nederland

Drie jaar cel voor jihadist Maher H. wegens terrorisme

Door Servaas van der Laan - 01 december 2014

Voor de rechtbank van Den Haag zijn maandag de eerste jihadisten veroordeeld. Syriëganger Maher H. kreeg een celstraf van drie jaar wegens het plegen van misdrijven met een terroristisch oogmerk.

Voor het aanvankelijke verzet van Maher H. tegen de Syrische president Bashar al-Assad, zo oordeelde de rechter, viel nog enige sympathie op te brengen. Maar zijn steun aan een islamitische staat, waarin rechten van andersdenkenden op zeer gewelddadige wijze worden geschonden, valt niet goed te praten.

Drie jaar cel

De rechtbank veroordeelde H. tot een celstraf van drie jaar wegens misdrijven met terroristisch oogmerk. Het gaat om voorbereidingshandelen, aangezien niet kan worden aangetoond dat H. in Syrië geweld heeft gebruikt.

Met de celstraf wil de rechtbank een signaal afgeven aan anderen die van plan zijn hetzelfde te doen.

Ook H.’s vrouw Shukri H. stond maandag terecht in Den Haag wegens het ‘werven’ van personen voor de jihad en opruiing. Dit kon volgens de rechtbank niet worden bewezen. Zij werd daarom vrijgesproken.

Die uitspraak is opmerkelijk omdat het Openbaar Ministerie (OM) een hogere straf (vier jaar) tegen Shukri H. had geëist dan tegen haar echtgenoot (drie jaar).

‘De rechtbank twijfelt niet aan de extreem jihadistische gezindheid van de twintigjarige vrouw,’ liet de rechter weten. ‘Maar komt tot vrijspraak van het ronselen voor de gewapende strijd in Syrië, van opruiing en van het verspreiden van opruiende teksten’.

Ronselen jihadbruid niet strafbaar

Wel staat het volgens de rechtbank vast dat de vrouw twee andere vrouwen heeft geprobeerd over te halen naar Syrië te gaan om daar te trouwen met een jihadist. Maar door een jihadist te trouwen, doet iemand nog niet rechtstreeks mee aan de gewapende strijd. Het ronselen van jihadbruidjes is, in de ogen van de rechtbank, niet strafbaar.

Een derde verdachte werd wel veroordeeld voor het weglokken van een zestienjarig meisje uit haar ouderlijk huis om vervolgens op het vliegtuig te zetten naar Egypte. Maar de rechter zag geen bewijs dat het de bedoeling was om het meisje door te laten reizen naar Syrië.

Nikki Sterkenburg is namens Elsevier aanwezig in de rechtszaal. Volg haar verslag op Twitter

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.