Carla Joosten

Of u nu voor of tegen de EU bent, ga in ieder geval stemmen!

Door Carla Joosten - 16 mei 2014

Bijna 80 procent van de Nederlanders interesseert zich volgens peilingen niet voor de verkiezingen van het Europees Parlement. Toch kan de kiezer zich maar beter bekommeren om deze verkiezingen. Ze gaan namelijk over de toekomst van de Europese Unie en dus van Nederland.

Bij de verkiezingen staan fundamentele keuzes op het spel. De keuze voor één Europa waarin landen en burgers zich steeds meer verenigen, of een Europa waarin landen alleen het hoogstnoodzakelijke delen of juist helemaal niets.

Genoeg keus

Er valt dus wat te kiezen op 22 mei. Vergemeenschappelijking van schulden, een Europees leger, Europese belastingen: partijen als GroenLinks en D66 streven het na.

Kiezers die daarvan gruwen, hoeven niet te treuren. Er zijn namelijk ook partijen die daarvan gruwen. En dat geldt ook voor wie wel internationaal wil samenwerken, maar de centralisering beperkt wil houden. Klagers, dromers en realisten, niemand hoeft onthand te zijn op 22 mei.

Niet onmachtig

Het Europees Parlement is onbekend, onbemind, maar niet onmachtig. Als een van de wetgevende machten

in de Europese Unie beslist het samen met de ministers van de 28 landen over voorstellen van de Europese Commissie, de uitvoerende dienst van de Unie.

Dat het Europees Parlement invloed heeft, staat vast. Van ooit het redden van zeehondjes en het veroordelen van brute regimes in verre landen – eens de kerntaak van het Parlement – beslist het nu mee over maatregelen van economische aard, financiën, milieu, landbouw en burgerrechten.

Nederland

De invloed van de 26 Nederlanders in dat 751 leden tellende Parlement is klein. Maar dat geldt ook voor een land als Estland met zes leden. De Duitse overmacht – 96 leden – is ook een gegeven.

Is de Nederlandse stem voor de verkiezingen op 22 mei daarom onbelangrijk? Absoluut niet. Misschien maken de Nederlanders in het Parlement niet het verschil, de uitslag geeft impliciet ook een mandaat aan de regering. Gaat die straks verzwakt of versterkt aan tafel met de collega’s uit de 27 andere landen? Wie een dreun krijgt thuis, zingt ook in Brussel een toontje lager.

Invloed lidstaten

De roep om meer Europese invloed via de nationale parlementen klinkt steeds luider. Die kunnen nu al heroverweging vragen als de Europese Commissie met een ongewenst voorstel komt, maar ze zouden ook echt ‘stop’ moeten kunnen zeggen.

Ook kunnen nationale parlementen meer werk maken van de controle van de regering bij haar optreden in Brussel en ministers houden aan gemaakte afspraken. Het Binnenhof zit nog te vaak te slapen.

Decadentie

Mocht de opkomst bij deze Europese verkiezingen weer tegenvallen – in 2009 was die in Nederland 36,5 en in de Unie 43 procent – dan verzwakt de legitimiteit nog meer. Stemmen is in de meeste lidstaten niet verplicht. Maar met zo veel keuze zouden burgers de gang naar de stembus toch moeten kunnen opbrengen.

Dat er elders met verkiezingen levens zijn gemoeid, illustreert hoe goed de Europeanen het hebben. Stemmen is geen luxe. Niet gaan stemmen, is decadentie.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.