nederland

De vele kopzorgen van premier Mark Rutte

Door Eric Vrijsen - 16 september 2015

Ja, hij kon deze week een ‘feest­begroting’ presenteren. Maar of hij daar bij de verkiezingen van 2017 nog iets aan heeft, is de vraag. De kwesties die Mark Rutte aan zijn hoofd heeft.

De cijfers deugen, maar het eind­resultaat is ongewis. Politiek is ­timing, maar die heb je als minister-president niet steeds in de hand. Premier Mark Rutte (VVD) weet hoe het zijn voorgangers verging.

Jan Peter Balkenende (CDA) oogstte tijdens zijn eerste kabinetten volop kritiek, maar presenteerde in 2006 wel een feestbegroting. Twee maanden later won hij glorieus de verkiezingen. Tussen 1994 en 2002 was PvdA’er Wim Kok minister-president en in die periode groeide de Nederlandse economie dubbel zo hard als die van Duitsland.

Kok was populair, maar juist in het jaar voor de verkiezingen viel de economische groei terug en ontstond een voedingsbodem voor protest. Bij de verkiezingen van mei 2002 werd de PvdA compleet afgedroogd.

Verrassing

Rutte moet de economische bloei dit jaar en de zonnige vooruitzichten voor 2016 claimen als een prestatie van zijn kabinet, maar de verkiezingen van maart 2017 zijn nog ver weg. Straks hebben de kiezers alle meevallers ingecalculeerd en komt niemand meer op het idee het succes toe te schrijven aan Rutte II.

Kiezers zijn gevoelig voor een feestbegroting, maar die moet als een verrassing komen en vers in het geheugen liggen. Rutte spendeert 5 miljard om de kiezers blij te maken, maar doet dat veel te vroeg.

Het zwakke punt van zijn beleid is de taaie werkloosheid. Een belastinghervorming met 5 miljard smeergeld had drie keer zoveel banen opgeleverd en was voor de meeste kiezers ook overtuigender geweest.

Rutte heeft meer kopzorgen. In zijn omgeving hoor je dat de hij ‘volledig is geobsedeerd door het dossier MH17’. Direct nadat vorige zomer de Maleisische Boeing 777 met 298 inzittenden boven Oost-Oekraïne was neergeschoten, verbond de premier zijn lot aan het opsporen en berechten van de schuldigen.

Over vier weken komt de Onderzoeksraad Voor Veiligheid met een rapport dat de pro-Russische rebellen en hun patroons in Moskou aanwijst als schuldigen. Hoe reageert de Russische president Vladimir Poetin dan? Rutte moet straks de conclusies onderschrijven, maar wat als Rusland economisch en diplomatiek terugslaat?

Nederland is in zijn eentje geen partij voor de Russen. Hij rekent op de steun van de EU-partners. Daarom gedroeg hij zich deze zomer als het schoothondje van de Duitse bondskanselier Angela Merkel. In kwesties als de Griekse schulden en de ­migrantencrisis moest Merkel op hem kunnen rekenen, zoals hij volgende maand ook op de bondskanselier rekent.

Het lastige voor Rutte is dat de VVD-fractie hiervoor geen begrip toont. Die wil niet zien dat Rutte op allerlei fronten behoedzaam positie moet kiezen. Natuurlijk snapt de premier dat de VVD zich moet manifesteren. Buitenstaanders hebben het voortdurend over de electorale averij die de PvdA oploopt, maar in de peilingen wordt de VVD ook gehalveerd. Logisch dat VVD-Kamerleden nerveus worden.

Pijnlijk

VVD-fractieleider Halbe Zijlstra had de zaak altijd volledig onder controle, maar op hem kan Rutte niet meer blindelings vertrouwen. Zijlstra zelf begint ongeduldig te worden. Het leek of hij in 2017 kon doorschuiven als VVD-lijsttrekker en kandidaat-premier.

Maar Zijlstra ziet nu wel in dat Rutte in 2017 door wil. Neemt hij straks genoegen met een post als vakminister in het kabinet-Rutte III? Pijnlijk.

Gelukkig voor Rutte kan Zijlstra geen kant op. In liberale kringen houdt niemand van de coalitie met de PvdA, maar weet ­iedereen dat Rutte zijn leiderschap moet prolongeren. Degene die dat met een aanval op Rutte probeert te verhinderen, pleegt politieke zelfmoord. Omstandigheden dwingen Zijlstra dus om door te gaan met zijn liberale geluiden en in te binden zodra de ­coalitie met de PvdA in gevaar komt.

Zo kan Rutte deze kabinetsperiode uitzingen, al weet je het met die instabiele PvdA nooit. In elk geval leeft in de Kamerfracties van VVD en PvdA het idee dat de ander de stekker uit het kabinet kan trekken.

Voor Rutte is dat een onheilspellend gegeven, want het herinnert hem aan zijn vorige kabinet (met CDA en PVV) toen de partners elkaar op dezelfde manier beslopen. Toen niemand het verwachtte, april 2012, blies PVV-leider Geert Wilders het zaakje op.

De oppositiefracties ruiken bloed, maar wachten geduldig tot VVD en PvdA elkaar te lijf gaan en tot de kiezers de moeizame weg naar de fraaie economische cijfers van deze week compleet zijn vergeten.

Elsevier nummer 38, 19 september 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.