nederland

Hoe kan radicalisering op scholen worden aangepakt?

Door Bauke Schram - 20 mei 2016

Tussen 2009 en 2012 stond terreurbestrijding in Nederland op een te laag pitje, blijkt uit onderzoek van de Universiteit Utrecht. Vooral radicalisering op scholen kreeg niet genoeg aandacht, wat grote gevolgen kan hebben voor onze veiligheid.

1770568-1Experts genoeg, maar werken de deradicaliseringstrajecten wel?

De onderzoekers schrijven dat anti-terrorismeprogramma’s op scholen in die jaren ‘bijna geheel werden weggesneden’. Kennis onder docenten over de radicale islam zou daardoor zijn weggelekt.

De afgelopen maanden kwamen berichten naar buiten dat kinderen al vanaf 9 jaar radicale denkbeelden hadden. Scholen in Den Haag trokken daarop aan de bel.

Volgens het Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland (DTN) is de radicalisering van scholieren erg zorgelijk. In het ergste geval vertrekken jongeren op eigen initiatief of met hun familie naar Syrië of Irak om aan de zijde van Islamitische Staat (IS) te vechten.

Meer trainingen nodig

‘Radicalisering is nu echt iets dat speelt voor het onderwijs,’ zegt Fleur Nollet, beleidsmedewerker van stichting School en Veiligheid, tegen elsevier.nl. ‘Docenten moeten om kunnen gaan met spanningen en moeten radicale uitingen en polarisatie kunnen signaleren.’ En daar zijn vooral trainingen voor nodig.

Na de aanslagen in Brussel zouden islamitische scholieren op verschillende plekken in de klas hebben ‘gejuicht’. ‘Dat nemen wij natuurlijk serieus,’ aldus Nollet. ‘Als er aanslagen worden gepleegd, leeft dat onder de leerlingen.’ Die discussie moet worden aangegaan om kinderen kritisch te laten denken. ‘Het is fijn voor docenten dat er nu, doordat er meer aandacht en geld is, ondersteuning kunnen krijgen wanneer nodig.

2014-12-01 15:20:34 DEN HAAG - Belangstellenden arriveren bij het Haagse Paleis van Justitie, waar de rechtbank zich boog over diverse zaken rondom terrorisme- en ronselaarverdachten. ANP JERRY LAMPENLees ook: Dit zijn de gezichten van de jihad in Nederland

Er zijn bepaalde scholen waar kinderen vatbaarder zijn voor radicalisering. Dat ligt niet alleen aan de raciale of religieuze achtergrond van bepaalde groepen, maar ook aan de economische situatie, aldus Nollet.

Online

Radicalisering gebeurt ook steeds vaker online. Volgens Lisa Arts en Ewoud Butter, de auteurs van het rapport ‘Radicaal, orthodox of extremist?’, bouwen salafisten en jihadisten een ‘virtuele bibliotheek’ via verschillende websites. Voor ouders is het tegenwoordig veel moeilijker geworden om in de gaten te houden wat er met hun kind gebeurt, omdat jongeren veel tijd online besteden.

‘Er lijkt een grotere kloof tussen de belevingswereld van de leerlingen en de docenten,’ volgens Nollet. ‘Dat komt onder meer doordat veel meer zich nu online afspeelt.’

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.