nederland

Kuzu hoeft niet bang te zijn voor straf na schoffering Netanyahu

Door Emile Kossen - 12 september 2016

Tunahan Kuzu wordt niet op het matje geroepen door Kamervoorzitter Khadhija Arib. De Kamervoorzitter zegt dat het niet haar taak is om Kuzu aan te spreken op de handenschud-affaire, vorige week tijdens een bezoek van de Israëlische premier Benjamin Netanyahu aan Nederland.

Kuzu weigerde afgelopen week bij het bezoek van Netanyahu de bewindsman de hand te schudden, terwijl hij een duidelijk zichtbaar pro-Palestijnse badge had opgespeld. Netanyahu haalde zijn neus op voor de DENK-voorman en liep beledigd verder.


CIDI wil actie van Arib, maar Kamervoorzitter doet niets
Er kwam veel kritiek op de actie van Kuzu, van onder anderen collega-Kamerleden en van het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI). Die groep riep Kamervoorzitter Arib op om Kuzu ‘op zijn wangedrag aan te spreken’. Kuzu zocht ‘bewust de confrontatie’, aldus het CIDI.

Arib zegt maandag tegen TPO dat ze in de hele discussie geen rol voor zichzelf ziet weggelegd. ‘Het is aan Kamerleden zelf om verantwoording af te leggen voor hun handelen en elkaar daarop aan te spreken.’ Volgens Arib heeft Kuzu bovendien geen regels overtreden, want er zijn geen verplichtingen rondom omgangsvormen.

Netanyahu haalde na ontmoeting uit naar GroenLinks en DENK
Na de beruchte eerste ontmoeting was Kuzu wel gewoon aanwezig bij de vergadering tussen Netanyahu en commissieleden uit de Eerste en Tweede Kamer. Rik Grashoff van GroenLinks boycotte die bijeenkomst, waar een uur lang over uiteenlopende thema’s werd gesproken.

De Israëlische president maakte na zijn bezoek via sociale media zijn onmin bekend met de fracties van DENK en GroenLinks. In een korte video zegt Netanyahu dat ‘vandaag weer een duidelijk voorbeeld gezien van diegenen die vrede willen, en zij die dat niet willen’.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.