nederland

CBS: minder les op scholen dus betere onderwijsprestaties?

Door Laura van Dijk - 26 januari 2015

Minder lesuren voor scholieren en leraren zou weleens de succesformule voor het onderwijs kunnen zijn. Voorwaarde is dat een deel van de verkregen vrije tijd dan wel op een nuttige manier wordt ingevuld.

Dat staat in een onderzoek van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) dat maandag werd gepubliceerd.

Nederland scoort de tiende plaats in de efficiëntie-index, waarin 33 landen zijn opgenomen. Nederlandse leerlingen krijgen jaarlijks gemiddeld 970 uur les. Dat is veel meer dan het gemiddelde van 854 lesuren in landen met een vergelijkbaar onderwijsniveau.

Verplicht

In landen met een hogere efficiëntiescore – Korea, Japan en Duitsland prijken in de top-3 – zitten leerlingen gemiddeld 768 uur op school.

Voor leraren geldt hetzelfde. Nederlandse leraren verzorgen gemiddeld 840 uur verplichte les per jaar, terwijl in landen met efficiënter onderwijs het gemiddelde weer een stuk lager ligt met 693 lesuren.

Het lijkt dus erop dat hoe vaker scholieren en leraren verplicht op school zitten, hoe lager de efficiëntie is van het onderwijs.

Succesformule

Nu zijn minder schooluren geen onomstotelijke oplossing. In Korea, de nummer één, krijgen leerlingen bijvoorbeeld veel bijlessen naast school. De respectievelijke nummer vier en acht, Estland en Polen, kennen een echte huiswerk-cultuur. Scholieren worden op die manier bevorderd zelf actiever te leren.

Daarnaast blijkt het wekelijks evalueren en verbeteren van de lessen en het lesmateriaal een succesvolle methode om de efficiëntie van het onderwijs te vergroten. In Massachusetts (Verenigde Staten) en Ontario (Canada) is de kwaliteit van het onderwijs op die manier significant verbeterd.

Om de juiste formule voor Nederland te vinden is nader onderzoek met individuele gegevens van leerlingen dan ook noodzakelijk, schrijft het CBS. Een combinatie van maatregelen, zoals die ook in andere landen met succes is toegepast, kan uitkomst bieden.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.