nederland

Moordzaak Visser/Severein begint in Spanje

Door ANP - 26 september 2016

BARCELONA (ANP) – Bijna 3,5 jaar na de moord op volleybalster Ingrid Visser en haar partner Lodewijk Severein begint woensdag bij het Provinciale Hof van Murcia (Zuidoost-Spanje) het proces tegen de vier verdachten. Het misdrijf leidde indertijd tot grote opschudding, zowel in Spanje als Nederland. Daarom wordt rekening gehouden met veel publieke belangstelling.

De openbare aanklager eist vijftig jaar celstraf voor de Spanjaard Juan C., zakelijk manager van de profvolleybalclub uit Murcia, waar Visser tussen 2009 en 2011 bij speelde. Hij zou het misdrijf beraamd hebben wegens een zakelijk geschil met Visser en Severein. Visser claimde een loonachterstand van 60.000 euro bij de volleybalclub Murcia 2005. Door financiële problemen werd de club opgeheven in juli 2011.

Tegen de Roemenen Valentin I. en Constantin S., door Juan C. ingehuurd om de moord op de twee Nederlanders uit te voeren, eist het parket eveneens vijftig jaar gevangenisstraf. Daarnaast wordt van de drie hoofdverdachten een schadevergoeding geëist van 50.000 tot 100.000 euro voor vier naaste familieleden van de slachtoffers.

Uitzonderlijke wreedheid

Volgens het gerechtelijk vooronderzoek werden Visser en Severein vermoord in een verlaten landhuis even buiten de stad Murcia op 13 of 14 mei 2013. De politie trof daarbij sporen aan van uitzonderlijke wreedheid. Dat geldt als verzwarende omstandigheid bij de strafeis.

De verminkte lichamen van de slachtoffers werden twee weken na de moord gevonden in een citroenboomgaard in Alquerías op vijf kilometer van Murcia. Tegen de eigenaar van de boomgaard Serafín de A. wordt drie jaar cel geëist wegens toedekking van het misdrijf.

Ruil

De verdachten ontkennen de feiten. Toch probeerden zij vorige week tot een akkoord te komen met de openbare aanklager en de familie van de slachtoffers. In ruil voor een bekentenis van doodslag in plaats van moord, zouden de verdachten een celstraf van twintig jaar aanvaarden. Maar zowel de openbare als de particuliere aanklager (een rechtsfiguur die in Nederland niet bestaat) weigerden met dat voorstel in zee te gaan.

Naar verwachting duurt het proces zeker tot half november.