Gerry van der List

O jee, een pleidooi voor nieuw idealisme in de politiek

Door Gerry van der List - 14 september 2015

De mythe van het economisme, het boek van GroenLinks-leider Jesse Klaver, zal niet de status van een politieke klassieker krijgen. Het is niet duidelijk of Klaver erg naïef is of bewust zijn lezers een rad voor ogen draait

Voor ambitieuze politici is het zaak hun politieke idolen met zorg te kiezen. Het lijkt bijvoorbeeld slim om Nelson Mandela en Mahatma Gandhi als rolmodellen te presenteren, zoals Ahmed Aboutaleb min of meer deed in het televisieprogramma Zomergasten.

Maar dit doet toch wat pathetisch aan voor een Nederlandse bestuurder. Pathos past slecht in de vaderlandse polderpolitiek. De Rotterdamse burgemeester had beter Willem Drees of een andere bescheiden sociaal-democratische voorman als inspirerend voorbeeld kunnen opvoeren.

Jesse Klaver heeft ook een buitenlandse beroemdheid als held gekozen. De nieuwe leider van GroenLinks wordt niet moe te benadrukken dat hij zich laat inspireren door John F. Kennedy. Vreemd. De Amerikaanse president heeft niet zo heel veel gepresteerd. Hij was vooral een praatjesmaker met charisma. Maar de vernieuwingsgezindheid en het idealisme die de Democraat uitstraalde, spreken Jesse Foran Klaver (JFK!) aan.

Tobbend PvdA

Dat Klaver niet terugdeinst voor grote woorden en gebaren, bleek vorige week in de Haagse boekhandel Paagman waar hij een boek presenteerde. De redacteur van de uitgeverij liet in zijn praatje doorschemeren dat de politicus als schrijver geen natuurtalent is, maar vlot praten kan deze als de beste.

Hij heeft bovendien een jongensachtige charme waarmee hij zo veel aandacht trekt dat je geneigd bent te vergeten dat zijn partij in de Tweede Kamer slechts vier zetels heeft.

Dat zullen er na de volgende verkiezingen vast meer worden. Klaver kan kiezers losweken van de tobbende PvdA. Hij pakt het handig aan. Bij Paagman vertelde hij bijvoorbeeld dat hij aanvankelijk bewondering koesterde voor Diederik Samsom, maar dat de sociaal-democratische leider zich heeft laten inpakken door de VVD.

En hij refereert graag aan zijn persoonlijke geschiedenis: de vmbo-leerling uit een gebroken gezin uit Roosendaal die het schopte tot jongste fractievoorzitter in de Tweede Kamer ooit. Dat is nog eens wat anders dan de drs. criminologie met grachtengordel-uitstraling Femke Halsema.

In de Haagse boekenzaak hield Klaver een pleidooi voor ‘nieuw idealisme in de politiek’. O jee. Iedereen weet wat dit betekent bij GroenLinks: veel geld uitgeven. In zijn boek De mythe van het economisme trekt Klaver fel van leer tegen de in zijn ogen overheersende neiging alle politieke vraagstukken terug te brengen tot financieel-economische kwesties.

Den Haag zou in de ban zijn van een ‘impliciete ideologie’ met een aantal dogma’s. Zoals het idee dat een onzichtbare hand op de vrije markt leidt tot een optimaal resultaat en dat collectieve uitgaven per definitie een probleem vormen.

Het is niet duidelijk of Klaver dit nu werkelijk gelooft of dat hij zijn lezers bewust een progressief rad voor ogen draait in de hoop de aantrekkingskracht van zijn eigen partijtje te vergroten. Bijna nergens ter wereld regelt de overheid zo veel dingen als in Nederland, bijna nergens zijn de belastingen en collectieve lastendruk zo hoog, bijna nergens worden zo veel maatregelen genomen om minima te helpen.

Het is het goed recht van een linkse politicus om te pleiten voor nog meer staatsinterventie. Maar het is een kwalijke vorm van misleiding om de indruk te wekken dat de grote politieke partijen de vrije markt heilig hebben verklaard.

De mythe van het economisme zal niet de status van een politieke klassieker krijgen. De auteur heeft inmiddels echter wel een hoop gratis publiciteit gekregen. Klaver mocht zelfs opdraven in de talkshow De Wereld Draait Door, waarvan de presentator al meerdere malen heeft laten weten de modale politicus maar een vervelende gast te vinden.

Leuke dingen

Idealisme doet het goed in de media. Althans, een bepaalde vorm van idealisme. Een van de waardevolste politieke doelstellingen is het drastisch terugdringen van de staatsschuld. Dit streven is sociaal en zelfs ‘duurzaam’, omdat het volgende generaties minder laat opdraaien voor onze pleziertjes. Bovendien schept het ruimte voor leuke dingen door de reductie van de forse rente die nu is verschuldigd.

Maar een voorstander van de sanering van overheidsfinanciën staat snel te boek als een kille boekhouder, als een ‘economist’ die geen oog heeft voor het belang van idealen. In de strijd om de gunst van de kiezer is dit qua beeldvorming een slag die linkse politici helaas al lang hebben gewonnen.

Elsevier nummer 38, 19 september 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.