nederland

‘Terreurverdachte wilde bommen en wapens op Schiphol verstoppen’

Door Elif Isitman - 10 maart 2017

Osama Krayem (24), een van de mannen die was betrokken bij de terreuraanslagen in Parijs en Brussel, was op de dag van de aanslagen in Parijs op Schiphol. Hij zou hebben bekeken of hij daar wapens en explosieven kon verstoppen.

Dat zegt de terreurverdachte althans tijdens een verhoor door Belgische autoriteiten, meldt het Franse weekblad Challenges vrijdag.

Zoeken naar bagagekluizen

Krayem zou samen met een andere jihadist, Sofiane Ayari, met de bus naar Schiphol zijn gereisd om te inventariseren of daar wapens konden worden ondergebracht. Dit vertelde hij eind vorig jaar aan Belgische onderzoekers.

Krayem, in Zweden geboren en in april 2016 in België gearresteerd, is een voormalige Syriëganger. In zijn verklaring zegt hij dat hij op 13 november 2015, de dag van de bloedige aanslagen in Parijs waarbij 129 mensen werden vermoord, twee uur lang op Schiphol naar bagagekluizen heeft gezocht die groot genoeg waren, maar dat lukte niet. Het aanvankelijke plan was om ook in Nederland een aanslag te plegen.

Schiphol Groep

In het onderzoek naar de terreuraanslagen in Parijs op 13 november en die in Brussel op 22 maart vorig jaar rees de vraag wat de jihadisten in hun computerbestanden bedoelden met de ‘Schiphol Groep’.

Eerder werd bekend dat de terroristen Schiphol als mogelijk doelwit zagen. Dat bleek uit documenten op een computer die uit een vuilnisbak in het Brusselse Schaarbeek werd gevist. Een van de bestanden heette ‘Schiphol Groep’, een andere ‘Metro Groep’ – mogelijk een verwijzing naar het terreurcommando dat toesloeg in de Brusselse metro op 22 maart.

De toenmalige minister van Veiligheid en Justitie, Ard van der Steur, stelde de Tweede Kamer op 11 oktober vorig jaar per brief op de hoogte van de kwestie. Hij bevestigde toen dat de Belgische autoriteiten op een laptop toebehorend aan de groep een computermap hadden aangetroffen met de naam ‘13 novembre‘. Daarin zaten vijf bestanden, waarvan er eentje de mapnaam ‘Schiphol’ droeg. De Belgische autoriteiten voorzagen de Nederlandse politie in maart vorig jaar van een kopie van het bestand. Vervolgens is een onderzoek ingesteld, dat nog altijd loopt.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.