Activisme

Het NCTV-rapport over extreem-rechts in 4 vragen

Door Webredactie - 06 november 2018

Extreem-rechtse stromingen zullen in Nederland niet snel overgaan op grootschalig terroristisch geweld dat tot veel slachtoffers zal leiden. Maar gewelddadige incidenten kunnen wel leiden tot angst in de samenleving. Dat kan de democratie ondermijnen, concludeert de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) in het rapport De golfbewegingen van rechts-extremistisch geweld in West-Europa. Vier vragen en antwoorden over het onderzoek van de NCTV.

Wat zijn de belangrijkste conclusies van de NCTV?

Volgens de NCTV neemt het rechts-extremistische en rechts-terroristische geweld in West-Europa de laatste vijf jaar weliswaar toe, maar heeft dit geweld niet de omvang van het geweld in begin jaren negentig. ‘Grootschalige rechts-terroristische organisaties zoals in de jaren zestig tot tachtig bestaan in West-Europa niet meer. Hoewel het leeuwendeel van geweld lag en ligt (en vermoedelijk zal blijven liggen) bij slecht georganiseerde groepen en individuen die extremistisch (niet op mensenlevens gericht) geweld toepassen, zijn er de laatste jaren diverse voorbeelden van rechts-terroristisch geweld van voornamelijk lone actors en kleine eenheden geweest die wel degelijk professioneel opereerden.’

De NCTV noemt als voorbeeld de aanslag die de Noor Anders Breivik pleegde in 2011 waarbij 77 mensen om het leven kwamen. Breivik liet een bom afgaan in de regeringswijk van de hoofdstad Oslo en schoot om zich heen op een zomerkamp van de jeugdafdeling van de sociaal-democratische Noorse Arbeiderspartij op het eiland Utøya.

Volgens de NCTV leiden de vluchtelingencrisis (2015) in combinatie met weerzin tegen islam en jihadisme tot meer rechts-extremistisch geweld. ‘Hoewel het aantal vluchtelingen naar West-Europa anno 2018 is teruggelopen, is het de vraag of daarmee ook de rechts-extremistische geweldsgolf structureel zal afvlakken. Vooralsnog lijkt het erop dat de vluchtelingencrisis eerder een startsein was voor verdere rechts-extremistische groepsvormingen en gewelddadige activiteiten, dan een incidentele opleving.’

Historisch beschouwd heeft er in Nederland minder rechts-extremistisch geweld plaats dan in landen om ons heen. De NCTV constateert dat in Nederland extreem-rechts tegenwoordig veel gebruikmaakt van sociale media. ‘Rechts-extremistisch geweld komt in Nederland vooral uit ongeorganiseerde hoek, van kleine groepjes of personen die niet noodzakelijkerwijs behoren tot een gekende rechtsextremistische organisatie.’

Hoe gevaarlijk zijn rechts-extremisten?

Rechts-extremistische en rechts-terroristische dreiging kan leiden tot sociale en politieke instabiliteit, concludeert de NCTV. Ook kan het de fysieke veiligheid van Nederlanders in gevaar brengen, al schat de NCTV de kans daarop laag in: ‘Er zijn geen concrete aanwijzingen voor groepen of individuen die de intentie of de potentie hebben om grootschalig terroristisch geweld toe te passen.’

Bron: NCTV-rapport Toename van rechts-extremistisch geweld in West-Europa.

Hoewel er in Nederland geen extreem-rechtse of rechts-extremistische groepen zijn die oproepen tot geweld, zijn er wel leden van de Nederlandse Volksunie (NVU) en Identitair Verzet die daarvoor zijn veroordeeld. Laatstgenoemde groep is volgens de NCTV een van de groepen die ‘ambigu’ staan tegenover geweld. Daarbij haalt de antiterrorismecoördinator vernielingen en blokkades bij islamitische gebouwen aan. Vorig jaar klommen leden van Identitair Verzet twee keer in korte tijd het dak op; bij een islamitische school in Amsterdam-West hingen gemaskerde mannen het spandoek ‘Wie islam zaait, zal sharia oogsten’ op, bij een nieuwe moskee op een bouwplaats in Venlo ontrolden zij teksten als ‘geen moskee in onze wijk’ en ‘Nederland is van ons’.

Nikki Sterkenburg sprak vorig jaar met leden van het Identitair Verzet: hoe extreem zijn ze?

Naar schatting tellen de extreem-rechtse en rechts-extremistische groeperingen in Nederland zo’n 250 leden. Zij lieten zich onder meer gelden op inspraakavonden bij asielzoekerscentra, en sommigen bundelden zich in zogenoemde ‘extreem-rechtse patrouillegroepen‘ als Soldiers of Odin. Die patrouilles ‘bleken in de praktijk nauwelijks actief’. De meest serieuze rechts-extremistische geweldpleging had plaats in Enschede, waar vijf mannen molotovcocktails gooiden naar een volle moskee. Hoewel niemand in gevaar kwam, beschouwde de rechter het als een terroristische daad, en legde die de mannen vier jaar cel op (waarvan één voorwaardelijk).

Hoewel er betrekkelijk weinig serieuze geweldsdreiging uitgaat van rechts-extremisten, kunnen hun acties volgens de NCTV wel leiden tot angst, waardoor de Nederlandse samenleving onder druk kan staan. Daarom meent de NCTV dat het van belang blijft om deze groepen scherp in de gaten te houden.

Wat zijn de ideologische drijfveren van rechts-extremisten?

Er is sprake van een grote diversiteit binnen rechts-extremistische groepen, aldus de NCTV. Wel is een terugkerend element een ‘wij versus zij’-houding. Vreemdelingenhaat, haat jegens vreemde (culturele) elementen en ‘ultranationalisme’ zijn hierbij gemeengoed, schrijft de NCTV. Antisemitisme speelde een tijdlang een minder grote rol, maar lijkt bezig aan een opmars. Opmerkelijk is daarbij dat Israël een twistpunt vormt aan de uiterste rechterkant van het politieke spectrum: de Joodse staat ‘wordt door velen beschouwd als een bastion in de strijd tegen de islam’, wat in schril contrast staat met de ‘klassieke neonazistische beweging‘, die juist sterk antisemitisch is.

Het biologische racisme van de nazi’s dat extreem-rechts in West-Europa lange tijd kenmerkte, heeft volgens de NCTV aan invloed ingeboet: ‘Het ideologische vertoog van het rechts-extremisme verschoof in belangrijke mate van het concept “ras” naar “cultuur”.’ Als voorbeelden worden kritiek op de multiculturele samenleving en islamisering genoemd, terwijl de ‘clash of civilizations‘ (botsing der beschavingen), samenzweringstheorieën en ‘cultuurmarxisme‘ een prominentere plaats hebben gekregen in extreem-rechts gedachtegoed.

Ook de Alt-Right-beweging is met dank aan de komst van Steve Bannon – die een korte periode adviseur was van de Amerikaanse president Donald Trump – niet langer een ‘marginaal verschijnsel’, aldus de NCTV. De invloed van Alt Right is vooral zichtbaar in antisemitische, homofobe, antisemitische en racistische memes op internet, al wordt in het rapport ook de geëscaleerde extreem-rechtse demonstratie in Charlottesville (1 dode) genoemd.

Dromend van een etnostaat Lees het prijswinnende artikel van Nikki Sterkenburg over alt-right in Nederland

Extreem-rechts propageert in tegenstelling tot bijvoorbeeld jihadistische groeperingen zelden expliciet geweld als onderdeel van de ideologie, concludeert de NCTV. ‘Een mogelijke verklaring hiervoor kan zijn dat sommige rechts-extremisten zich naar buiten toe willen presenteren als voorstanders van law and order. Meer voor de hand liggend is echter dat het strategisch zeer onverstandig wordt geacht om het toepassen van geweld openlijk uit te dragen. Opsporing en vervolging liggen dan immers op de loer.’

Toch kunnen uit extreem-rechtse ideeën, die vaak niet direct aanzetten tot geweld, wel degelijk gewelddadige acties volgen, schrijft de antiterrorismecoördinator. ‘Gelet op het feit dat haat en walging, in de zin van ontmenselijking van de tegenstander, de essentie is van de rechts-extremistische ideologie, en de drempelverlagende werking die haat kan hebben op het toepassen van geweld’.

Wat zegt eerder recent onderzoek?

Het is niet het eerste rapport dit jaar waarin de uiterste flanken van het politieke spectrum onder de loep worden genomen. In maart verscheen een rapport van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD), waarvan een van de conclusies luidde dat extreem-links vaker gewelddadig is dan extreem-rechts. Vooral demonstraties van (extreem-)rechts tegen immigratie kunnen vaak op fel (extreem-)links verzet rekenen. Volgens de AIVD is een ‘beperkte groep in de rechts-extremistische scene weliswaar bereid geweld te gebruiken, maar dit komt niet of nauwelijks tot uiting’.

Twee maanden later verscheen een onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), dat zich juist richtte op extreem-links. Onder het mom van activisme en het opkomen voor ‘mensenrechten’ kunnen groepen, die zichzelf meestal ‘antifascistisch’ noemen, vaak onbestraft de wet overtreden, schreef het wetenschapsbureau van het ministerie van Justitie en Veiligheid in mei.

Lees ook dit commentaar van Nikki Sterkenburg: Extreem-rechts internetgescheld kan zo omslaan in daden

Vorige maand kwam de AIVD bovendien met een nieuw rapport over extreem-rechts: Rechts-extremisme in Nederland, een fenomeen in beweging, waarin vooral de grimmige sfeer op internet opviel. Vooral op sociale media tiert agressief en opruiend taalgebruik welig. Dat versterkt de politieke polarisatie, en zou bovendien de democratische rechtsorde in gevaar kunnen brengen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.