CBS

‘Economische groei leidt niet per se tot brede welvaart’

Door Matthijs van Schie - 15 mei 2019

De economie is vorig jaar flink gegroeid, zo meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) gisteren. Maar hogere inkomsten gaan niet automatisch hand in hand met de kwaliteit van leven, schrijft het CBS in de monitor Brede Welvaart. Hoe zit het bijvoorbeeld met onze gezondheid, veiligheid en het vertrouwen in elkaar en de politiek? Kan Nederland ook de komende decennia welvarend blijven? En welke Nederlanders blijven achter?

Elsevier Weekblad sprak met hoogleraar Jan-Pieter Smits (1966), architect van de monitor Brede Welvaart, die sinds vorig jaar elk jaar op Verantwoordingsdag aan het kabinet wordt aangeboden.

Woensdagmiddag reageert het kabinet dat het ‘herkent dat Nederlanders een relatief hoge kwaliteit van leven hebben,’ aldus minister van Economische Zaken en Klimaat Eric Wiebes (VVD) en minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Sigrid Kaag (D66) in een brief aan de Tweede Kamer. Volgens de ministers is de belangrijkste uitdaging het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen.

Wat hebben we aan deze monitor?

Jan-Pieter Smits: ‘In politiek Den Haag is vooral veel aandacht voor de omvang van onze economie, het bruto binnenlands product (bbp). Wat dat betreft hoort Nederland echt bij de meest welvarende landen ter wereld, ook binnen de Europese Unie. Maar wordt onze kwaliteit van leven daar ook per se beter van? En is die groei op lange termijn houdbaar? We willen ons blikveld verruimen van alleen materiële zaken naar ook “immateriële” zaken.

‘We kijken veel naar duurzaamheid, onder meer op ecologisch gebied: putten we de natuurlijke hulpbronnen niet te veel uit, en leidt afname van biodiversiteit (de hoeveelheid verschillende levensvormen, red.) niet tot verstoring van ecosystemen?

‘Overigens gaat duurzaamheid voor ons zeker niet alleen over natuur en milieu, maar ook over economie en sociale saamhorigheid. Kunnen we goede pensioenen blijven garanderen? Kunnen toekomstige generaties een huis blijven kopen? En hoe zit het met het vertrouwen in elkaar en onze instituties?’

Lees verder onder video met Jan-Pieter Smits

Klopt het wel dat we te veel naar economische groei kijken? Elsevier Weekblad bespeurt de laatste tijd juist een trend van anti-‘economisme’ – zoals GroenLinks-leider Jesse Klaver het verwoordde – waarbij het vergroten van onze materiële welvaart juist helemaal niet meer belangrijk lijkt.

Smits: ‘Het klopt dat sommige politici het hier al langer over hebben, maar vaak blijft het bij vage filosofische bespiegelingen over “economisme“. Wij maken het vraagstuk ook echt meetbaar met feiten en cijfers: we leggen het bbp naast allerlei andere indicatoren, om te zien of de groei van de economie gelijke tred houdt met verbetering op immateriële terreinen.

Lees het coververhaal terug: Wie geeft er nog om de economie?Cover Elsevier Weekblad editie 17 2019

‘Wij van het CBS zeggen overigens niet dat we het bbp links moeten laten liggen, wij brengen alleen de feiten: aan economische groei kleven ook weer bepaalde positieve en negatieve aspecten. De politiek moet vervolgens bepalen welke voors en tegens het zwaarst wegen. De Tweede Kamer heeft ons namelijk gevraagd om deze monitor te maken.’

Wat zijn de meest opvallende trends die jullie signaleren?

Smits: ‘Het algemene beeld is positief, en dat komt mede door de economische groei van de laatste jaren.  Zo is het persoonlijk welzijn van Nederlanders flink gegroeid: ruim 63 procent geeft zijn of haar leven een 7 of hoger, terwijl dat vijf jaar eerder nog maar 55 procent was. Eenzelfde beeld is te zien bij het vertrouwen in belangrijke instituties als de overheid, het rechtssysteem en de politie, wat al jaren toeneemt.

‘De materiële welvaart die de economische groei teweeg brengt, zorgt er ook voor dat er bijvoorbeeld meer files ontstaan, en dat zorgt uiteraard voor onvrede. Dat is logisch: meer mensen gaan werken, en dus raken de wegen voller. Ook zijn minder Nederlanders tevreden over de hoeveelheid vrije tijd die ze hebben, en neemt het overgewicht toe.

Lees verder onder de Tweet

‘Minder positief zijn de ontwikkelingen over woningen, in meerdere opzichten. Zo is het geen geheim dat de krapte op de woningmarkt toeneemt, en zijn minder Nederlanders tevreden met hun huis.

‘Op het gebied van natuur en milieu zien we juist een aantal verslechteringen. Zo worden inwoners van de steden blootgesteld aan hogere concentraties van fijnstof, en is de biodiversiteit gedaald. Wel is het zo dat Nederland steeds efficiënter en duurzamer omgaat met natuurlijke hulpbronnen en stootten we vorig jaar 14,5 procent minder broeikasgassen uit dan in 1990.

‘Positieve ontwikkelingen dus, maar in de ranglijst van alle 28 EU-lidstaten staan we in de onderste regionen als het gaat om “natuurlijk kapitaal’. Nederland staat bijvoorbeeld op de 23ste plaats als het gaat om hernieuwbare energie, en we voeren relatief zelfs de meeste fossiele brandstoffen in van alle EU-landen. Ten opzichte van voorgaande jaren klimmen we weliswaar langzaam uit het dal, maar er is dus nog een lange weg te gaan.’

Dat klinkt alsof het kabinet strenger klimaatbeleid moet voeren. Maar zet dat niet juist de brede welvaart onder druk, doordat we bijvoorbeeld meer belasting moeten betalen en minder comfort hebben?

Smits: ‘Dat is een goed punt. Het is inderdaad waar dat vooral lagere inkomensgroepen relatief veel geld kwijt zijn aan energiebelasting, dus dat kan voor die groepen flinke gevolgen hebben. Het is aan de politiek om dat te voorkomen, en aan de andere kant niet de fout te maken om onze kleine economie uit de markt te prijzen door bedrijven zelfstandig hoge energiebelastingen op te leggen. Dat moet in een groter raamwerk als de Europese Unie gebeuren.

Lees het commentaar van Rob Ramaker: Een nationale CO2-heffing is riskant

‘Wel is het zo dat we de vraag moeten stellen wat het belangrijkst is: het beperken van de opwarming van de aarde, of het behouden van zo veel mogelijk comfort? Door technologische ontwikkelingen kan dat in de toekomst misschien samengaan, maar dat lijkt er nu nog niet op. En aangezien Nederland zich heeft gebonden aan het Klimaatakkoord van Parijs, en laatst ook nog de Urgenda-zaak heeft verloren, is nog eens duidelijk gemaakt dat er nog flink aan de weg getimmerd moet worden.’

Voor welke groep in Nederland is de brede welvaart het laagst?

Smits: ‘De duidelijkste kloof is zichtbaar tussen hoog- en laagopgeleiden. Bij die laatste groep is het duidelijkste sprake van een “stapeling” van lage scores, bijvoorbeeld qua gezondheid, tevredenheid en inkomen. Opleidingsniveau is duidelijk de grote verdelende factor, veel meer dan bijvoorbeeld afkomst, hoewel ook Nederlanders met een niet-westerse migratieachtergrond onder het gemiddelde zitten.’

Niet voor niets presenteren jullie de monitor Brede Welvaart op Verantwoordingsdag, de dag dat het kabinet verantwoording moet afleggen over het beleid dat het afgelopen jaar is gevoerd. Hoe belangrijk is deze monitor daarbij?

Smits: ‘Ik ben blij dat onze monitor nu een agendapunt is voor het verantwoordingsdebat in de Tweede Kamer, maar we moeten ook eerlijk zijn: dat is nog lang niet het belangrijkste debat, dat zijn de begrotingsdebatten na Prinsjesdag. Er zijn in Den Haag wel gesprekken gaande om onze monitor ook mee te nemen in de begroting die wordt gepresenteerd op de derde dinsdag van september. Dan kunnen we op Verantwoordingsdag zien of de regering qua brede welvaart doet wat er is voorgenomen.’

Tot slot: zouden we een bovengrens moeten stellen aan onze economische groei om de brede welvaart te garanderen? Of gaan materiële en immateriële groei ook prima samen?

Smits: ‘Dat zou kunnen, maar ik sta daar volstrekt neutraal in. Een zekere groei van het bbp is altijd nodig om onze materiële welvaart te garanderen, zodat we in onze basisbehoeften kunnen blijven voorzien. Ik zal niet zo snel pleiten voor een groei van nul, al weet ik niet of een stabiel cijfer zo’n probleem zou zijn.

‘In theorie kunnen we “gewoon” door blijven groeien als technologie de druk op het klimaat kan doen afnemen. Wel zien we dat het de laatste decennia steeds lastiger is geworden om materiële en immateriële groei te combineren. Tot 1960 gingen het bruto binnenlands product en de brede welvaart ongeveer gelijk op, maar daarna groeide het bbp exponentieel, terwijl de brede welvaart is afgekalfd.

‘Daarom is het voor de komende decennia de grootste uitdaging hoe we ons bbp kunnen laten groeien zonder dat ons ontwikkelingspotentieel wordt uitgehold. Dat is voor de duurzame groei van groot belang; niet alleen ecologisch, maar ook economisch.’

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.