nederland

‘Lord of the drinks’: verbanning Van Gelder terecht?

Door Ariana Manduzai - 09 augustus 2016

Olympisch turner Yuri van Gelder is naar huis gestuurd na een nacht te hebben gedronken in Rio. Iedereen heeft een mening over de kwestie, van medelijden tot spot.

Zaterdagnacht, nadat hij zich had geplaatst voor de finale op het onderdeel ringen, heeft hij het Olympisch dorp zonder toestemming verlaten en is hij pas zondagochtend teruggekeerd. Met alcohol op. ‘Ontoelaatbaar gedrag’, vindt Maurits Hendriks, chef de mission.

Van Gelder heeft zijn fouten erkend, maar wil nog niet inhoudelijk reageren. ‘Yuri wil de gebeurtenissen in besloten omgeving eerst verwerken,’ staat op zijn website.

Van Gelder kwam eerder in de problemen
Het is niet voor het eerst dat ‘genotsmiddelen’ een probleem vormen voor de ringenspecialist, die als bijnaam ‘Lord of the Rings’ had. In 2006 werd de turner al beschuldigd van cocaïnegebruik, toen hij sergeant eerste klasse bij de Koninklijke Landmacht was. In 2009 won Van Gelder goud op de Nederlandse Kampioenschappen turnen.

Interview met Maurits Hendriks: ‘Succes op Spelen straalt af op Nederland’

Maar na een positieve dopingtest, moest Van Gelder naast zijn positie bij Defensie, zijn gouden medaille inleveren. Na dat incident gaf de turner in het AD aan ‘met professionele hulp van de drugs af te komen’. Een jaar later werd hij wegens een terugval uit de selectie voor de wereldkampioenschappen gezet.

Geen gekke maatregel?
Verslavingsexpert Charles Dorpmans zegt tegen RTL Nieuws het ‘geen vreemde maatregel te vinden’ dat Van Gelder naar huis is gestuurd. Dorpmans vindt het alcoholgebruik van Van Gelder opmerkelijk omdat de turner eerder voor zijn cocaïneverslaving behandeld is en zou moeten weten waar zijn valkuilen liggen. Hij vervolgt: ‘Mensen knokken hier hun hele leven voor, en nu gooit hij het weg.’

Op Twitter zijn de reacties gemengd en gaan van spot tot medelijden.

Door het incident is er nu ook kritiek op Heineken, als sponsor van de Olympische Spelen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.