nederland

‘De Koning moet wegblijven van politieke patstellingen’

Door Lucas Gasthuis - 24 augustus 2015

Het nieuwe, revolutionaire gebruik dat de Tweede Kamer sinds 2012 zelf het initiatief neemt tijdens de formatie, moet als een blijvend gebruik worden gezien. Het ligt niet voor de hand om bij een volgende formatie weer de hulp van de Koning in te roepen.

Dat schrijft Elsevier-hoofdredacteur Arendo Joustra in zijn voorwoord van het boek Kwetsbaar Koningschap.

Politieke patstelling

Joustra schrijft dat de Koning te allen tijde moet zien te voorkomen dat hij betrokken raakt bij een politieke patstelling. ‘Het ligt helemaal niet voor de hand zijn hulp in te roepen als de formatie door de Tweede Kamer mislukt. Dan komt hij min of meer in de positie om een keuze te maken in een politieke patstelling. Juist in zo’n politieke rol mag de Koning, die boven de partijen hoort te staan, niet worden gebracht.’

In het boek Kwetsbaar Koningschap staat de modernisering van de monarchie centraal. Daarmee bedoelen voorstanders vooral dat het staatshoofd een meer ceremoniële rol moet krijgen. Een recent succes in die modernisering is het besluit om de regisserende rol van het staatshoofd bij formaties te ontmantelen.

Kwetsbare rol

De titel verwijst naar een advies van de vicevoorzitter van de Raad van State Herman Tjeenk Willink over het koningschap:

‘Waar de media steeds meer op de persoon en het incident zijn gericht, wordt de kwetsbaarheid van de Koning groter. Die kwetsbaarheid ligt minder in de eigen mening van de Koning dan in de toegeschreven mening, minder in de werkelijke invloed dan in de veronderstelde invloed’.

In de bundel komen voor- en tegenstanders van de modernisering aan bod. Te beginnen met D66-leider Thom de Graaf, die het debat in 2000 met twee toespraken op scherp zette. Het tegengeluid wordt geleverd door de premiers Wim Kok (PvdA) en Mark Rutte (VVD), die beiden hun visie op het koningschap uiteen hebben gezet in notities aan de Tweede Kamer. De bundel wordt gecomplementeerd met de adviezen van de toenmalige vicepresident van de Raad van State Herman Tjeenk Willink. En met de evaluatie van het ontbreken van de sturende hand van koningin Beatrix bij de formatie van het tweede kabinet-Rutte in 2012.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.