Liesbeth Wytzes

Wat is wijn toch heerlijk, maar graag zonder ‘strakke afdronk’

Door Liesbeth Wytzes - 07 november 2014

Het jargon van wijnkenners vind ik pretentieus en belachelijk, maar wat heb ik een heerlijke herinneringen aan wijnen.

Alcohol! Wat een ontdekking was dat! Als kind maakte ik al indruk door, stoer en uitsloverig, het glas rode wijn van mijn vader leeg te drinken. In één machtige slok. Ik was tien en vond het verschrikkelijk vies.

Maar toch moet er toen al ergens een zweempje van belangstelling zijn ontstaan. Als middelbare scholier dronken we witte wijn en Bailey’s, dat mierzoete zwaar alcoholische drankje met veel room.

Bier

Als student ging ik over op bier, omdat dat minder vies was dan wijn in het café en op de studentenverenigingen waar ik mij ophield. Je kreeg er wel erge katers van en ik vond het ook heel vies, dun, zuur en koud.

Thuis stond, ja, het is lang geleden, een fles sherry met de wervende tekst As Dry as the Sand of the Sahara op het label. Die kraakte inderdaad tussen je tanden.

Whisky

Later ging ik weer over op wijn en whisky. Ik werd zelfs even lid van de Scotch Malt Whisky Society. Met regelmaat kreeg je dan bizarre en kinky proefnotities opgestuurd. Eén whisky ‘smelled like the inside of a lady’s boot’. De bijbehorende, exclusieve flessen kon ik niet betalen.

Ik houd van wijn en weet er niets van. Voor mij geen gebazel of droge neuzen en strakke afdronken, vleugen bosbes of lichte zuurtjes.

Het jargon van wijnkenners vind ik pretentieus en belachelijk (gelukkig doet onze Nicolaas Klei daar niet aan). Heerlijke herinneringen heb ik aan wijnen.

Wit

De lang bewaarde Château d’Yquem die we in mijn ouderlijk huis een keer dronken. De Chasse Spleen die ik met een vriendje naar binnen werkte. Zware Italiaanse wijnen als Barolo en Amarone.

Tegenwoordig drink ik alleen maar wit. Zoals laatst een ongelooflijk lekkere Weissburgunder. Een onvergetelijke witte wijn uit Bourgogne. Mijn absolute favoriet, een Meursault, ook nog een romanpersonage.

Jammer dat die zo duur is. Een Pouilly-Fuissé. Een Grüner Veltliner die zo lekker, fris, vrolijk was dat m’n mond er zowat van openviel.

Nu ik het erover heb: ik ga daar maar eens een doos van bestellen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.