nederland

Teruggekeerde Syriëganger besprak aanslag op Geert Wilders

Door Shari Deira - 19 mei 2015

De 22-jarige Mohamed A. sprak na zijn terugkeer uit Syrië over het plegen van een aanslag, met als mogelijk doelwit Geert Wilders. Tijdens het begin van de rechtszaak over A. wilde hij er niets over zeggen. ‘Ik beroep me op mijn zwijgrecht.’

A. zit al meer dan een jaar vast omdat hij een overval zou willen plegen om zo de jihad te betalen. Ook staat hij terecht voor verboden vuurwapenbezit.

Vluchtelingen

Mohamed A., een Delftenaar van Somalische afkomst, zegt zelf dat hij in Syrië niet heeft deelgenomen aan de gewapende strijd. Hij zou in het door oorlog verscheurde land humanitaire hulp hebben verleend in een vluchtelingenkamp.

A. werd opgepakt toen justitie via afluisterapparatuur hoorde van de plannen om een overval te plegen. Miljonair Wim Zegwaard zou een potentieel doelwit zijn geweest. A. besprak dat hij hem samen met anderen achter in een bus zou gooien. ‘Ik heb nog een stroomstootwapen, dat steken we in zijn mond,’ is te horen.

Ook besprak A. hoe hij het geld bij ‘de broeders’ zou kunnen krijgen. In een van de afgeluisterde gesprekken wordt de naam van Wilders genoemd.

Hoewel A. daar nu niet op in wilde gaan, zei hij eerder wel dat de gesprekken die hij in de auto van zijn moeder voerde ‘stoere praat’ waren en ‘James Bond-verhalen’, meldt de NOS. In de auto was afluisterapparatuur geplaatst.

Undercover

Inlichtingendienst AIVD tipte de politie over de gesprekken die A. voerde over een mogelijke aanslag. Na een undercoveractie werd de man vorig jaar aangehouden. A. kocht op verzoek van een undercoveragent drie wapens om de overval mee te plegen.

De officier van justitie zegt hier dinsdag over dat Mohamed A. weliswaar is ‘misleid’, maar niet is uitgelokt. ‘Hij nam bij het uitgooien van het eerste aas, meteen het initiatief.’

Mohamed A. ontkent niet alleen dat hij zich heeft aangesloten bij terroristische organisaties, ook ontkent A. dat hij in Syrië is geweest. ‘Ik ben een half jaar in Turkije geweest en ik ben elf, twaalf keer in het grensgebied tussen Turkije en Syrië geweest. Ik heb daar arme mensen geholpen.’

De Vlaamse Syriëganger Jejoen Bontinck, die door zijn vader werd teruggehaald, heeft A. herkend op een foto en zegt dat de twee samen een dag in een cel van IS hebben gezeten. A. zou een bevel diverse keren niet hebben opgevolgd.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.