terreur

AIVD: ‘Onderschat vrouwelijke jihadisten niet’

Door Elif Isitman - 17 november 2017

De AIVD waarschuwt voor het gevaar van jihadistische vrouwen in Nederland. De rol van vrouwen binnen het jihadisme moet niet worden onderschat, benadrukt de AIVD in een nieuwe publicatie.

In Nederland zijn op dit moment iets minder dan honderd vrouwelijke jihadisten, zo meldt de AIVD in Jihadistische vrouwen, een niet te onderschatten dreiging. Vrouwen zijn volgens de publicatie ‘minstens zo toegewijd aan het jihadisme als mannen’.

IS geeft vrouwen actievere en gewelddadigere rol

Naast de circa honderd vrouwelijke jihadisten die zich in Nederland bevinden, zijn er sinds 2012 minstens tachtig vrouwen uit Nederland naar het ‘kalifaat’ in Syrië en Irak gereisd. Het overgrote deel van hen sloot zich aan bij terreurbeweging Islamitische Staat (IS).

IS zou de laatste tijd een grotere, actievere en gewelddadige rol aan vrouwen binnen het jihadisme toedichten. Eerder speelden zij slechts een ondersteunende rol.

Zet deze ontwikkeling door, dan kunnen vrouwelijke jihadisten in zowel strijdgebieden als in Nederland een groter risico vormen, aldus de AIVD. De laatste twee jaar zou een onbekend aantal vrouwen hebben geprobeerd een aanslag te plegen in Europa. Een bekend voorbeeld is dat van de twee vrouwen die in september 2016 een auto vol gasflessen achterlieten bij de Notre Dame in Parijs.

Maar de vrouwen vormen niet alleen een gevaar door hun deelname aan aanslagen. Ook op andere vlakken weet IS ze goed in te zetten: zo spelen ze een grote rol bij de rekrutering van leden, het produceren en verspreiden van jihadistische propaganda, en bij het inzamelen van geld voor de gewapende strijd. Wat ze ook gevaarlijk maakt, is dat ze hun kinderen indoctrineren met terroristisch gedachtegoed. Er zitten ten minste honderd, vaak zeer jonge kinderen met een Nederlandse achtergrond in IS-gebied.

Terugkeerders behouden jihadistisch gedachtegoed en netwerk

Aangezien IS flink terrein verliest in Syrië en Irak, ontvluchten steeds meer leden van IS het gebied. Volgens de AIVD verschillen huidige terugkeerders van degenen die voor 2017 terugkwamen.

De vrouwen die nu nog in het ‘kalifaat’ zitten, verkeren gemiddeld al zo’n drie jaar in het strijdgebied in Syrië en Irak. Daardoor zijn ze langer blootgesteld aan geweld en terrorisme, en hebben ze vermoedelijk een internationaal netwerk van jihadisten opgebouwd. Ook hebben sommigen van hen wapentraining gehad. De AIVD gaat ervan uit dat een groot deel van hen het jihadistische gedachtegoed en sociale netwerk ‘in meer of mindere mate’ behoudt, ook bij terugkomst in Nederland en andere Europese landen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.