René van Rijckevorsel

In één week tijd blikt Nederland terug op twee trauma’s

Door René van Rijckevorsel - 07 juli 2015

Twintig jaar na Srebrenica en één jaar na MH17 stralen de tribunalen en het Internationaal Strafhof vooral machteloosheid uit.

Zaterdag 11 juli is het twintig jaar geleden dat de Bosnische enclave Srebrenica onder toeziend oog van Nederlandse VN-militairen onder de voet werd gelopen door de Bosnische Serviërs onder leiding van generaal Ratko Mladic. Duizenden Bosnische moslims verdwenen van de aardbodem.

De afgelopen weken verschenen boeken (onder meer van Joris Voorhoeve, in 1995 minister van Defensie) en documentaires. Kernvraag: waarom kreeg Nederland op het moment suprême geen luchtsteun van landen die ook actief waren in vredesmacht Unprofor? Was er een geheime afspraak tussen de grote landen?

Ja, die was er. Dat was ook al jaren bekend. Srebrenica moest vallen, om de vrede mogelijk te maken die later in het Amerikaanse Dayton zou worden uitgedokterd en om de levens te redden van elders gegijzelde blauwhelmen.

Srebrenica kon ook makkelijk vallen, omdat de Nederlanders er een onmogelijke missie uitvoerden. Als nog moet worden gezocht naar ‘schuldigen’ van de blamage, dan is niets logischer dan te wijzen op de Tweede Kamer, die onder aanvoering van CDA en PvdA in 1993 zo graag een grote broek aantrok – tegen de zin van Defensie – en besloot dat de luchtmobiele brigade moest worden ingezet in een safe area. De Kamer baseerde zich ook op Voorhoeve, die als directeur van Clingendael had gepleit voor ingrijpen.

De meeste andere Europese landen bedankten voor de eer omdat zij twijfels hadden over het Verenigde Naties-beleid van safe areas. Niet Nederland dus. Dat stuurde doodleuk 1.100 extra militairen met een te beperkte geweldsinstructie – geen pantserwagens en slechts mitrailleurs – naar de meest geïsoleerd liggende enclave in de Bosnische heuvels.

Nederland eiste in ruil niet eens een plaats in de zogenoemde contactgroep, waar de grote beslissingen over Bosnië werden genomen. De Britten hadden een mooie omschrijving van de Nederlanders: that funny pacifist army. Je zou ook kunnen zeggen: those stupid naive politicians.

Opmerkelijke wens

Vrijdag 17 juli is het één jaar geleden dat ‘de MH17’ uit de lucht werd geschoten boven Oekraïne. De Boeing 777 van Malaysia Airlines, van Amsterdam onderweg naar Kuala Lumpur, had 298 inzittenden, onder wie 196 Nederlanders.

Premier Mark Rutte (VVD), die in de tumultueuze weken na het incident zo bewonderenswaardig kalm bleef, zei na het drama: ‘Laat één ding glashelder zijn: we willen de onderste steen boven krijgen.’ Hoewel waarschijnlijk is dat pro-Russische separatisten een raket op het toestel hebben afgevuurd, staat nog altijd niet officieel vast wie de daders zijn.

Die ‘onderste steen’ is dus nog niet boven. Rutte heeft nu gezegd dat hij een VN-tribunaal wil om de schuldigen te vervolgen. Een opmerkelijke wens. De VN-Veiligheidsraad moet toestemming geven voor zo’n tribunaal. En één van de permanente leden met vetorecht is uitgerekend Rusland. Bovendien stralen de bestaande tribunalen en het Internationaal Strafhof vooral machteloosheid uit.

Zo wacht in het Joegoslavië-tribunaal Ratko Mladic, de grootste schurk van Srebrenica, al vier jaar op zijn straf – als die ooit komt.
Heeft ook Rutte een naïef vertrouwen in de VN of wil hij met deze omweg tijd kopen? Want voordat zo’n tribunaal ter stemming komt, zal er veel gedoe zijn. Tijd waarmee de premier nog even zijn gezicht kan redden, maar die de wonden van de nabestaanden niet zal helen.

Elsevier nummer 28, 11 juli 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.