Misdaad

De Puttense moordzaak: een dubbele dwaling?

Door J.A. Blaauw - 07 februari 2018

De Puttense moordzaak is de grootste gerechtelijke dwaling uit de rechtsgeschiedenis. Twee mannen zaten ten onrechte jaren vast. In 2008 werd een nieuwe verdachte aangehouden en uiteindelijk veroordeeld: Ron P. Later werd hij ook veroordeeld voor de Rijswijkse moord. Een dubbele dwaling, betoogt wetenschapsfilosoof Ton Derksen in een recent verschenen boek. Voormalig korpschef J.A. Blaauw, die in 2000 een boek schreef over de Puttense moordzaak, las Derksens analyse en geeft exclusief voor Elsevier Weekblad zijn oordeel.

Dubbel gedwaald: Putten II en de Rijswijkse moordzaak is de titel van het zojuist verschenen boek van wetenschapsfilosoof Ton Derksen. Reeds in de eerste vier regels van zijn 334 pagina’s tellende werk formuleert de schrijver  ‘heel duidelijk’ zijn eigen zienswijze omtrent de voor beide moorden veroordeelde man: ‘(1) Ron P. is mijn inziens onschuldig in de Puttense moordzaak en in de Rijswijkse moordzaak, en (2) mijn argumenten daarvoor tasten op geen enkele manier de terechte vrijspraak van Wilco Viets en Herman du Bois aan.’

Beknopt samengevat: via uitvoerige tegenargumenten gebaseerd op andere interpretaties van het tegen Ron P. gebezigde bewijsmateriaal voert Derksen mogelijkheden en (on)waarschijnlijkheden aan waaruit de onschuld van P.  in beide moordzaken zou moeten blijken.

Alvorens mijn reactie/conclusies op een en ander te geven, volgt hier voor alle duidelijkheid eerst mijn beknopte terugblik op bovengenoemde drie gebeurtenissen.

DNA bleek helemaal niet bij veroordeelden te horen

In de namiddag van zondag 9 januari 1994 werd de 23-jarige Christel Ambrosius in de woning van haar oma in Putten op gruwelijke wijze gewurgd, verkracht en vervolgens met messteken om het leven gebracht. Ongeveer een maand later werden Herman du Bois en Wilco Viets, later bekend als de Twee van Putten,  als verdachten voor dit misdrijf  gearresteerd. Beiden hadden een blanco strafblad. De Twee werden in 1995 tot langdurige gevangenisstraffen veroordeeld. Belangrijk in dit verband was het volgende: op het rechterbovenbeen van het slachtoffer was een spermadruppel aangetroffen, waarvan het DNA bij geen van De Twee bleek te horen. Vervolgens ontstond de zogenoemde sleeptheorie.  Die kwam hierop neer, dat het bewuste sperma tijdens de verkrachting uit de vagina zou zijn ‘gesleept’.

Na zeven jaar (volstrekt onschuldig) achter de tralies te hebben gezeten, werd hun zaak in 2001 heropend. Uiteindelijk werden beiden in 2002 vrijgesproken. Hun  veroordeling bleek te berusten op een niet gering aantal, onder zware druk van de verhoorders afgelegde, valse bekentenissen. Daar hoorden ook nog eens de valse verklaringen van twee ‘getuigen’ bij. Alles bij elkaar genomen: tot nu toe de grootste gerechtelijke dwaling in Nederland.

Lees ook dit spraakmakende stuk uit Elsevier Weekblad:

Onderzoek wijst uit: drugsoorlog kost steeds meer levens in Nederland

Nieuwe verdachte: Ron P.

Na ongeveer vijf jaar voortgezet onderzoek werd in 2008 een nieuwe verdachte aangehouden. Dat was  Ron P., die ten tijde van de moord 18 jaar was en op dat moment  nog bij zijn ouders in Putten woonde. Zijn aanhouding was een uitvloeisel van  de in 2005  ingevoerde wetgeving, inhoudende de verplichting om na veroordeling wegens bepaalde  misdrijven DNA af te staan.  Veroordeling wegens mishandeling van zijn vriendin betekende dat ook Ron P. DNA moest afstaan, hetgeen niet zonder gevolgen bleef. Zijn DNA werd niet alleen aangetroffen in de eerder genoemde spermadruppel, maar ook in een bloedvlekje op de spijkerbroek van Christel. In het verdere onderzoek werd bovendien nog een  bloedspoor van Ron P. aangetroffen onder de nagels van het slachtoffer.

Ron P.  heeft altijd ontkend ook maar iets met de moord op Christel Ambrosius te maken te hebben gehad. Hij had, zo beweerde hij, in die jaren wel een geheime relatie met Christel gehad. Zodoende had hij op de zaterdagavond vóór de moord nog seks met haar gehad. De daaropvolgende zondag was hij de hele dag thuisgebleven, en had hij haar ook helemaal niet gezien. Dat Christel op diezelfde zondag was vermoord, had hij enkele weken later bij toeval in een oude krant gelezen, toen hij daarin zocht naar een advertentie van een tweedehands auto. Overigens had hij zich destijds, aldus zijn verklaring, wel bij de politie in Putten dan wel in Ermelo gemeld (hij wist niet meer precies waar) maar daar had men  geen belangstelling gehad voor zijn verhaal, ‘want ze hadden de dader al’. Voor het overige bleef hij uiterst zwijgzaam. Tijdens het rechercheonderzoek werd intussen vastgesteld dat de door Ron P. aangehaalde geheime relatie met Christel Ambrosius bij niemand bekend was. Overigens kon hij Christel ook slechts zeer vaag beschrijven.

Zwijgrecht uit vrees voor oneerlijk proces

De eerste rechtszitting tegen Ron P. speelde zich af in 2009. Op advies van zijn raadsman maakte hij, behalve tijdens zijn laatste woord, voortdurend gebruik van zijn zwijgrecht, dan wel van ‘geen commentaar’ wanneer het om kritische vragen ging. In zijn laatste woord gaf hij aan van zijn zwijgrecht gebruik te hebben gemaakt omdat hij dacht ‘geen eerlijk proces’ te krijgen.

Ook tijdens dit proces kwam eerdergenoemde ‘sleeptheorie’ uitgebreid ter sprake. Nu was het de raadsman die betoogde dat de op het dijbeen van het slachtoffer aangetroffen spermadruppel er op die bewuste zondag door een derde moest zijn ‘uitgesleept’. Dezelfde ‘sleeptheorie’ die tijdens de rechtszaak tegen de Twee van Putten door justitie was gehanteerd tegen de Twee, werd nu dus door de verdediging ingebracht om verdachte Ron P. vrij te pleiten. In haar requisitoir brak de officier van justitie het geheimerelatieverhaal van Ron P. overigens tot de grond toe af als ‘een kletsverhaal’.                

Ook in het vonnis werd korte metten gemaakt met de geheime relatie die Ron P.  met Christel Ambrosius zou hebben gehad:  ‘De stelling van verdachte dat hij een reden had om de relatie geheim te houden, brengt immers nog niet mee, dat dit voor het slachtoffer ook zou gelden. Verdachte heeft juist op dat laatste punt nauwelijks enige, laat staan een afdoende overtuigende, verklaring kunnen geven,’ aldus de rechtbank. Voorts: ‘De rechtbank houdt verdachte in strafrechtelijke zin volledig verantwoordelijk voor de gepleegde feiten. (…) Verdachte heeft [Christel Ambrosius] verkracht en vermoord. Vaststaat dat zij zich heeft verzet tegen het geweld dat verdachte tegen haar heeft gebruikt. Slechts bij benadering kan men zich een beeld vormen van de angst, pijn en machteloosheid die zij gevoeld moet hebben, vooral toen dat verzet door het uitgeoefende geweld werd gebroken. (…) De doodstrijd die het slachtoffer heeft gevoerd, is huiveringwekkend.’

De uitspraak was conform de eis: vijftien jaar gevangenisstraf. Nadat Ron P.  tegen het vonnis in hoger beroep was gegaan, werd het proces tegen hem vanaf februari 2010 voor het gerechtshof in Arnhem voortgezet. Uiteindelijk werd hij in november 2011 andermaal schuldig bevonden. Het Hof verhoogde daarbij de door de rechtbank Zutphen opgelegde straf tot achttien jaar. In september 2013 bracht de Hoge Raad de gevangenisstraf terug tot vijftien jaar en zes maanden.

Ook bij moord in Rijswijk beriep P. zich op zwijgrecht

In juli 2005 werd in de bosjes langs het Jaagpad in Rijswijk de toen reeds elf dagen vermiste 22-jarige Anneke van der Stap dood aangetroffen. Zij bleek door een misdrijf om het leven te zijn gebracht. Toen Ron P. na zijn veroordeling voor de Puttense moordzaak in de gevangenis verbleef, vertelde hij op zeker moment aan enkele medegedetineerden dat hij in Rijswijk een meisje had vermoord.  Rechercheonderzoek bracht aan het licht dat P. enkele uren na de vermissing van Anneke met haar pas geld had gepind. Bovendien bleek hij in het bezit van een aan Anneke toebehorende USB-stick en een harde schijf van haar laptop. Ron P. stond uiteindelijk als verdachte in deze moordzaak in 2012 terecht voor de Haagse rechtbank. Na een eis van levenslang werd hij evenwel in eerste instantie, bij gebrek aan voldoende bewijs, vrijgesproken. In hoger beroep werd hij in 2014 door het Haagse gerechtshof alsnog schuldig bevonden en veroordeeld wegens doodslag van Anneke en ‘diefstal van goederen’.

Ron P. is ook in deze moordzaak elke beschuldiging hardnekkig blijven ontkennen. Zijn verklaringen tijdens de politieverhoren kwamen, ook in deze zaak kortweg samengevat, neer op: ‘Geen commentaar.’

Eindconclusies: dubbel gedwaald?          

Tot zover mijn terugblik. Bij bestudering van de beide moordonderzoeken zijn ten aanzien van Ron P. vooral de volgende vijf elementen van groot belang:
1. sporen
2. relatie met het slachtoffer
3. het alibi
4. het verhoor
5. de herkomst van de ontvreemde goederen.

1) De op het slachtoffer  aangetroffen sporen spreken ten aanzien van Ron P.  overduidelijke taal, met name de spermadruppel op haar bovenbeen. Aan zijn verhaal omtrent de ‘sleeptheorie’ hecht ik geen enkele waarde.

2) Van een zo’n tien maanden bestaande relatie van Ron P. en Christel Ambrosius is, behoudens de verklaring van Ron P. zelf, niets gebleken.

3) Ook van een deugdelijk alibi van P. omtrent de tijdstippen van beide moorden is niets gebleken.

4) Wanneer het tijdens de verhoren op kardinale vragen aankwam, had P. ‘geen commentaar’. Dat is zijn goed recht, maar juist het waarom van het ‘geen commentaar’ op die specifieke vragen heb ik nergens kunnen ontdekken.

5) De verklaring van Ron  P. omtrent de USB-stick en harde schijf van Anneke van der Stap klinkt alleen al daarom volstrekt onwaar, omdat P. klaarblijkelijk reeds binnen ruim twee uur gebruik heeft gemaakt van haar eveneens ontvreemde pinpas.

Tot slot nog dit: de door Derksen in zijn boek gehanteerde argumenten zijn goeddeels gebaseerd op hetgeen de raadsman van Ron P.,  mr. Ruud van Boom, tijdens de procesvoering in beide zaken heeft betoogd. Ook daar is uiteraard niets mis mee. Alleen, de rechter heeft op andere gronden uiteindelijk keihard anders geoordeeld. Afrondende vraag: is in de procesgang rond beide moordzaken  Dubbel gedwaald? Naar mijn stellige overtuiging: nee! In geen enkel opzicht.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.