Verhaal van de dag

Koopkracht neemt helemaal niet toe en dit is waarom

Door Fleur Verbeek - 18 juni 2019

U gaat er helemaal niet zoveel op vooruit als wat het kabinet u vorig jaar voorspiegelde tijdens Prinsjesdag. Dat komt doordat premier Mark Rutte (VVD) heeft gerekend op een te hoge loongroei. De stijging van uw koopkracht valt daardoor veel lager uit dan verwacht.

Dat meldt De Telegraaf dinsdag. Het kabinet heeft zelf maar een heel kleine lastenverlichting doorgevoerd. De inkomstenbelasting is omlaaggegaan, maar dat is grotendeels tenietgedaan door de btw-verhoging. Rutte wijst nu naar werkgevers om de lonen te verhogen, maar die houden voet bij stuk.

Op Prinsjesdag beloofde het kabinet in 2018 een koopkrachtstijging van gemiddeld 1,5 procent. Maar dat is veel te rooskleurig, zeggen economen in de krant. Zij verwachten dat de daadwerkelijke koopkrachtstijging onder de 1 procent uitkomt, ook doordat de prijzen dit jaar harder stijgen dan de lonen.

Nederlanders hebben de afgelopen jaren flink wat belastingverhogingen voor hun kiezen gekregen. De hypotheekrenteaftrek is flink versoberd, de btw ging omhoog, evenals de energiebelasting. Uit Leids onderzoek blijkt dat de gehele brutoloonstijging van de 50 procent meest verdienende werknemers tussen 2002 en 2015 is wegbelast.

De opbrengsten van de hogere lasten worden gebruikt voor extra uitgaven aan defensie, onderwijs en om de staatsschuld af te lossen. In de komende jaren gaat ook een flink deel naar de peperdure klimaatmaatregelen van het kabinet. Zo moeten alle huishoudens in Nederland in 2050 van het gas af zijn, moeten vanaf 2030 alle auto’s elektrisch rijden en moeten alle vijf de kolencentrales uiterlijk datzelfde jaar dicht.

Als klap op de vuurpijl kwam minister Carola Schouten (ChristenUnie) maandag met het nieuws dat ze de landbouw wil verduurzamen en dat daarvoor de prijzen van voedsel omhoog moeten. Op dezelfde dag meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat de voedselprijzen het afgelopen jaar de grootste groei doormaakten in tien jaar.

Rutte wijst naar werkgevers

Rutte wijst woedend naar werkgevers. Die moeten volgens hem meer loon toezeggen in de cao-onderhandelingen. Zo haalde hij zaterdag tijdens een VVD-bijeenkomst in Aalsmeer hard uit naar multinationals en dreigde hij de geplande lastenverlaging voor bedrijven niet te laten doorgaan als werknemers niet meer gaan meeprofiteren van de gestegen winsten.

De middenklasse – ‘mensen met een normaal salaris’ – staat steeds meer onder druk, hun buffers raken op, zei de premier. ‘De winsten klotsen tegen de plinten, maar alleen de lonen van de topmannen stijgen. Dat vind ik niet acceptabel!’ Volgens de premier hadden multinationals in de jaren zeventig en tachtig wel ‘topmannen waar we trots op konden zijn’.

Coalitiepartners juichen na harde woorden Rutte

Coalitiepartners D66 en ChristenUnie reageerden opgetogen op de uitspraken van Rutte. ‘Dat zijn hele mooie teksten,’ zei ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers. ‘Taal naar mijn hart. De lonen moeten omhoog, zo niet, dan heeft dat consequenties.’

‘Ik ben blij dat het langzame broertje van D66 ook op dit punt is bijgetrokken,’ reageerde D66-leider Rob Jetten. Hij zou graag zien dat ook bij de overheid de lonen stijgen, bijvoorbeeld bij defensie en in het onderwijs.

CDA-vicepremier Hugo de Jonge noemde de woorden van Rutte ‘een logisch pleidooi’.

In een verweer lieten werkgevers zaterdag weten dat er ‘niet tegen de lastenverzwaringen op te belonen is’. VNO-NCW en MKB-Nederland stelden in een gezamenlijke reactie dat de cao-lonen juist flink stijgen: gemiddeld met bijna 3 procent. ‘Het is lang geleden dat we deze stijgingen hadden.’

GeldMeer achtergrond bij dit onderwerp: Stijgt koopkracht in 2019 echt?

Ook werkgevers schuldig

Bedrijven zijn overigens niet helemaal onschuldig, want de loonontwikkeling is wel degelijk lager dan je zou verwachten met de huidige krapte op de arbeidsmarkt. De toestroom van arbeidsmigranten, flexwerkers en automatisering zetten de lonen onder druk. De loonstijging is maar net genoeg om de gemiddelde prijsstijging van 3 procent te compenseren.

De koopkrachtplaatjes staan in schril contrast met de uitspraken van minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren in 2017. In het tv-programma Pauw beloofde de minister dat iedereen er in koopkracht op vooruit zou gaan. PVV-Kamerlid Martin Bosma twitterde daar dinsdag een fragment van. ‘Koopkracht gesloopt door belastingen Rutte III,’ schrijft hij erbij.

Het kabinet schepte eerder mooie verwachtingen waarvan weinig terechtkwam. Op basis van cijfers van het Centraal Plan Bureau (CPB) op Prinsjesdag 2016 voorspelde Rutte III voor het jaar 2017 een koopkrachtstijging van 1 procent voor het gemiddelde huishouden. Dat werd uiteindelijk de helft, bleek in 2018. Sterker nog: bij 46 procent van de bevolking nam de koopkracht juist af, bleek achteraf uit berekeningen van het CBS.

Zo daalde bij gepensioneerden de koopkracht met gemiddeld 0,3 procent. Dat kwam doordat de aanvullende pensioenen in tegenstelling tot de prijzen niet omhooggingen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.