nederland

Wie verraadde Anne Frank? Een nieuwe theorie (en nog drie andere)

Door Tom Reijner - 10 april 2015

Het is een vraag waarover veel historici zich hebben gebogen: wie heeft Anne Frank (1929-1945) en de andere onderduikers in het Achterhuis in augustus 1944 verraden? Een nieuwe theorie doet nu de ronde, naast de (vele) theorieën die er al over bestaan.

Wat heeft zich precies afgespeeld, voorafgaande aan de arrestatie van het Joodse meisje aan de Amsterdamse Prinsengracht, het voorlaatste oorlogsjaar? In een biografie over Bep Voskuijl (1919-1983), een van de helpers van Anne Frank, denken de auteurs te weten hoe het zit.

Zus

Volgens de Vlaamse journalist Jeroen De Bruyn en zijn kompaan, Joop van Wijk (de jongste zoon van Voskuijl), wijzen Nelly Voskuijl (1923-2001) aan als de mogelijke verrader van het onderduikadres. Zij was de zus van Bep, en collaboreerde met de nazi’s, schrijft het tweetal in hun boek, en ze zou een relatie hebben gehad met een Oostenrijkse nationaalsocialist.

Nelly zou via Duitse contacten snel en kosteloos een Duits visum hebben gekregen en daarmee ‘stilletjes’ de ouderlijke woning zijn ontvlucht – al met al verschillende factoren die haar verdacht maken. Maar de Anne Frank Stichting wil niets weten van deze nieuwe hypothese  en noemt een deel van het verhaal ‘speculatief’.

‘De auteurs kiezen voor interpretaties die richting Nelly wijzen. Wij zien in de nu ontvouwde theorie geen reden om de verdenkingen tegen Nelly over te nemen.’ Ook zet de stichting vraagtekens bij het verhaal dat de tipgever ‘de stem van een jonge vrouw’ had.

Magazijn

Maar als Nelly het niet heeft gedaan, wie dan wel? Die kwestie is feitelijk nooit opgehelderd, maar er waren lange tijd vermoedens dat een of meerdere medewerkers van het bedrijf van Otto Frank – vader van Anne – achter het verraad zaten.

De onderduikers waren vooral bang voor een van hen: Willem van Maaren – een ‘onbetrouwbare’ man die ervan wordt verdacht te stelen uit de voorraden van het bedrijf. Na de bevrijding loepen naar hem twee onderzoeken, maar voldoende bewijs voor de aantijgingen is er nooit gevonden.

Schoonmaker

In een in 1998 verschenen biografie van Anne Frank beschuldigde Melissa Müller Lena Hartog-van Bladeren. Zij was de vrouw van Lammert Hartog, magazijnknecht bij Opekta, en werkte zelf als schoonmaker op de Prinsengracht 263. ‘Het is zeker dat Lammert Hartog zijn vrouw Lena heeft verteld over de verstopte Joden,’ schrijft de auteur.

Ze zou zich zorgen maken over de veiligheid van haar man, en belde daarom met de Duitsers om de ondergedoken Joden aan te geven. Maar NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies vond nooit bewijs van haar schuld.

SS’er

In een boek van Carol Ann Lee over vader Frank (‘Het verborgen leven van Otto Frank’) – de enige van de onderduikers die de concentratie- en vernietigingskampen overleefde – duiken nieuwe namen van mogelijke verraders op. Een naam die valt is die van Tonny Ahlers – een Nederlandse nationaalsocialist en een kleine crimineel.

Hij was tevens actief als informant voor de Amsterdamse Gestapo. Volgens Lee was hij een kennis van Otto Frank, die hem na het einde van de bezetting probeerde te chanteren. Harde bewijzen voor de verdachtmaking zijn er niet. Het is maar zeer de vraag of de kwestie ooit wordt opgehelderd: het NIOD concludeerde eerder dat zonder nieuwe gegevens het verraad van de postuum beroemd geworden dagboekschrijver niet meer kan worden achterhaald.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.