al dat kinderen van zogenoemde helikopterouders, die bijna elke stap van het kind begeleiden, eerder in een depressie raken als ze uit huis zijn. Ook zijn pedagogen het erover eens dat alleen spelen en eigen grenzen ontdekken, bijdragen aan de cognitieve en sociale ontwikkeling van een kind. Kinderen moeten meer met rust worden gelaten.

Als dit nog niet genoeg is om ouders ervan te overtuigen dat ze zich niet schuldig hoeven voelen over het feit dat ze beiden werken, dan is daar nog een Harvard-studie van dit jaar. Uit dat onderzoek blijkt dat dochters van werkende moeders het beter deden in de maatschappij dan hun tegenhangers die een moeder hadden die altijd thuis was.

Ze bleken 4,5 procent vaker een baan te hebben, en in die baan ook nog eens meer te verdienen. Opvallend was bovendien dat de dochters van werkende moeders ook vaker een leidinggevende positie hadden.

Een werkende moeder had ook een opmerkelijk effect op haar zonen. Die bleken meer zorgtaken op zich te nemen voor familie­leden en deden bovendien meer huishoudelijke taken. De onderzoekers denken dat door de gelijkwaardigere relatie van ouders, traditionele man-vrouwpatronen worden doorbroken. Daardoor worden jongens geëmancipeerder en meisjes zelfstandiger.

Er is al met al voor ouders weinig reden om zich schuldig te voelen als ze eens geen tijd voor hun kinderen hebben. Integendeel: het zou juist goed zijn als ze hun kinderen eens wat vaker alleen laten spelen en fouten laten maken. Dan hebben vader en moeder ook weer eens wat tijd voor zichzelf.

Elsevier nummr 31, 1 augustus 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.