Syrië

Wijdverbreide westerse steun voor aanval op Syrië, maar oppositie juicht niet

Door Elif Isitman - 14 april 2018

Premier Mark Rutte sprak zaterdagochtend zijn steun uit voor de westerse vergeldingsaanval in Syrië. Maar de linkse oppositie is kritisch.

De SP wil bijvoorbeeld dat de Nederlandse regering het optreden van Amerika, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk veroordeelt.

SP-Kamerlid Sadet Karabulut spreekt van een roekeloos optreden. Ze wijst erop dat chemische experts nog onderweg zijn om te onderzoeken of het Syrische regime onder leiding van president Bashar al-Assad daadwerkelijk een gifgasaanval heeft uitgevoerd op het voormalige rebellenbolwerk Douma. ‘Er wordt gegokt met de veiligheid van miljoenen mensen in een vuil geopolitiek spel waarvan niemand de gevolgen kan overzien.’ Karabulut wil dan ook een Kamerdebat over de kwestie.

Andere partijen hebben gematigdere mening

Bram van Ojik van GroenLinks is iets gematigder. Volgens hem maakt de aanval duidelijk dat de inzet van chemische wapens niet onbestraft blijft, en hoopt hij dat de aanval eraan bijdraagt dat ‘oorlogsmisdaden tegen de eigen bevolking, zoals vorige week in Douma gepleegd, in de toekomst achterwege blijven’. Wel plaatst hij vraagtekens bij de effectiviteit van zo’n eenmalige aanval: ‘Zolang een coherente politieke strategie ontbreekt, zal een geïsoleerde militaire respons de oplossing van het conflict in Syrië helaas niet dichterbij brengen.’

Ook de PvdA is mild. De partij veroordeelt de ‘proportionele aanval tegen strategische doelen in Syrië’ niet, maar vraagt het kabinet wel zich te blijven inzetten voor een politieke oplossing. En PVV-leider Geert Wilders laat via Twitter weten dat hij denkt dat dit soort aanvallen Assad alleen maar versterken, en roept op tot een focus op de ‘veiligheid in eigen land’.

Zoals verwacht zijn de regeringspartijen positiever gestemd over de aanval. De VVD vindt het terecht dat het Westen het regime van Assad op deze manier bestraft. ‘Assads gruwelijke chemische aanvallen zijn een grove schending van het oorlogsrecht. Dat moet bestraft worden en dat doet het Westen nu ook,’ aldus fractievoorzitter Klaas Dijkhoff.

Coalitiepartner D66 zegt dat de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk zich gedwongen zagen een militair signaal af te geven zonder mandaat. ‘Dat voelt ongemakkelijk maar is gezien de talrijke schendingen niet onbegrijpelijk,’ aldus D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma. De internationale normen worden volgens hem uitgehold doordat in Syrië ‘keer op keer’ chemische wapens worden ingezet.

Assad: ‘Westen is haar geloofwaardigheid kwijt’

Een aantal uren na de aanval op de voorsteden van Damascus, reageerde de Syrische president Assad zelf. Het Westen is alle invloed en geloofwaardigheid kwijt in het conflict in het Midden-Oosten en voerde daarom maar een raketaanval op Syrië uit onder leiding van de VS, aldus Assad in een reactie op aanvallen op zijn land in de nacht van vrijdag op zaterdag. Volgens Assad weerhouden die hem er niet van ‘de strijd tegen terrorisme in alle hoeken en gaten van Syrië voort te zetten’ en de terroristen te verslaan. Ook de Russische president Vladimir Poetin – bondgenoot van Assad – was eerder op de dag scherp in zijn veroordeling van de aanval.

De belangrijkste strijdgroepen die Assads regime in de zeven jaar durende burgeroorlog bedreigen zijn soennitische extremisten. Onder de rebellen die vlakbij Damascus bolwerken hebben, zijn die van Islamitische Staat en van Jaysh al-Islam (Leger van de Islam). De laatste strijders van Jaysh al-Islam hebben zaterdag hun bolwerk Douma definitief verlaten en zijn in overleg met Rusland in bussen naar Noord-Syrië gegaan. Douma was van april 2013 tot eerder deze maand belegerd.

In Douma waren er 7 april meldingen van een gifgasgasaanval die tot de westerse aanvallen hebben geleid. Moskou en Damascus verklaren dat de ‘terroristen’ die de aftocht gingen blazen, in Douma een propagandastunt hebben uitgehaald om het Westen tot militaire actie tegen Assad te bewegen. De gifgasaanval op burgers zou in scène zijn gezet door tegenstanders van het regime van Assad. De opstandelingen zouden zaterdag teleurgesteld zijn over de westerse aanvallen, ‘omdat Assad zaterdag nog steeds aan de macht is’.

Deskundigen van de Organisatie voor het Verbod van Chemische Wapens (OPCW) moeten zaterdag beginnen met hun onderzoek in Douma. Rusland en Syrië constateren met verontwaardiging dat de westerse aanvallen vóór dit onderzoek zijn uitgevoerd.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.