Arthur van Leeuwen

Tweede Kamer, schaf die ‘sociale’ woningcorporaties toch af

Door Arthur van Leeuwen - 08 december 2014

Minister Stef Blok (VVD) van Volkshuisvesting mag dan de credits krijgen voor het vlot trekken van de huizenmarkt, de maatregelen voor de huurmarkt blijven steken in halfslachtigheid.

Als de Tweede Kamer deze week debatteert en stemt over de nieuwe Woningwet, spitst het debat zich toe op een even vertrouwde als bedenkelijke polderkwestie: wil Nederland voortaan één of twee toezichthouders op de woningcorporaties?

Het antwoord zou moeten zijn: nul toezichthouders en nul corporaties. Maar zo ver reikt de daadkracht helaas niet.

Ontspoord

De parlementaire enquête naar de vraag hoe het toch zou komen dat de ‘sociale huisvesters’ financieel en moreel totaal zijn ontspoord, leverde niets dan voorspelbare antwoorden op. Corporaties mochten als marktpartijen opereren, maar zonder markttucht en in een volstrekt gezagsvacuüm.

Resultaat: hebzuchtige bestuurders en financiële avonturiers die smeten met de centjes van de huurders. Omdat het toezicht bij de sector zelf lag, kon iedereen zijn goddeloze gang gaan.

En ‘de politiek’ keek intussen weg, of bedacht vrolijk peperdure luchtkastelen zoals de Vogelaarwijken. Zeg ‘Vestia’ of ‘Rochdale’, en de huurder daar controleert subiet zijn portemonnee – in zijn vaak slecht onderhouden flat.

Waarom niet ook die laatste stap gezet? In Nederland, een van de welvarendste landen van de wereld, woont één op de drie huishoudens in ‘sociale huurwoningen’.

Dankzij een corporatiewereld die in Den Haag altijd haar belangen stevig wist veilig te stellen, kwam daar de laatste twintig jaar geen enkele verandering in. Dat is niet sociaal, dat is even getikt als een huisvestingsbons in een Maserati.

Bewezen kwaad

De oplossing had moeten luiden: breng het werkelijk behoeftige deel van de bevolking, maximaal 10 procent, onder in een door gemeenten strikt gereguleerd huisvestingsbeleid. Dan is er meteen geen toezichthouder meer nodig.

Breng de rest van de huurhuizen naar de markt, maar dan wel met een doeltreffende wettelijke bescherming van de zittende huurder – wat nu niet het geval is.

Helaas kiest de minister voor een bewezen kwaad: hij wil corporaties laten bestaan én toch nog de vrijheid geven om commerciële activiteiten te ontwikkelen. Dat gaat niet werken.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.