Gertjan van Schoonhoven

Nederland koestert ten onrechte jofel folklore-beeld van misdaad

Door Gertjan van Schoonhoven - 31 maart 2015

Niet alleen de open grenzen geven de misdaad in Nederland vrij spel, ons comfortabele zelfbeeld doet dat ook. We zijn ongeneeslijk verslaafd aan De Neus en De Cock.

Of het nu komt door Albert Cornelis (‘Appie’) Baantjer of door Peter  Rudolf (‘R.’) de Vries, Nederland heeft van misdadigers een folkloristisch beeld, dat elk gezond verstand tart. Baantjer schreef over de knorrige politiespeurneus De Cock (‘Met C-O-C-K’) en De Vries schreef – onder meer – de bijna dertig jaar oude klassieker De ontvoering van Alfred Heineken.

Het is niet dat criminelen in deze boeken en bijbehorende verfilmingen lieverdjes zijn, verre van. Maar uiteindelijk belichamen de boeken wel een geruststellende orde. Uiteindelijk zijn die criminelen geen beroerde gozers; gevormd als ze doorgaans zijn in een of ander smartlappenmilieu in de hoofdstedelijke Jordaan, hebben ze een grote mond en harde vuisten, maar ook een klein hartje.

Bromsnor-achtig

Zeker als ze een dagje ouder worden, zijn ze zoals Willem Holleeder (‘De Neus’) aaibaar genoeg om bij Twan Huys, doorgaans toch een van de grotere moraalridders van de televisie, te mogen verschijnen in College Tour.

De speurneuzen die achter deze aaibare boeven aanzitten, mogen dan vaak een wat klungelige en versleten, kortom au fond Bromsnor-achtige indruk maken, uiteindelijk zegevieren in deze wereldorde de De Cocks. Het goede wint uiteindelijk van het slechte; of liever gezegd: het wat betere van het wat slechtere.

Want uiteindelijk ligt het in deze toffe wereldorde allemaal niet zo zwart-wit. Uiteindelijk zitten rechercheur en boef allebei gemoedelijk bij Ajax op de tribune.

Voor wie nog stiekem geloofde in deze aangeharkte openbare orde, moet het een schokkende week zijn geweest. Ten eerste bleek Nederlands allerfavorietste Jordaanboef (‘topcrimineel’) Willem Holleeder écht door en door slecht te zijn en niet jofel-slecht.

Levenslang

In interviews deden naasten van Holleeder, onder wie zijn zussen, een boekje open over de manier waarop hun broer hen en hun omgeving terroriseerde.  Ze zijn zo bang van hem dat er in hun ogen  maar één oplossing is: hij moet levenslang in de gevangenis verdwijnen.

Oud-journalist Michiel Princen, die tien jaar als ‘zij-instromer’ bij de Amsterdamse recherche werkte, schetst in zijn onlangs verschenen boek De gekooide recherche ook al een heel andere, bepaald niet geruststellende orde: niet de opsporing trekt in Nederland in zijn ogen aan het langste eind, maar de misdaad.

Die heeft geen last van cao’s, uitgeblust personeel en verdeeldheid: politiechefjes die elkaar de tent uitvechten ten bate van het eigen koninkrijkje.

Koninkrijkjes

En dan was er, afgelopen weekeinde in de Volkskrant, de waarschuwing van twee Brabantse PvdA-burgemeesters, Jan Boelhouwer van Gilze en Rijen en Jan Hamming van Heusden, dat als gemeenten niet weerbaarder worden dan ze nu zijn, de onderwereld een verontrustend grote greep op de bovenwereld krijgt, politiek en bestuur incluis.

Is het niet door bedreiging van bestuurders, dan wel door pogingen om de politiek te infiltreren. Van cao’s en eigen koninkrijkjes heeft de misdaad geen last; de drie belangrijkste actoren – motorbendes, kampers en Turkse maffia – weten ‘elkaar steeds beter te vinden, werken heel goed samen’.

Van tafel geveegd

Al deze inzichten zijn niet zo nieuw voor wie heeft opgelet. Maar de dappere getuigenis van de burgemeesters – de meesten houden hun mond – is er niet minder schokkend om. Des te gekker dus – helemáál in een week dat de misdaad in de persoon van de Ware Willem zijn ware gezicht liet zien – dat deze urgente kwestie weer op de gebruikelijke lamlendige manier van tafel werd geveegd.

Turken boos op burgemeesters, politie boos op Princen. Mag je niet zeggen, geen recht van spreken.

Niet alleen de open grenzen geven de misdaad in Nederland vrij spel, ons comfortabele zelfbeeld doet dat ook. Ongeneeslijk verslaafd aan De Neus en De Cock.

Elsevier nummer 14, 4 april 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.