Gerry van der List

Stop de reactionair-feministische kruistocht tegen prostitutie

Door Gerry van der List - 23 juni 2015

Een nieuwe studie zet aan het denken over de gevolgen van een harde aanpak van prostitutie op grond van een vermoeden van enkele misstanden. Mensenhandel moet worden bestreden door opsporing en berechting van de handelaren.

Arme prostituanten. Zij hebben toch al niet zo’n goed imago, maar in Mannen die seks kopen van Renate van der Zee worden ze helemaal neergezet als criminelen en geestelijk gestoorden.

De journalist laat in haar boekje louter kerels aan het woord die niet of nauwelijks plezier beleven aan hun hobby en heeft een seksuoloog gevonden die het bezoeken van prostituees een negatieve ervaring noemt. Dat roept de vraag op waarom zo veel mannen forse bedragen blijven neertellen voor geslachtelijk verkeer.

De publicatie van Van der Zee past in een moderne kruistocht tegen prostitutie, waarbij zich een monsterverbond aftekent van conservatieven en feministen. Kenmerkend was het gezamenlijke bezoek van Myrthe Hilkens van de PvdA en Gert-Jan Segers van de ChristenUnie aan het in hun ogen voorbeeldige Zweden waar klanten van prostituees strafbaar zijn.

Een vreemde situatie. Te vergelijken met een land waarin de verkoop en distributie van bier legaal zijn, maar het kopen van bier verboden is.

De langdradige EO-televisieserie over prostitutie van Jojanneke van den Berge getuigde eveneens van verontwaardiging. Met veel huilverhalen en terloops de mededeling dat 70 procent van de prostituees onvrijwillig werkt. Dit percentage bleek de luie verslaggeefster ergens te hebben gelezen.

Het is gebaseerd op een zeer ruime definitie, met inbegrip van ‘economische dwang’: werken om geld te verdienen. Bijna alle werkzaam­heden worden zo beschouwd dwangmatig verricht. Dit stukje is ook onder dwang geschreven, want als de auteur miljoenen op de bank had staan, had hij nu op het strand van Aruba gelegen zonder zich te bekommeren om columns en deadlines.

Berechting

De tegenstanders van legalisering van prostitutie hebben in Nederland de strijd verloren, maar zij weigeren zich daarbij neer te leggen. Zij proberen steeds nieuwe obstakels op te werpen die in elke andere bedrijfstak ondenkbaar zijn.

Zo is er het wetsvoorstel om de minimumleeftijd van prostituees te verhogen tot 21 jaar. Pure leeftijdsdiscriminatie. Op je achttiende word je in Nederland geacht volwassen te zijn. Je mag dan bijvoorbeeld stemmen en autorijden. Dus is het volstrekte willekeur om een twintigjarige wettelijk te verbieden seksuele handelingen te verrichten tegen betaling.

Symboolpolitiek is het voorstel van de ChristenUnie om het bezoeken van uitgebuite prostituees strafbaar te stellen. Een klant zou in plaats van ‘Wat kost het?’ de vraag ‘Bent u slachtoffer van mensenhandel?’ moeten stellen, om vervolgens het lichaam van zijn dame naar keuze te onderzoeken op sporen van geweld. Een juridische maatregel die in de praktijk natuurlijk niet kan en zal worden gehandhaafd.

De mensenhandel is een ernstig probleem en de bezorgdheid erom terecht. Maar de oplossing ligt in het opsporen en berechten van de mensenhandelaren, niet in het bedenken van allerlei repressieve maatregelen voor de vele sekswerkers en seks­kopers die vrijwillig een economische transactie aangaan.

Zandpad

Het verzet tegen het reactionair-feministische offensief is niet zo groot. Prostituees en hun klanten durven nu eenmaal niet snel hun mond open te trekken.

Een uitzondering zijn een paar vrouwen die werkten aan het Zandpad in Utrecht totdat de gemeente de boel daar sloot wegens de verdenking van mensenhandel. Zij ondernamen juridische stappen, omdat zij gewone zzp’ers zijn die ineens brodeloos werden door toedoen van de lokale overheid. Hun actie sorteerde geen effect; het Zandpad is nog altijd gesloten.

Maar de protesterende prostituees werden in hun gelijk bevestigd door een begin juni gepubliceerd onderzoek onder leiding van de Utrechtse hoogleraar criminologie Dina Siegel. De conclusie op basis van gesprekken met betrokkenen is dat honderden sekswerkers die nog nooit van hun leven een mensenhandelaar hebben gezien, het slachtoffer zijn van ondoordacht, overhaast gemeentebeleid.

Niemand is er wijzer van geworden. De vrouwen zijn er slechter aan toe, financieel, mentaal en fysiek; een deel van de werkzaamheden heeft zich verplaatst; de mogelijkheden om controle uit te oefenen, zijn verminderd.

De studie van Siegel en haar medewerkers zet aan het denken over de gevolgen van een harde aanpak van prostitutie op grond van een vermoeden van enkele misstanden. De slotsom van het rapport heeft de vorm van een zinnig aforisme: wie bordelen sluit, sluit de ogen.

Elsevier nummer 26, 27 juni 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.