Pensioen

PvdA krabbelt terug: ‘AOW-leeftijd toch minder snel omhoog’

Door Berend Sommer - 18 april 2018

De PvdA heeft zich bedacht. De verhoging van de AOW-leeftijd door het kabinet-Rutte II, waarmee toenmalig vicepremier Lodewijk Asscher instemde, is toch geen goed idee. Asscher presenteert vandaag een plan voor een tragere verhoging van de AOW-leeftijd. Een ruk naar links.

Opmerkelijk. Het voorstel is gericht aan Asschers opvolger als minister van Sociale Zaken, Wouter Koolmees (D66).

‘Je leeft toch niet om te werken?’ Zo presenteert Asscher zijn alternatieve pensioenplan. Iedereen moet eerder kunnen stoppen met werken, staat in de plannen van Asscher. Dat geldt vooral voor lage- en middeninkomens. ‘Bijvoorbeeld als het werk helaas echt niet meer gaat,’ aldus het plan van de sociaal-democraten. De PvdA bepleit een flexibele AOW-leeftijd.

Ook moet de AOW-leeftijd minder snel stijgen. Volgens het PvdA-plan moet de AOWleeftijd niet al in 2023 verschuiven naar 67 jaar, maar pas in 2030. Daarna zou de AOW-leeftijd vervolgens verder moeten stijgen met de levensverwachting.

 

PvdA was eerder nog voor versnelling AOW-leeftijd

Opmerkelijk is dat de PvdA in 2010 de maatregelen van Rutte I om de AOW-leeftijd te verhogen goedkeurde. In 2013, toen de PvdA in de regering zat, werd besloten die verhoging versneld in te voeren.

Werkgevers en werknemers in de bouw willen dat mensen na 45 jaar werken met pensioen kunnen, maar wie moet dat betalen? Lees het stuk van Joris Heijn. 

De PvdA wil de vertraging financieren door de vennootschapsbelasting en de bankbelasting te verhogen. ook wil ze milieubelastingen rigoureus verhogen, zoals de CO2- en de verpakkingsbelasting. Asscher zei dit plan te zullen presenteren aan de werkgeversorganisaties en de vakbonden.

Veel mensen betalen ruim 100.000 euro meer aan AOW dan zij er zelf voor terugkrijgen. Lees hier waarom de AOW-leeftijd omhoog moet.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.