Arendo Joustra

Grenzen open? Aardig in theorie, maar de praktijk is anders

Door Arendo Joustra - 11 augustus 2015

Omdat vluchtelingen en gelukzoekers door zee noch hek zijn tegen te houden, wordt voorgesteld de grenzen dan maar helemaal open te zetten. In theorie leuk, maar onhaalbaar in de praktijk.

Sommige mensen menen dat drugs beter gelegaliseerd kunnen worden omdat de aanvoer toch niet te stoppen is. Alsof daarmee het probleem is opgelost.

Iets dergelijks zie je bij immigratie. Omdat de vluchtelingen en gelukzoekers door zee noch hek zijn tegen te houden, wordt voorgesteld de grenzen dan maar helemaal open te zetten.

Een exponent van deze zienswijze, zo bleek uit een interview in de Volkskrant, is de Nijmeegse hoogleraar Henk van Houtum. Als extra argument beweert hij dat immigratie goed is voor de economie.

Op zich heeft hij daarin gelijk. Immigranten brengen de loonkosten omlaag, omdat ze – om aan de slag te komen – voor ­minder geld willen werken dan de inwoners van het gastland.

Voordeel

Tot zover de theorie. De praktijk in Nederland is anders. Door het minimumloon kunnen immigranten nauwelijks voor een concurrerende prijs werken. Alleen het afschaffen van deze bodem in het loongebouw zou werkgevers een voordeel kunnen bieden en immigranten een baan.

Wat ook niet helpt, zijn de uitgebreide sociale voorzieningen. Die ontnemen veel immigranten de animo om de handen uit de mouwen te steken. Dat kun je ze natuurlijk niet kwalijk nemen. Mensen zijn nu eenmaal liever lui dan moe.

En waarmee de theorie van de ‘open grenzen’ evenmin rekening houdt, is de frictie tussen immigranten en de oorspronkelijke bewoners. Die frictie – onprettig voor beide groepen – heeft ook een prijskaartje.

Dus niet zo defaitistisch zijn over immigratie, maar de grenzen zo goed mogelijk dichthouden.

Elsevier nummer 33, 15 augustus 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.